16.2.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 45/15


BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 7 februari 2005

betreffende financiële steun van de Gemeenschap in 2005 voor bepaalde communautaire referentielaboratoria in de sector veterinaire aspecten van de volksgezondheid (biologische risico's)

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2005) 262)

(Slechts de teksten in de Spaanse, de Franse, de Nederlandse en de Engelse taal zijn authentiek)

(2005/131/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Beschikking 90/424/EEG van de Raad van 26 juni 1990 betreffende bepaalde uitgaven op veterinair gebied (1), en met name op artikel 28, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Beschikking 90/424/EEG bepaalt dat de Gemeenschap ertoe moet bijdragen de doeltreffendheid van veterinaire controles te verbeteren door financiële steun aan referentielaboratoria te verlenen. Elk referentielaboratium dat overeenkomstig de communautaire veterinaire wetgeving als zodanig is aangewezen, kan voor steun van de Gemeenschap in aanmerking komen, mits aan bepaalde voorwaarden is voldaan.

(2)

Verordening (EG) nr. 156/2004 van de Commissie van 29 januari 2004 betreffende de financiële steun van de Gemeenschap aan de communautaire referentielaboratoria overeenkomstig artikel 28 van Beschikking 90/424/EEG (2) bepaalt dat de financiële bijdrage van de Gemeenschap wordt betaald op voorwaarde dat de goedgekeurde werkprogramma's efficiënt worden uitgevoerd en de begunstigden de vereiste gegevens binnen de vastgestelde termijnen meedelen.

(3)

De Commissie heeft de door de communautaire referentielaboratoria ingediende werkprogramma's en bijbehorende begrotingsramingen voor het jaar 2005 geëvalueerd.

(4)

Bijgevolg moet financiële steun van de Gemeenschap worden verleend aan de communautaire referentielaboratoria die zijn aangewezen om de functies en taken uit te voeren die zijn vastgesteld in Richtlijn 92/46/EEG van de Raad van 16 juni 1992 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften voor de productie en het in de handel brengen van rauwe melk, warmtebehandelde melk en producten op basis van melk (3), Beschikking 93/383/EEG van de Raad van 14 juni 1993 met betrekking tot de referentielaboratoria voor de controle op mariene biotoxines (4), Beschikking 1999/313/EG van de Raad van 29 april 1999 met betrekking tot de referentielaboratoria voor de controle op bacteriologische en virale besmettingen bij tweekleppige weekdieren (5), Verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 houdende vaststelling van voorschriften inzake preventie, bestrijding en uitroeiing van bepaalde overdraagbare spongiforme encefalopathieën (6) en Beschikking 2004/564/EG van de Commissie van 20 juli 2004 inzake communautaire referentielaboratoria voor de epidemiologie van zoönosen en voor salmonella en inzake nationale referentielaboratoria voor salmonella (7).

(5)

Naast de financiële steun van de Gemeenschap moet ook steun worden verleend voor de organisatie van workshops op gebieden die onder de verantwoordelijkheid van de communautaire referentielaboratoria vallen.

(6)

Verordening (EG) nr. 156/2004 stelt subsidievoorwaarden vast voor de door de communautaire referentielaboratoria georganiseerde workshops en beperkt de financiële bijstand tot maximaal 30 deelnemers aan workshops. Afwijkingen van deze beperking moeten worden toegestaan aan één communautair referentielaboratorium, dat met het oog op maximale rentabiliteit van zijn workshops steun voor meer dan 30 deelnemers nodig heeft.

(7)

Het is voor een gezond financieel beheer belangrijk dat rekening wordt gehouden met de terugkerende problemen in één communautair referentielaboratorium wanneer financiële steun van de Gemeenschap wordt verleend aan dit laboratorium, dat in de loop van het jaar moet worden gecontroleerd om verder na te gaan of het de in de communautaire voorschriften vastgestelde functies, taken en subsidievoorwaarden nakomt.

(8)

Overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1258/1999 van de Raad betreffende de financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (8) worden de in overeenstemming met de communautaire voorschriften genomen veterinaire en fytosanitaire maatregelen gefinancierd uit de afdeling Garantie van het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw. Met het oog op de financiële controle zijn de artikelen 8 en 9 van Verordening (EG) nr. 1258/1999 van toepassing.

(9)

De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD:

Artikel 1

Financiële steun voor Spanje voor de functies en taken in het kader van Beschikking 93/383/EEG

1.   De Gemeenschap verleent financiële steun aan Spanje voor de in artikel 4 van Beschikking 93/383/EEG vastgestelde functies en taken die door het Laboratorio de Biotoxinas Marinas Area de Sanidad in Vigo (Spanje) moeten worden vervuld met betrekking tot het toezicht op mariene biotoxines.

De financiële steun bedraagt maximaal 201 000 EUR voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2005.

2.   Naast het in lid 1 vastgestelde maximumbedrag verleent de Gemeenschap financiële steun aan Spanje voor de organisatie van een workshop door het in lid 1 vermelde laboratorium. Deze steun bedraagt maximaal 30 000 EUR.

3.   De Commissie voert vóór 30 juni 2005 een technische en financiële audit van het in lid 1 vermelde laboratorium uit.

Artikel 2

Financiële steun voor Frankrijk voor de functies en taken in het kader van Richtlijn 92/46/EEG

1.   De Gemeenschap verleent financiële steun aan Frankrijk voor de in hoofdstuk II van bijlage D bij Richtlijn 92/46/EEG vastgestelde functies en taken die door het Laboratoire d'Etudes et de Recherches sur la Qualité des Aliments et sur les Procédés Agro-alimentaires van het Agence Française de Sécurité Sanitaire des Aliments (het voormalige Laboratoire d'Etudes et de Recherches sur l’Hygiène et la Qualité des Aliments) in Maisons-Alfort (Frankrijk) moeten worden vervuld met betrekking tot de analyse en het testen van melk en melkproducten.

De financiële steun bedraagt maximaal 200 000 EUR voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2005.

2.   Naast het in lid 1 vastgestelde maximumbedrag verleent de Gemeenschap financiële steun aan Frankrijk voor de organisatie van een workshop door het in lid 1 vermelde laboratorium. Deze steun bedraagt maximaal 27 000 EUR.

Artikel 3

Financiële steun voor Nederland voor de functies en taken in het kader van Beschikking 2004/564/EG

1.   De Gemeenschap verleent financiële steun aan Nederland voor de in Beschikking 2004/564/EG vastgestelde functies en taken die door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid in Bilthoven (Nederland) moeten worden vervuld met betrekking tot salmonella.

De financiële steun bedraagt maximaal 270 000 euro voor de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2005.

2.   Naast het in lid 1 vastgestelde maximumbedrag verleent de Gemeenschap financiële steun aan Nederland voor de organisatie van een workshop door het in lid 1 vermelde laboratorium. Deze steun bedraagt maximaal 28 000 EUR.

Artikel 4

Financiële steun voor het Verenigd Koninkrijk voor de functies en taken in het kader van Beschikking 1999/313/EG

1.   De Gemeenschap verleent financiële steun aan het Verenigd Koninkrijk voor de in artikel 4 van Beschikking 1999/313/EG vastgestelde functies en taken die door het laboratorium van het Centre for Environment, Fisheries and Aquaculture Science in Weymouth (Verenigd Koninkrijk) moeten worden vervuld met betrekking tot het toezicht op virale en bacteriologische besmettingen bij tweekleppige weekdieren.

De financiële steun bedraagt maximaal 248 000 EUR voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2005.

2.   Naast het in lid 1 vastgestelde maximumbedrag verleent de Gemeenschap financiële steun aan het Verenigd Koninkrijk voor de organisatie van een workshop door het in lid 1 vermelde laboratorium. Deze steun bedraagt maximaal 30 000 EUR.

Artikel 5

Financiële steun voor het Verenigd Koninkrijk voor de functies en taken in het kader van Verordening (EG) nr. 999/2001

1.   De Gemeenschap verleent financiële steun aan het Verenigd Koninkrijk voor de in hoofdstuk B van bijlage X bij Verordening (EG) nr. 999/2001 vastgestelde functies en taken die door het Veterinary Laboratories Agency in Addlestone (Verenigd Koninkrijk) moeten worden vervuld met betrekking tot het toezicht op overdraagbare spongiforme encefalopathieën.

De financiële steun bedraagt maximaal 500 000 EUR voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2005.

2.   Naast het in lid 1 vastgestelde maximumbedrag verleent de Gemeenschap financiële steun aan het Verenigd Koninkrijk voor de organisatie van workshops door het in lid 1 vermelde laboratorium. Deze steun bedraagt maximaal 70 500 EUR.

3.   In afwijking van artikel 4, lid 1, van Verordening (EG) nr. 156/2004 kan het in lid 1 vermelde laboratorium aanspraak maken op financiële steun voor de deelname van maximaal 50 personen aan een van de in lid 2 van dit artikel vermelde workshops.

Artikel 6

Adressaten

Deze beschikking is gericht tot het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

Gedaan te Brussel, 7 februari 2005.

Voor de Commissie

Markos KYPRIANOU

Lid van de Commissie


(1)   PB L 224 van 18.8.1990, blz. 19. Beschikking laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2003/99/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 325 van 12.12.2003, blz. 31).

(2)   PB L 27 van 30.1.2004, blz. 5.

(3)   PB L 268 van 14.9.1992, blz. 1. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 806/2003 (PB L 122 van 16.5.2003, blz. 1).

(4)   PB L 166 van 8.7.1993, blz. 31. Beschikking laatstelijk gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.

(5)   PB L 120 van 8.5.1999, blz. 40.

(6)   PB L 147 van 31.5.2001, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 36/2005 van de Commissie (PB L 10 van 13.1.2005, blz. 9).

(7)   PB L 251 van 27.7.2004, blz. 14.

(8)   PB L 160 van 26.6.1999, blz. 103.