31999R2674

Verordening (EG) nr. 2674/1999 van de Raad van 13 december 1999 houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 1911/91 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Gemeenschapsrecht op de Canarische Eilanden

Publicatieblad Nr. L 326 van 18/12/1999 blz. 0003 - 0005


VERORDENING (EG) Nr. 2674/1999 VAN DE RAAD

van 13 december 1999

houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 1911/91 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Gemeenschapsrecht op de Canarische Eilanden

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op de Akte van Toetreding van het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek, in het bijzonder artikel 25, lid 4, eerste alinea,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Gezien het advies van het Europees Parlement(1),

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité(2),

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De verdragen en de besluiten van de instellingen van de Gemeenschappen zijn op grond van artikel 25 van de Toetredingsakte van 1985 op de Canarische Eilanden van toepassing, behoudens de in dit artikel van de Toetredingsakte en in het aan de Toetredingsakte gehechte Protocol nr. 2 opgenomen afwijkingen.

(2) De Canarische Eilanden ondervinden ten gevolge van hun geografische ligging bijzondere moeilijkheden, die in het bijzonder te wijten zijn aan het afgelegen karakter, hun eilandpositie, het vulkanische karakter dat zich slechts voor landbouw en industrie leent en het gebrek aan energiebronnen en grondstoffen. De Raad heeft een aantal maatregelen getroffen teneinde de integratie van de Canarische Eilanden in de Gemeenschap en met name in de douane-unie te versterken.

(3) In dit raam was het noodzakelijk de van oudsher van toepassing zijnde indirecte belasting waarmee werd beoogd met name de eilandpositie en het afgelegen karakter te compenseren, geleidelijk op moderne leest te schoeien en in overeenstemming met de gemeenschapswetgeving te brengen. Verordening (EEG) nr. 1911/91(3) geeft toestemming voor de invoering, tot 31 december 2000, van een nieuwe belasting met de benaming "arbitrio op de productie en op de invoer (APIM)".

(4) Deze tijdelijke belasting moet de plaatselijke ondernemingen in staat stellen zich door middel van een stelsel van vrijstellingen aan de eisen van de gemeenschappelijke markt aan te passen. Hiertoe kunnen op grond van de economische noodzaak bepaalde, gehele of gedeeltelijke, vrijstellingen worden toegestaan voor de plaatselijke productie, op voorwarde dat deze vrijstellingen bijdragen tot de bevordering van de bedrijvigheid op de Canarische Eilanden, zonder dat zij evenwel de voorwaarden voor het handelsverkeer in een met het gemeenschappelijke belang strijdige mate nadelig mogen beïnvloeden.

(5) De Commissie heeft, uit hoofde van artikel 5, lid 6, van Verordening (EEG) nr. 1911/91, onderzocht hoe de in het raam van de APIM genomen maatregelen de economie van de Canarische Eilanden hebben beïnvloed en wat de vooruitzichten voor hun integratie in het douanegebied van de Gemeenschap zijn. Dit onderzoek heeft uitgewezen dat de APIM een algemeen positieve uitwerking op de prijzen heeft gehad en een negatieve uitwerking op de productie en de werkgelegenheid.

(6) Desalniettemin wisselt de negatieve uitwerking op de productie en op de werkgelegenheid sterk per bedrijfstak. Ofschoon het merendeel van de economische sectoren zich in de voorbije periode heeft kunnen aanpassen, geldt dit niet voor bepaalde producten in kwetsbare sectoren. De Commissie heeft op verzoek van de Spaanse autoriteiten de situatie van de kwetsbaarste sectoren onderzocht en is nagegaan om welke afzonderlijke producten het gaat. In sommige gevallen kan deze kwetsbaarheid ertoe leiden dat de betrokken sector nagenoeg geheel zou kunnen verdwijnen.

(7) Na raadpleging van de Spaanse autoriteiten, is het noodzakelijk gebleken voor de kwetsbaarste producten de afschaffing van de belasting tot 30 juni 2000 op te schorten teneinde voorafgaand aan de verdwijning van de belasting de aanpassing van deze producten aan de markt te vergemakkelijken. Deze opschorting voor een korte tijdsduur doet geen afbreuk aan de doelstellingen van de invoering van het gemeenschappelijk douanetarief en de afschaffing van de APIM, maar blijft slechts beperkt tot het verzachten van de gevolgen van de economische aanpassingen welke noodzakelijk zijn om tot de afschaffing van de belasting te komen.

(8) Verordening (EEG) nr. 1911/91 moet bijgevolg worden gewijzigd.

(9) De APIM zal op 31 december 2000 verdwijnen. De Commissie zal voorafgaand aan deze datum in samenwerking met de Spaanse autoriteiten onderzoeken wat de gevolgen van de opschorting van de afschaffing van genoemde belasting zijn voor de betrokken economische sectoren en meer bepaald voor de producten die het voorwerp van de onderhavige verordening uitmaken. De Commissie zal afhankelijk van de uitkomst van dat onderzoek, in voorkomend geval, bij de Raad een voorstel voor maatregelen op grond van het Verdrag indienen, teneinde te voorkomen dat bepaalde bijzonder kwetsbare plaatselijke productieactiviteiten in hun voortbestaan worden bedreigd, en toch op termijn voor de afschaffing van de geldende belasting te zorgen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EEG) nr. 1911/91 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan artikel 5, lid 2, wordt de volgende alinea toegevoegd: "In afwijking van de eerste alinea wordt de vermindering van de tarieven voor de producten van de in de bijlage genoemde sectoren van 30 december 1999 tot 30 juni 2000 opgeschort.".

2. De in de bijlage bij de onderhavige verordening opgenomen bijlage wordt toegevoegd.

Artikel 2

De onderhavige verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 13 december 1999.

Voor de Raad

De voorzitter

S. HASSI

(1) Advies uitgebracht op 19 november 1999 (nog niet verschenen in het Publicatieblad.

(2) PB C 329 van 17.11.1999, blz. 27.

(3) PB L 171 van 29.6.1991, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 284/92 (PB L 31 van 7.2.1992, blz. 6).

BIJLAGE

"BIJLAGE

Lijst van de in artikel 5, lid 2, tweede alinea, genoemde producten, volgens de classificatie van de nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief (GDT)

Diverse voedingsmiddelen:

0403 10, 0407 00 90, 0701 90, 0702, 0703, 0803, 0901 21, 0901 90 90, 1101, 1601, 1602, 1704 90 71, 1806 (behalve 1806 20 95), 1901 90 99, 1902, 1904 10 10, 1905 10 00, 1905 20, 1905 30, 1905 40, 1905 90, 2002 10 90, 2002 90 91, 2007 91 10, 2007 99 39, 2008 99 61, 2008 99 68, 2101, 2103, 2105, 2106 90 98, 2309.

Tabak:

2402 10 00, 2402 20.

Chemie:

2804 30 00, 2804 40 00, 2851 00 30, 3208, 3209, 3213, 3401, 3402 (behalve 3402 11 00, 3402 12 00 en 3402 13 00), 3809 91 00.

Papier:

4808, 4818 10, 4818 20, 4818 30, 4818 40, 4819, 4821, 4823 59 10, 4909, 4910, 4911, 5601 22 10, 5601 22 99.

Textiel:

6112 31, 6112 41, 6213, 6302, 6303.

Metaalindustrie I:

7308, 7309 00 (behalve 7309 00 90), 7317, 7325, 7604, 7608, 7610, 9406 00 31.

Andere producten van de verwerkende industrie:

3923 10 00, 3923 21 00, 3923 30 10, 3924 10 00, 4012 10, 4418, 4601, 4602, 6802, 7010, 8544 59 10, 9401, 9403, 9404."