|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2024/6570 |
12.11.2024 |
P9_TA(2024)0137
Verordening mediavrijheid
Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 13 maart 2024 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt (“verordening mediavrijheid”) en tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU (COM(2022)0457 – C9-0309/2022 – 2022/0277(COD))
(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)
(C/2024/6570)
Het Europees Parlement,
|
— |
gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2022)0457), |
|
— |
gezien artikel 294, lid 2, en artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9-0309/2022), |
|
— |
gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, |
|
— |
gezien de gemotiveerde adviezen die in het kader van Protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid zijn ingediend door het Deense parlement, de Duitse Bondsraad, de Franse Senaat en het Hongaarse parlement en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel, |
|
— |
gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 14 december 2022 (1), |
|
— |
gezien het advies van het Comité van de Regio’s van 16 maart 2023 (2), |
|
— |
gezien het overeenkomstig artikel 74, lid 4, van zijn Reglement door de bevoegde commissie goedgekeurde voorlopig akkoord en de door de vertegenwoordiger van de Raad bij brief van 19 januari 2024 gedane toezegging om het standpunt van het Europees Parlement overeenkomstig artikel 294, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie goed te keuren, |
|
— |
gezien artikel 59 van zijn Reglement, |
|
— |
gezien de adviezen van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en van de Commissie interne markt en consumentenbescherming, |
|
— |
gezien het verslag van de Commissie cultuur en onderwijs (A9-0264/2023), |
|
1. |
stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast (3); |
|
2. |
verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen; |
|
3. |
verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen. |
(1) PB C 100 van 16.3.2023, blz. 111.
(2) PB C 188 van 30.5.2023, blz. 79.
(3) Dit standpunt vervangt de amendementen die zijn aangenomen op 3 oktober 2023 (Aangenomen teksten, P9_TA(2023)0336).
P9_TC1-COD(2022)0277
Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 13 maart 2024 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU) 2024/... van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt en tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU (Europese verordening mediavrijheid)
(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement overeen met de definitieve rechtshandeling: Verordening (EU) 2024/1083.)
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/6570/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)