52006PC0464

Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende het standpunt van de Gemeenschap in de Internationale Koffieraad met betrekking tot de verlenging van de Internationale Koffieovereenkomst van 2001 /* COM/2006/0464def. */


NL

Brussel, 23.8.2006

COM(2006) 464 definitief

2006/0157 (ACC)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

betreffende het standpunt van de Gemeenschap in de Internationale Koffieraad met

betrekking tot de verlenging van de Internationale

Koffieovereenkomst van 2001

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

De Internationale Koffieovereenkomst van 2001 is bij Besluit 2001/877/EG van de Raad van 24 september 2001 namens de Europese Gemeenschap gesloten. De Overeenkomst is op 1 oktober 2001 voorlopig en op 17 mei 2005 definitief in werking getreden. Zij verstrijkt op 24 september 2007, tenzij zij wordt verlengd.

Op de bijeenkomst van de Internationale Koffieraad, die in september 2006 in Londen zal plaatsvinden, kunnen de leden overeenkomstig artikel 52, lid 2, van de Overeenkomst worden verzocht een resolutie goed te keuren met het oog op de verlenging van de huidige overeenkomst van 2001 met een of meer periodes waarvan de totale duur niet meer dan zes jaar bedraagt, zodat er voldoende tijd voor onderhandelingen over wijzigingen of een opvolgingsovereenkomst beschikbaar is.

De overeenkomstsluitende partijen moeten het hoofdkantoor van de Verenigde Naties in New York vóór het verstrijken van de huidige overeenkomst mededelen of zij met een verlenging instemmen. De Europese Gemeenschap neemt aan de overeenkomst deel overeenkomstig haar exclusieve bevoegdheid. Besluit 2001/877/EG machtigt de lidstaten evenwel om de Koffieovereenkomst van 2001 tegelijk met de Gemeenschap te sluiten teneinde tijdelijke operationele problemen te voorkomen. Het zou daarom ook nodig kunnen zijn dat sommige lidstaten hun nationale grondwettelijke procedures in werking stellen om met een verlenging van de Koffieovereenkomst van 2001 te kunnen instemmen.

Overeenkomstig de rechtsgrondslag houdt het voorgestelde besluit geen wijziging in van de bijdrage van de Europese Gemeenschap tot de administratieve begroting van de Internationale Koffieorganisatie, die voor ieder koffiejaar verschuldigd blijft.

Het doel van dit voorstel is de Europese Gemeenschap te machtigen om voor de verlenging van de Overeenkomst te stemmen.

De Commissie stelt dan ook voor dat de Raad het aangehechte besluit goedkeurt.

2006/0157 (ACC)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

betreffende het standpunt van de Gemeenschap in de Internationale Koffieraad met

betrekking tot de verlenging van de Internationale

Koffieovereenkomst van 2001

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 133 in samenhang met artikel 300, lid 2,

Gezien het voorstel van de Commissie [1],

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Internationale Koffieovereenkomst van 2001 is bij Besluit 2001/877/EG van de Raad [2] op 24 september 2001 namens de Europese Gemeenschap ondertekend en gesloten.

(2) Krachtens artikel 52, leden 1 en 2, verstrijkt de Internationale Koffieovereenkomst van 2001 op 30 september 2007, tenzij zij bij besluit van de Internationale Koffieraad wordt verlengd met een of meer periodes waarvan de totale duur niet meer dan zes jaar bedraagt.

(3) Indien de overeenkomstsluitende partijen bij de Internationale Koffieovereenkomst van 2001 met een verlenging van de Overeenkomst instemmen, moeten zij het hoofdkantoor van de Verenigde Naties in New York daarvan in kennis stellen.

(4) De verlenging van de Overeenkomst is in het belang van de Europese Gemeenschap.

(5) Het standpunt van de Europese Gemeenschap in de Internationale Koffieraad moet worden vastgesteld,

BESLUIT:

Enig artikel

De Europese Gemeenschap zal in de Internationale Koffieraad stemmen voor de verlenging van de Internationale Koffieovereenkomst van 2001 met een of meer periodes met een totale duur van niet meer dan zes jaar en zij zal de secretaris-generaal van de Verenigde Naties van deze verlenging in kennis stellen.

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad

De voorzitter

FINANCIEEL MEMORANDUM

Dit document dient als aanvulling op de toelichting. Vul dit financieel memorandum dus in zonder informatie uit de toelichting te herhalen, voorzover de leesbaarheid dit toelaat. Lees voor het invullen de specifieke richtsnoeren voor de onderstaande punten.

1. BENAMING VAN HET VOORSTEL: Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende het standpunt van de Gemeenschap in de Internationale Koffieraad met betrekking tot de verlenging van de Internationale Koffieovereenkomst van 2001

2. ABM / ABB-KADER

Betrokken beleidsterrein(en) en bijbehorende activiteit(en):

Buitenlandse betrekkingen, Ontwikkeling en Betrekkingen met de ACS-landen. Verplichtingen tegenover de internationale grondstoffenorganisaties

3. BEGROTINGSONDERDELEN

3.1. Begrotingsonderdelen (beleidsuitgaven en bijbehorende uitgaven voor technische en administratieve bijstand (vroegere BA-onderdelen)) inclusief omschrijving:

21 07 04 Grondstoffenovereenkomst

3.2. Duur van de actie en van de financiële gevolgen:

Ten hoogste zes jaar, tenzij de overeenkomst intussen wordt verlengd.

3.3. Begrotingskenmerken (voeg zo nodig rijen toe) :

Begrotingsonderdeel | Soort uitgave | Nieuw | Bijdrage EVA | Bijdragen kandidaat-lidstaten | Rubriek financiële vooruitzichten |

| Verplicht | GK [3]/ | NEE | NEE | NEE | nr. [ 4 ] |

| | | | | | |

4. OVERZICHT VAN DE MIDDELEN

4.1. Financiële middelen

4.1.1. Overzicht van de vastleggingskredieten (VK) en betalingskredieten (BK)

in miljoen EUR (tot op 3 decimalen)

Soort uitgave | Punt nr. | | Jaar n | n + 1 | n + 2 | n + 3 | n + 4 | n + 5 e.v. | Totaal |

Beleidsuitgaven [4] | | | | | | | | |

VK | 8.1 | A | 1,250 | 1,312 | 1,378 | 1,447 | 1,519 | 1,595 | 8,501* |

BK | | B | 1,250 | 1,312 | 1,378 | 1,447 | 1,519 | 1,595 | 8,501 |

* Bij de berekening wordt uitgegaan van een jaarlijkse gemiddelde stijging van 5%.Administratieve uitgaven binnen het referentiebedrag [5] | | | | |

Technische & administratieve bijstand (NGK) * | 8.2.4 | C | | | | | | | |

* Geen technische en administratieve bijstand vereist. TOTAAL REFERENTIEBEDRAG | | | | | | | |

VK | | a+c | 1,250 | 1,312 | 1,378 | 1,447 | 1,519 | 1,595 | 8,501 |

BK | | b+c | 1,250 | 1,312 | 1,378 | 1,447 | 1,519 | 1,595 | 8,501 |

Administratieve uitgaven die niet in het referentiebedrag zijn begrepen [6]* Geen technische en administratieve bijstand vereist. | | |

Personeelsuitgaven en aanverwante uitgaven (NGK) | 8.2.5 | D | | | | | | | |

Andere administratieve uitgaven dan personeelsuitgaven en aanverwante uitgaven, die niet in het referentiebedrag zijn begrepen (NGK) | 8.2.6 | E | | | | | | | |

Totale indicatieve kosten van de maatregel

TOTAAL VK inclusief personeels-uitgaven | | a+c+d+e | 1,250 | 1,312 | 1,378 | 1,447 | 1,519 | 1,595 | 8,501 |

TOTAAL BK inclusief personeels-uitgaven | | b+c+d+e | 1,250 | 1,312 | 1,378 | 1,447 | 1,519 | 1,595 | 8,501 |

Medefinanciering

Geen medefinanciering

4.1.2. Verenigbaarheid met de financiële programmering

X Het voorstel is verenigbaar met de bestaande financiële programmering.

Het voorstel vergt herprogrammering van de betrokken rubriek van de financiële vooruitzichten.

Het voorstel vergt wellicht toepassing van het Interinstitutioneel Akkoord [7] (flexibiliteitsinstrument of herziening van de financiële vooruitzichten).

4.1.3. Financiële gevolgen voor de ontvangsten

X Het voorstel heeft geen financiële gevolgen voor de ontvangsten.

Het voorstel heeft de volgende financiële gevolgen voor de ontvangsten:

4.2. Personele middelen VTE (inclusief ambtenaren, tijdelijk personeel en extern personeel) – zie punt 8.2.1.

In de behoeften aan personele en administratieve middelen wordt voorzien uit de toewijzing voor het beherend DG in het kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure.

5. KENMERKEN EN DOELSTELLINGEN

Gegevens over de context van het voorstel moeten in de toelichting worden verstrekt. Geef in dit deel van het financieel memorandum de volgende aanvullende informatie:

5.1. Behoefte waarin op korte of lange termijn moet worden voorzien.

Krachtens een besluit van de Raad moet de Gemeenschap partij bij de Internationale Koffieovereenkomst zijn.

5.2. Meerwaarde van het communautaire optreden, samenhang van het voorstel met andere financiële instrumenten en mogelijke synergie.

Het huidige lidmaatschap van de Internationale Koffieorganisatie is het resultaat van de gebruikelijke brede aanpak van de Gemeenschap bij de ondertekening en sluiting van internationale grondstoffenovereenkomsten als instrument om uitwisselingen en handelsbetrekkingen tussen in- en uitvoerders te vergemakkelijken. Deze aanpak bevordert de ontwikkeling en beantwoordt aan het mandaat van DG DEV om bij te dragen tot beleidsuitstippeling op verschillende communautaire beleidsterreinen zoals handel, milieu, landbouw en duurzame ontwikkeling alsmede andere beleidslijnen met een externe dimensie. In het specifieke geval van deze internationale overeenkomst heeft de Raad ook de exclusieve bevoegdheid van de Commissie op grond van artikel 133 erkend. De belangrijkste doelstellingen van de overeenkomst zijn: bevordering van internationale samenwerking op koffiegebied; een forum voor intergouvernementeel overleg bieden; streven naar middelen om een redelijk evenwicht tussen vraag en aanbod van koffie te bereiken tegen eerlijke consumentenprijzen en lonende producentenprijzen; bevorderen van uitbreiding en transparantie van de internationale koffiehandel; leden aanmoedigen om een duurzame koffie-economie te ontwikkelen. Deze overeenkomst heeft een politiek, administratief en economisch karakter. Een duidelijke positieve indicator om de verwezenlijking van deze doelstellingen te meten is de unanieme bereidheid van de leden om de internationale samenwerking via deze overeenkomst voort te zetten.

Het voorstel is in overeenstemming met andere financiële instrumenten voor de deelname van de EG aan internationale organisaties. In de huidige fase is geen synergie mogelijk.

5.3. Doelstellingen, verwachte resultaten en bijbehorende indicatoren van het voorstel in de context van het ABM

In het kader van het ABM wil dit voorstel bijdragen tot de doelstelling om de rol van de Commissie als intellectueel referentiepunt voor ontwikkeling te bevorderen en zorgt het voor een daadwerkelijke deelname aan het internationaal beleidsdebat.

De belangrijkste prestatie-indicatoren zijn de standpunten van de EU in grote internationale initiatieven, verdragen, fora en platforms, in overeenstemming met de lidstaten. Als effectindicator kan worden genomen de mate waarin de standpunten van de EU in internationale partnerschappen, fondsen en fora tot uiting komen.

Het doel van het voorstel is de Commissie te machtigen namens de Gemeenschap uiting te geven aan de wens tot verlenging van de Koffieovereenkomst en daardoor de verlenging van de overeenkomst voor een periode van ten hoogste zes jaar mogelijk te maken. Het doel van deze verlenging is de nodige tijd te bieden voor onderhandelingen over een wijziging van de huidige overeenkomst of over een nieuw rechtsinstrument alvorens de huidige overeenkomst verstrijkt. De Commissie heeft er bijgevolg belang bij overeenkomstig het mandaat dat de lidstaten haar hebben verleend, de goedkeuring van dit voorstel in het kader van haar bevoegdheden voor te stellen.

5.4. Wijze van uitvoering (indicatief)

Voor de uitvoering van de actie gekozen methode(n) [8]

| ٱ Gecentraliseerd beheer |

| X Rechtstreeks door de Commissie |

| | ٱ Gedelegeerd aan: |

| | | ٱ Uitvoerende agentschappen |

| | | ٱ Door de Gemeenschappen opgerichte organen als bedoeld in artikel 185 van het Financieel Reglement |

| | | ٱ Nationale publiekrechtelijke organen of organen met een openbaredienstverleningstaak |

| ٱ Gedeeld of gedecentraliseerd beheer |

| | ٱ Met lidstaten |

| | ٱ Met derde landen |

| ٱ Gezamenlijk beheer met internationale organisaties (geef aan welke) |

Opmerkingen:

6. TOEZICHT EN EVALUATIE

6.1. Toezicht

De diensten van de Commissie zijn regelmatig aanwezig bij de Raadszittingen en de vergaderingen van het financieel comité van de Internationale Koffieorganisatie. Deze twee organen hebben tot taak de administratieve begroting en de daaraan verbonden bijdragen voor te stellen en goed te keuren. De administratieve begroting, de aanwending daarvan en de financiële situatie van de uitgaven en rekeningen van de Internationale Koffieorganisatie kunnen door de leden worden ingekeken.

6.2. Evaluatie

6.2.1. Evaluatie vooraf

Evaluatie van de verenigbaarheid van het jaarlijks voorstel met ons financieel beleid.

6.2.2. Naar aanleiding van een tussentijdse evaluatie of evaluatie achteraf genomen maatregelen (ervaring die bij soortgelijke activiteiten in het verleden is opgedaan).

Deze maatregel vindt zo nodig plaats naar aanleiding van nieuwe onderhandelingen.

6.2.3. Vorm en frequentie van toekomstige evaluaties

7. FRAUDEBESTRIJDINGSMAATREGELEN

De Commissie zal zorgen voor permanent toezicht op het administratief beheer van de financiële middelen van de Internationale Koffieorganisatie.

De Internationale Koffieorganisatie is bereid OLAF en alle andere financiële en controlediensten toegang tot haar documenten en boekhouding te verlenen indien de Commissie daarom verzoekt.

8. MIDDELEN

8.1. Financiële kosten van de doelstellingen van het voorstel

Vastleggingskredieten, in miljoen EUR (tot op 3 decimalen)

(Vermeld de doelstellingen, acties en outputs) | Soort output | Gem. kosten | Jaar n | Jaar n+1 | Jaar n+2 | Jaar n+3 | Jaar n+4 | Jaar n+5 e.v. | TOTAAL |

| | | Aantal | Totale kosten | Aantal | Totale kosten | Aantal | Totale kosten | Aantal | Totale kosten | Aantal | Totale kosten | Aantal | Totale kosten | Aantal | Totale kosten |

OPERATIONELE DOELSTELLING Nr. 1 [9]……… | Bijdragen tot de internationale grondstoffenorganisaties | | 1 | 1,250 | 1 | 1,312 | 1 | 1,378 | 1 | 1,447 | 1 | 1,519 | 1 | 1,595 | 6 | 8,501 |

|

|

|

|

|

|

|

|

|

|

|

TOTALE KOSTEN | 1 | | 1 | 1,250 | 1 | 1,312 | 1 | 1,378 | 1 | 1,447 | 1 | 1,519 | 1 | 1,595 | 6 | 8,501 |

8.2. Administratieve uitgaven

8.2.1. Aantal en soort personeelsleden

In de behoeften aan personele en administratieve middelen wordt voorzien uit de toewijzing voor het beherend DG in het kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure. De personele en administratieve uitgaven worden opgenomen in de normale toewijzing van het DG.

Soort post | | Huidig of extra personeel dat zal worden ingezet voor het beheer van de actie (aantal posten/VTE) |

| | Jaar n | Jaar n+1 | Jaar n+2 | Jaar n+3 | Jaar n+4 | Jaar n+5 |

Ambtenaren of tijdelijk personeel [10] (XX 01 01) | A*/AD | | | | | | |

| B*, C*/AST | | | | | | |

Uit art. XX 01 02 gefinancierd personeel [11] | | | | | | |

Uit art. XX 01 04/05 gefinancierd ander personeel [12] | | | | | | |

TOTAAL | | | | | | |

8.2.2. Omschrijving van de taken die uit de actie voortvloeien

Deelname aan vergaderingen, bestudering van documenten, besprekingen met de lidstaten binnen de Raad en ten slotte onderhandelingen in het kader van de Internationale Koffieorganisatie.

8.2.3. Herkomst van het (statutaire) personeel

(Wanneer meer dan een bron wordt vermeld, geef dan het aantal posten per bron)

Posten die momenteel zijn toegewezen aan het beheer van het te vervangen of te verlengen programma

Posten die al zijn toegewezen in het kader van de JB/VOB-procedure voor jaar n

Posten waarom in het kader van de volgende JBS/VOB-procedure zal worden gevraagd

Bestaande posten binnen de beherende dienst die worden heringedeeld (interne herindeling)

Posten die voor jaar n nodig zijn maar die in het kader van de JBS/VOB-procedure voor dat jaar nog niet zijn toegewezen

8.2.4. Andere administratieve uitgaven binnen het referentiebedrag (XX 01 04/05 – Uitgaven voor administratief beheer)

Niet van toepassing

8.2.5. Personeelsuitgaven en aanverwante uitgaven die niet in het referentiebedrag zijn begrepen.

In de behoeften aan personele en administratieve middelen wordt voorzien uit de toewijzing voor het beherend DG in het kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure. De personele en administratieve uitgaven worden opgenomen in de normale toewijzing van het DG.

[1] PB C xxx blz. xx.

[2] PB L 326 van 11.12.2001, blz. 22.

[3] Gesplitste kredieten.

[4] Uitgaven die niet onder hoofdstuk xx 01 van de betrokken titel xx vallen.

[5] Uitgaven in het kader van artikel xx 01 04 van titel xx.

[6] Uitgaven in het kader van hoofdstuk xx 01, met uitzondering van de artikelen xx 01 04 en xx 01 05.

[7] Zie punten 19 en 24 van het Interinstitutioneel Akkoord.

[8] Verstrek, indien meer dan een methode wordt aangekruist, extra informatie onder Opmerkingen.

[9] Zoals beschreven in punt 5.3.

[10] Waarvan de kosten NIET door het referentiebedrag worden gedekt.

[11] Waarvan de kosten NIET door het referentiebedrag worden gedekt.

[12] Waarvan de kosten door het referentiebedrag worden gedekt.

--------------------------------------------------