|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2024/2839 |
8.5.2024 |
P9_TA(2023)0377
Verzoek om verdediging van de immuniteit van Stefano Maullu
Besluit van het Europees Parlement van 9 november 2023 over het verzoek om verdediging van de voorrechten en immuniteiten van Stefano Maullu (2023/2038(IMM))
(C/2024/2839)
Het Europees Parlement,
|
— |
gezien het op 17 maart 2023 gedateerde verzoek van Stefano Maullu tot verdediging van zijn voorrechten en immuniteiten in het kader van een strafrechtelijke vervolging die in behandeling is bij de rechterlijke instantie in eerste aanleg te Venetië, van de ontvangst waarvan op 29 maart 2023 ter plenaire vergadering kennis werd gegeven, |
|
— |
na Stefano Maullu te hebben gehoord, overeenkomstig artikel 9, lid 6, van zijn Reglement, |
|
— |
gezien de artikelen 8 en 9 van protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie, en artikel 6, lid 2, van de Akte van 20 september 1976 betreffende de verkiezing van de leden van het Europees Parlement door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen, |
|
— |
gezien de arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 21 oktober 2008, 19 maart 2010, 6 september 2011, 17 januari 2013 en 19 december 2019 (1), |
|
— |
gezien artikel 5, lid 2, en de artikelen 7 en 9 van zijn Reglement, |
|
— |
gezien het verslag van de Commissie juridische zaken (A9-0318/2023), |
|
A. |
overwegende dat Stefano Maullu, een in Italië verkozen lid van het Europees Parlement van 13 juli 2015 tot en met 1 juli 2019, een verzoek heeft ingediend tot verdediging van zijn parlementaire immuniteit in het kader van een strafrechtelijke vervolging die tegen hem in behandeling is bij de rechterlijke instantie in eerste aanleg te Venetië wegens het beledigen van de eer en het aanzien van de hoofdaanklager bij het hof van beroep te Brescia, op grond van artikel 595, leden 1, 2, en 3, van het Italiaanse wetboek van strafrecht en artikel 13 van de Italiaanse wet nr. 47 van 8 februari 1948; |
|
B. |
overwegende dat deze vervolging is gebaseerd op verklaringen die Stefano Maullu heeft afgelegd en die op 5 april 2018 in een Italiaanse krant zijn gepubliceerd; overwegende dat in deze verklaringen een opmerking stond met betrekking tot een interview over het thema vuurwapens dat de hoofdaanklager bij het hof van beroep te Brescia aan een andere Italiaanse krant had gegeven; overwegende dat deze opmerking aantijgingen bevatte die door de betrokkene als beledigend werden ervaren; |
|
C. |
overwegende dat de parlementaire immuniteit overeenkomstig artikel 5, lid 2, van zijn Reglement geen persoonlijk voorrecht van een lid is, maar een waarborg voor de onafhankelijkheid van het Parlement als geheel en van zijn leden, en overwegende dat de parlementaire immuniteit bedoeld is om het Parlement en zijn leden te beschermen tegen gerechtelijke procedures in verband met activiteiten die in de uitoefening van parlementaire taken zijn verricht en die niet van die taken kunnen worden gescheiden; |
|
D. |
overwegende dat een verklaring die een lid buiten het Europees Parlement aflegt, enkel en alleen een mening kan vormen die in de uitoefening van zijn of haar ambt wordt uitgebracht in de zin van artikel 8 van Protocol nr. 7, wanneer de aard en de inhoud ervan rechtstreeks en duidelijk verband houdt met de uitoefening van het ambt van het lid in het Europees Parlement; |
|
E. |
overwegende dat het gestelde strafbare feit in dit geval geen betrekking heeft op een mening of een stem die Stefano Maullu heeft uitgebracht in de uitoefening van zijn ambt als lid van het Europees Parlement in de zin van artikel 8 van Protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie; |
|
F. |
overwegende dat artikel 9 van Protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie alleen van toepassing is op de leden van het Europees Parlement; overwegende dat Stefano Maullu lid was van het Europees Parlement tot 1 juli 2019; overwegende dat het verlies van de status van lid van het Europees Parlement gepaard gaat met het verlies van de bijbehorende immuniteit, waarvan de duur krachtens artikel 9 van Protocol nr. 7 beperkt is tot dat mandaat (2); |
|
1. |
besluit de voorrechten en immuniteiten van Stefano Maullu niet te verdedigen; |
|
2. |
verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en het verslag van zijn bevoegde commissie onmiddellijk te doen toekomen aan de bevoegde Italiaanse autoriteiten en aan Stefano Maullu. |
(1) Arrest van het Hof van Justitie van 21 oktober 2008, Marra/De Gregorio en Clemente, C-200/07 en C-201/07, ECLI:EU:C:2008:579; arrest van het Gerecht van 19 maart 2010, Gollnisch/Parlement, T-42/06, ECLI:EU:T:2010:102; arrest van het Hof van Justitie van 6 september 2011, Patriciello, C-163/10, ECLI:EU:C:2011:543; arrest van het Gerecht van 17 januari 2013, Gollnisch/Parlement, T-346/11 en T-347/11, ECLI:EU:T:2013:23; arrest van het Hof van Justitie van 19 december 2019, Junqueras Vies, C-502/19, ECLI:EU:C:2019:1115.
(2) Beschikking van het Gerecht van 15 december 2017, Marion Le Pen/Parlement, T-284/17, punt 28, ECLI:EU:T:2017:939.
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/2839/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)