European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2025/187

3.2.2025

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2025/187 VAN DE COMMISSIE

van 31 januari 2025

tot rectificatie van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 tot verlening van een vergunning voor appelzuur, citroenzuur geproduceerd door Aspergillus niger DSM 25794 of CGMCC 4513/CGMCC 5751 of CICC 40347/CGMCC 5343, sorbinezuur en kaliumsorbaat, azijnzuur, natriumdiacetaat en calciumacetaat, propionzuur, natriumpropionaat, calciumpropionaat en ammoniumpropionaat, mierenzuur, natriumformiaat, calciumformiaat en ammoniumformiaat, en melkzuur geproduceerd door Bacillus coagulans (LMG S-26145 of DSM 23965), of Bacillus smithii (LMG S-27890) of Bacillus subtilis (LMG S-27889) en calciumlactaat als toevoegingsmiddelen voor diervoeding voor bepaalde diersoorten

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1), en met name artikel 9, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het gebruik van azijnzuur, natriumdiacetaat en calciumacetaat als toevoegingsmiddelen voor diervoeding is bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 van de Commissie (2) voor een periode van 10 jaar toegestaan voor pluimvee, varkens en gezelschapsdieren met een maximumgehalte van 2 500 mg/kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 %, en voor alle andere diersoorten dan vissen zonder maximumgehalte. Volgens de adviezen van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid van 1 februari 2012 (3) en 6 mei 2021 (4) geldt echter alleen voor herkauwers dat de veiligheid van het gebruik van de drie betrokken toevoegingsmiddelen is aangetoond zonder dat een maximumgehalte hoeft te worden vastgesteld.

(2)

In de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 is voor de toevoegingsmiddelen natriumdiacetaat (aangeduid als “1a262”) en calciumacetaat (aangeduid als “1a263”) ten onrechte een vermelding van het vaste-stofgehalte toegevoegd in de kolom “Samenstelling, chemische formule, beschrijving, analysemethode” onder het kopje “Karakterisering van de werkzame stof”.

(3)

In de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 zijn voor het toevoegingsmiddel natriumdiacetaat (aangeduid als “1a262”) de samenstelling van het toevoegingsmiddel en de karakterisering van de werkzame stof verkeerd aangegeven.

(4)

In de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 moet voor het toevoegingsmiddel melkzuur (aangeduid als “1a270”) de kolom “Maximumgehalte” betrekking hebben op het gehalte aan de werkzame stof in plaats van op het gehalte aan het toevoegingsmiddel.

(5)

Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 moet daarom dienovereenkomstig worden gerectificeerd.

(6)

Aangezien er geen veiligheidsredenen zijn die de onmiddellijke toepassing van de correcties van de vergunningsvoorwaarden voor de toevoegingsmiddelen azijnzuur, natriumdiacetaat en calciumacetaat vereisen, moet een overgangsperiode worden vastgesteld om belanghebbende partijen in staat te stellen zich voor te bereiden om te voldoen aan de eisen die uit die correcties voortvloeien.

(7)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Rectificatie

De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 wordt als volgt gerectificeerd:

1)

de derde kolom “Samenstelling, chemische formule, beschrijving, analysemethode” wordt als volgt gerectificeerd:

a)

in vermelding 1a263 betreffende calciumacetaat worden uit de tekst onder het kopje “Karakterisering van de werkzame stof” de woorden “Vaste-stofgehalte ≤ 30 mg/kg” geschrapt;

b)

in vermelding 1a262 betreffende natriumdiacetaat wordt de tekst onder de kopjes “Samenstelling van het toevoegingsmiddel” en “Karakterisering van de werkzame stof” vervangen door:

“Samenstelling van het toevoegingsmiddel

Natriumdiacetaat ≥ 97 %

Vaste vorm

Karakterisering van de werkzame stof

Natriumdiacetaat (watervrij en trihydraat) NaC4H7O4

CAS-nr.: 126-96-5

Natriumacetaat ≥ 58 %

Azijnzuur ≥ 39 %

Watergehalte ≤ 2 %

Mierenzuur en zouten daarvan en andere oxiderende stoffen ≤ 1 g/kg

Geproduceerd door chemische synthese”;

2)

in de vierde kolom “Diersoort of -categorie” wordt in de vermeldingen 1a260 betreffende azijnzuur, 1a262 betreffende natriumdiacetaat en 1a263 betreffende calciumacetaat de diercategorie “Pluimvee/Varkens/Gezelschapsdieren” vervangen door “Alle diersoorten met uitzondering van vissen en herkauwers” en de diercategorie “Alle andere diersoorten dan vissen” door “Herkauwers”;

3)

in de zesde kolom “Minimumgehalte/Maximumgehalte” wordt in vermelding 1a270 betreffende melkzuur de titel “mg/kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 %” vervangen door “mg werkzame stof/kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 %”.

Artikel 2

Overgangsmaatregelen

1.   De toevoegingsmiddelen azijnzuur (aangeduid als “1a260”), natriumdiacetaat (aangeduid als “1a262”) en calciumacetaat (aangeduid als “1a263”), en de voormengsels die deze stoffen bevatten, die vóór 23 augustus 2025 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 23 februari 2025 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt totdat de bestaande voorraden zijn uitgeput.

2.   De mengvoeders en voedermiddelen die de in lid 1 vermelde toevoegingsmiddelen of voormengsels bevatten, en die vóór 23 februari 2026 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 23 februari 2025 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt totdat de bestaande voorraden zijn uitgeput, wanneer zij bestemd zijn voor voedselproducerende dieren.

3.   De mengvoeders en voedermiddelen die de in lid 1 vermelde toevoegingsmiddelen of voormengsels bevatten, en die vóór 23 februari 2027 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 23 februari 2025 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt totdat de bestaande voorraden zijn uitgeput, wanneer zij bestemd zijn voor niet-voedselproducerende dieren.

Artikel 3

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 31 januari 2025.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2003/1831/oj.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) 2022/415 van de Commissie van 11 maart 2022 tot verlening van een vergunning voor appelzuur, citroenzuur geproduceerd door Aspergillus niger DSM 25794 of CGMCC 4513/CGMCC 5751 of CICC 40347/CGMCC 5343, sorbinezuur en kaliumsorbaat, azijnzuur, natriumdiacetaat en calciumacetaat, propionzuur, natriumpropionaat, calciumpropionaat en ammoniumpropionaat, mierenzuur, natriumformiaat, calciumformiaat en ammoniumformiaat, en melkzuur geproduceerd door Bacillus coagulans (LMG S-26145 of DSM 23965), of Bacillus smithii (LMG S-27890) of Bacillus subtilis (LMG S-27889) en calciumlactaat als toevoegingsmiddelen voor diervoeding voor alle diersoorten (PB L 85 van 14.3.2022, blz. 6, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2022/415/oj).

(3)   EFSA Journal 2012;10(2):2571.

(4)   EFSA Journal 2021;19(6):6615.


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2025/187/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)