31997F0011

97/11/JBZ: Gemeenschappelijk Optreden van 16 december 1996 door de Raad aangenomen op basis van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzake een uniform model voor verblijfstitels

Publicatieblad Nr. L 007 van 10/01/1997 blz. 0001 - 0004
C 193 19/06/1998 P. 0001


GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN van 16 december 1996 door de Raad aangenomen op basis van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzake een uniform model voor verblijfstitels (97/11/JBZ)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzonderheid op artikel K.3, lid 2, onder b),

Overwegende dat in artikel K.1, lid 3, van het Verdrag is bepaald dat het immigratiebeleid en het beleid ten aanzien van onderdanen van derde landen een aangelegenheid van gemeenschappelijk belang is;

Overwegende dat het wenselijk is het model van door de Lid-Staten aan onderdanen van derde landen afgegeven verblijfstitels te harmoniseren;

Overwegende dat het van wezenlijk belang is dat het uniforme model voor verblijfstitels alle noodzakelijke gegevens bevat en aan zeer hoge technische normen, meer bepaald met betrekking tot de garanties tegen namaak en vervalsing, voldoet en voor alle Lid-Staten goed bruikbaar is; dat het model tevens met het blote oog duidelijk waarneembare algemeen herkenbare veiligheidskenmerken moet hebben;

Overwegende dat dit gemeenschappelijk optreden slechts de niet-geheime specificaties van het model behelst; dat deze specificaties dienen te worden aangevuld met bijkomende specificaties, uitgezonderd persoonsgegevens of verwijzingen naar dergelijke gegevens, die geheim moeten blijven teneinde namaak en vervalsing te verhinderen; dat de Raad deze aanvullende specificaties dient vast te stellen;

Overwegende dat het eveneens van wezenlijk belang is dat elke Lid-Staat niet meer dan één organisatie aanwijst die verantwoordelijk is voor het drukken van het uniforme model voor verblijfstitels teneinde te waarborgen dat de bedoelde informatie niet voor meer personen dan noodzakelijk toegankelijk wordt, waarbij het de Lid-Staten vrij moet staan zo nodig van organisatie te veranderen; dat elke Lid-Staat om veiligheidsredenen de naam van de gekozen organisatie aan de Raad en aan de Commissie dient mede te delen;

Overwegende dat, met het oog op de persoonsgegevens die overeenkomstig de bijlage bij dit gemeenschappelijk optreden op het uniforme model voor verblijfstitels moeten worden vermeld, gewaarborgd dient te worden dat de van toepassing zijnde bepalingen inzake de bescherming van gegevens worden nageleefd,

HEEFT HET VOLGENDE GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VASTGESTELD:

Artikel 1

Verblijfstitels die door Lid-Staten worden afgegeven aan onderdanen van derde landen hebben een uniform model en bevatten ruimte voor de informatie als vervat in de bijlage bij dit gemeenschappelijk optreden.

Het uniforme model kan als zelfklever of als zelfstandig document worden gebruikt.

Het staat elke Lid-Staat vrij om in het uniforme model op de daartoe bestemde plaats aanvullende relevante gegevens over de aard van de titel en over de betrokkene op te nemen, onder meer over de vraag of hij werk mag verrichten.

Artikel 2

1. De technische specificaties voor het opnemen van de in de bijlage vervatte informatie op het informatiemodel verblijfstitel worden onverwijld door de Raad vastgesteld.

Bijkomende technische specificaties die het namaken en het vervalsen van de verblijfstitel bemoeilijken, worden eveneens onverwijld door de Raad vastgesteld. Deze specificaties worden niet bekendgemaakt en zijn geheim. Zij worden uitsluitend aan de door de Lid-Staten aangewezen organisaties die verantwoordelijk zijn voor het drukken en aan door een Lid-Staat naar behoren gemachtigde personen verstrekt.

2. Elke Lid-Staat wijst één organisatie aan die voor het drukken van de verblijfstitels van die Lid-Staat de verantwoordelijkheid draagt. De Lid-Staat deelt de naam van die organisatie mee aan de Raad en aan de Commissie. Twee of meer Lid-Staten kunnen daartoe eenzelfde organisatie aanwijzen. Elke Lid-Staat heeft het recht om van organisatie te veranderen. Hij deelt dit aan de Raad en aan de Commissie mee.

3. Elke Lid-Staat stelt de Raad en de Commissie in kennis van de autoriteit(en) die bevoegd is (zijn) voor de afgifte van de verblijfstitels.

Artikel 3

1. Onverminderd alle van toepassing zijnde verdergaande bepalingen inzake gegevensbescherming hebben de personen aan wie een verblijfstitel is afgegeven het recht de op de verblijfstitel vermelde persoonsgegevens te verifiëren en zo nodig te verzoeken dat deze worden gecorrigeerd dan wel geschrapt.

2. Het uniforme model voor verblijfstitels bevat geen machineleesbare informatie die niet eveneens voorkomt in de rubrieken welke in de punten 10/11 van de bijlage zijn beschreven, of in het desbetreffende reisdocument.

Artikel 4

In de zin van dit gemeenschappelijk optreden wordt onder "verblijfstitel" verstaan elke door de autoriteiten van een Lid-Staat verleende machtiging waarbij een onderdaan van een derde land legaal op het grondgebied van die Lid-Staat mag verblijven, met uitzondering van:

- visa;

- titels die worden afgegeven voor een verblijf waarvan de duur is vastgesteld door de nationale wetgevingen maar hoogstens zes maanden mag bedragen;

- titels die in afwachting van de behandeling van de aanvraag van een verblijfstitel of van een asielverzoek worden afgegeven.

Artikel 5

Indien de Lid-Staten het uniforme model verblijfstitel ook voor andere dan de onder artikel 4 vallende doeleinden gebruiken, moeten zij er door middel van passende maatregelen voor zorgen dat verwarring met de in artikel 4 bedoelde verblijfstitel uitgesloten is.

Artikel 6

Dit gemeenschappelijk optreden is van toepassing op verblijfstitels die zijn afgegeven aan onderdanen van derde landen, met uitzondering van:

- gezinsleden van burgers van de Europese Unie die gebruik maken van hun recht op vrij verkeer;

- onderdanen van Lid-Staten van de Europese Vrijhandelsassociatie die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, alsmede hun gezinsleden die gebruik maken van hun recht op vrij verkeer.

Artikel 7

Dit gemeenschappelijk optreden wordt bekendgemaakt in het Publikatieblad en treedt in werking op de dag na bekendmaking.

De Lid-Staten passen artikel 1 toe uiterlijk vijf jaar na de aanneming van de in artikel 2, lid 1, bedoelde maatregelen. De geldigheid van machtigingen die zijn verleend in reeds afgegeven documenten blijft onverlet door de invoering van het uniform model voor verblijfstitels, tenzij de betrokken Lid-Staat een afwijkend besluit ter zake neemt.

Gedaan te Brussel, 16 december 1996.

Voor de Raad

De Voorzitter

M. D. HIGGINS

BIJLAGE

>REFERENTIE NAAR EEN GRAFIEK>

Beschrijving

Het document zal als zelfklever, zo mogelijk in ID 2-formaat, of als zelfstandig document worden vervaardigd.

1. Hier komt als titel van het document te staan: verblijfstitel - in de taal/talen van de Lid-Staat van afgifte.

2. Hier komt het - speciaal beveiligde - documentnummer te staan (voorafgegaan door een kenletter).

Deze in te vullen ruimte bestaat uit negen afdelingen

3. Eerste afdeling

Naam: hier worden de naam en voornaam/-namen (in deze volgorde) vermeld.

4. Tweede afdeling

Geldig tot: hier wordt vermeld tot wanneer het document geldig is of zo nodig met een woord aangegeven dat het onbeperkt geldig is.

5. Derde afdeling

Plaats en datum van afgifte: hier worden de plaats en datum van afgifte van de verblijfstitel vermeld.

6. Vierde afdeling

Soort titel: hier wordt vermeld welke soort verblijfstitel de Lid-Staat aan de onderdaan van een derde land heeft afgegeven.

7. Vijfde tot en met negende afdeling

Bijzonderheden: in de vijfde tot en met de negende afdeling kunnen de Lid-Staten voor nationaal gebruik gegevens en aanwijzingen vermelden met betrekking tot hun regelgeving inzake onderdanen van derde landen waaronder aanwijzingen met betrekking tot een eventuele werkvergunning.

8. Datum/handtekening/autorisatie: hier kunnen - voor zover nodig - het stempel en de handtekening van de afgevende instantie en/of de houder worden geplaatst.

9. Hier wordt - in de gedrukte zone - ter onderscheiding van de verblijfstitel en om de herkomst van het document te beveiligen, het nationaal embleem van de Lid-Staat aangebracht.

10. Deze zone is gereserveerd voor machineleesbare informatie. Deze zone wordt gebruikt volgens de ICAO-richtlijnen.

11. De gedrukte tekst in deze zone bevat een kenletter die uitsluitend aangeeft om welke Lid-Staat het gaat. De voor deze kenletter toegepaste druktechniek mag de machine-leesbaarheid van de zone niet beïnvloeden.

12. Hier komt een gemetalliseerd latent-beeldeffect met de landencode van de Lid-Staat.

13. Hier komt een OVD (optisch variabel kenmerk) ("kinegram" of soortgelijk beeldmerk).

14. Indien de verblijfstitel als zelfstandig document wordt vervaardigd, wordt in deze zone een pasfoto aangebracht die met een folie met een OVD ("kinefolie" of soortgelijke beveiligingsfolie) wordt beveiligd.

15. Indien de verblijfstitel als zelfstandig document wordt vervaardigd, bevat de achterzijde zones voor de volgende gegevens:

- geboortedatum en -plaats

- nationaliteit

- geslacht

- bijzonderheden.

Het adres van de titelhouder kan ook worden vermeld.

Uniform model voor verblijfstitels (98/C 193/01)

De hieronder weergegeven beelden zijn het resultaat van het besluit van de Raad van 18 december 1997 betreffende de technische specificaties als bedoeld in artikel 2, lid 1, van het gemeenschappelijk optreden van 16 december 1996 inzake een uniform model voor verblijfstitels, dat de Raad op basis van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie heeft aangenomen (97/11/JBZ) (1).

Het gaat vooralsnog om specimens die bij wijze van voorbeeld worden weergegeven: een specimen van Oostenrijk voor de zelfkleverversie (beeld nr. 1) en specimens van het Koninkrijk der Nederlanden voor de kaartversie in ID 1-formaat (beeld nr. 2) en ID 2-formaat (beeld nr. 3).

De specimens van de andere lidstaten zullen later worden gepubliceerd na het verstrijken van de termijn die is bepaald in artikel 1 van het gemeenschappelijk optreden van 16 december 1996 door de Raad aangenomen op basis van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzake een uniform model voor verblijfstitels (97/11/JBZ).

BEELD nr. 1

>REFERENTIE NAAR EEN FILM>

BEELD nr. 2

>REFERENTIE NAAR EEN FILM>

BEELD nr. 3

>REFERENTIE NAAR EEN FILM>

(1) PB L 7 van 10.1.1997, blz. 1.