Brussel, 11.8.2021

COM(2021) 466 final

BIJLAGE

bij

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt met betrekking tot een wijziging van Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden

(programma “Europees Solidariteitskorps”)


BIJLAGE

BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. […]

van […]

tot wijziging van Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-Overeenkomst” genoemd), en met name de artikelen 86 en 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)Het is passend om de samenwerking tussen de partijen bij de EER-Overeenkomst uit te breiden tot Verordening (EU) 2021/888 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 tot vaststelling van het programma “Europees Solidariteitskorps” en tot intrekking van Verordeningen (EU) 2018/1475 en (EU) nr. 375/2014 1 .

(2)Het is wenselijk dat de deelname van de EVA-staten aan de activiteiten in het kader van Verordening (EU) 2021/888 aanvangt op 1 januari 2021, onafgezien van de vraag wanneer dit besluit wordt vastgesteld, of van de vraag of na 10 juli 2021 kennisgeving wordt gedaan dat voldaan is aan de grondwettelijke vereisten, indien van toepassing. 

(3)In de EVA-staten gevestigde entiteiten moeten de mogelijkheid hebben om deel te nemen aan activiteiten die van start gaan vóór de inwerkingtreding van dit besluit. De kosten voor activiteiten waarvan de uitvoering is gestart na 1 januari 2021, kunnen in aanmerking komen voor subsidie onder dezelfde voorwaarden als de kosten die worden gemaakt door in de EU-lidstaten gevestigde entiteiten, mits dit besluit in werking treedt voor het einde van de betrokken activiteit.

(4)De voorwaarden voor de deelname van de EVA-staten en hun instellingen, ondernemingen, organisaties en onderdanen aan programma’s van de Europese Unie zijn uiteengezet in de EER-Overeenkomst, en met name in artikel 81.

(5)Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd om deze uitgebreide samenwerking met ingang van 1 januari 2021 mogelijk te maken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Artikel 4 van Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1.Na lid 2q wordt het volgende lid ingevoegd:

“2r.De EVA-staten nemen, met ingang van 1 januari 2021 deel aan het volgende Europese programma:

-32021 R 0888: Verordening (EU) 2021/888 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 tot vaststelling van het programma “Europees Solidariteitskorps” en tot intrekking van Verordeningen (EU) 2018/1475 en (EU) nr. 375/2014 (PB L 202 van 8.6.2021, blz. 32).

De kosten voor activiteiten waarvan de uitvoering is gestart na 1 januari 2021, kunnen in aanmerking komen voor subsidie vanaf de aanvangsdatum van de activiteit die in de betrokken subsidieovereenkomst of het betrokken subsidiebesluit is vastgesteld, onder de daarin vastgestelde voorwaarden, mits Besluit nr. XX/2021 van het Gemengd Comité van de EER van xx 2021 [onderhavig besluit] in werking treedt vóór het einde van de actie.

Noorwegen wordt vrijgesteld van deelname en financiële bijdrage aan dit programma.”.

2.De tekst van lid 3 wordt vervangen door:

“Overeenkomstig artikel 82, lid 1, punt a), van de Overeenkomst leveren de EVA-staten een financiële bijdrage aan de in de leden 1, 2, 2 bis, 2 ter, 2c, 2d, 2e, 2f, 2g, 2h, 2i, 2j, 2k, 2l, 2m, 2n, 2o, 2p, 2q en 2r vermelde programma’s en acties.”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de laatste kennisgeving zoals bedoeld in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst 2*.

Het is van toepassing met ingang van 1 januari 2021.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, […].

   Voor het Gemengd Comité van de EER

   De voorzitter

                       […]

   

   De secretarissen

   van het Gemengd Comité van de EER

                       […]

(1)    PB L 202 van 8.6.2021, blz. 32.
(2) *    [Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.] [Grondwettelijke vereisten aangegeven.]