15.6.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 156/7


BESLUIT Nr. 1/2011 VAN DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD EU-KROATIË

van 5 mei 2011

tot wijziging van Protocol nr. 4 bij de Stabilisatie- en associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kroatië, anderzijds, betreffende de definitie van het begrip „producten van oorsprong” en administratieve samenwerking

(2011/340/EU)

DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD EU-KROATIË,

Gezien de Stabilisatie- en associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kroatië, anderzijds (1) (hierna „de overeenkomst” genoemd), en met name artikel 39 van Protocol nr. 4 daarbij,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De artikelen 3 en 4 van Protocol nr. 4 bij de overeenkomst voorzien in bilaterale cumulatie van de oorsprong in de Europese Unie of in Kroatië.

(2)

Kroatië heeft verzocht om de oorsprong te mogen cumuleren bij de be- of verwerking van materialen van oorsprong uit de Unie, Kroatië of een land of gebied dat deelneemt aan het stabilisatie- en associatieproces van de Unie (2), of van materialen van oorsprong uit Turkije waarop Besluit nr. 1/95 van de Associatieraad EG-Turkije van 22 december 1995 inzake de tenuitvoerlegging van de slotfase van de douane-unie (3) van toepassing is (4).

(3)

Teneinde de Unie en Kroatië in staat te stellen gebruik te maken van de uitgebreide cumulatie, dienen de bepalingen van Protocol nr. 4 bij de overeenkomst dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Protocol nr. 4 bij de overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

Aan de inhoudsopgave wordt het volgende toegevoegd:

„Bijlage V:

Producten uitgesloten van de cumulatie waarin is voorzien bij de artikelen 3 en 4”.

2)

Artikel 3 wordt vervangen door:

„Artikel 3

Cumulatie in de Gemeenschap

1.   Onverminderd het bepaalde in artikel 2, lid 1, worden producten als van oorsprong uit de Gemeenschap beschouwd indien zij aldaar zijn verkregen door be- of verwerking van materialen van oorsprong uit Kroatië, de Gemeenschap of een ander land of gebied dat deelneemt aan het stabilisatie- en associatieproces van de Europese Unie (*1), of door be- of verwerking van materialen van oorsprong uit Turkije waarop Besluit nr. 1/95 van de Associatieraad EG-Turkije van 22 december 1995 van toepassing is (*2), mits deze materialen in de Gemeenschap bewerkingen hebben ondergaan die ingrijpender zijn dan die bedoeld in artikel 7. Het is niet noodzakelijk dat deze materialen toereikende be- of verwerkingen hebben ondergaan.

2.   Indien de in de Gemeenschap verrichte be- of verwerkingen niet ingrijpender zijn dan de in artikel 7 bedoelde be- of verwerkingen, wordt het verkregen product alleen als van oorsprong uit de Gemeenschap beschouwd indien de aldaar toegevoegde waarde groter is dan die van de gebruikte materialen van oorsprong uit een van de andere in lid 1 bedoelde landen of gebieden. Is dit niet het geval, dan wordt het verkregen product beschouwd als van oorsprong uit het land dat de hoogste waarde vertegenwoordigt van de bij de vervaardiging in de Gemeenschap gebruikte materialen van oorsprong.

3.   Producten van oorsprong uit een van de in lid 1 genoemde landen of gebieden die in de Gemeenschap geen enkele be- of verwerking ondergaan, behouden hun oorsprong wanneer zij naar een van deze landen of gebieden worden uitgevoerd.

4.   De cumulatie waarin dit artikel voorziet, kan slechts worden toegepast indien:

a)

tussen de landen of gebieden die betrokken zijn bij het verwerven van de oorsprong, en het land van bestemming een preferentiële handelsovereenkomst overeenkomstig artikel XXIV van de Wereldhandelsovereenkomst (GATT) van toepassing is;

b)

materialen en producten de oorsprong hebben verkregen door de toepassing van oorsprongsregels die identiek zijn met die in dit protocol;

en

c)

in het Publicatieblad van de Europese Unie (C-serie) en in Kroatië volgens de eigen procedures van dat land berichten zijn gepubliceerd waarin wordt aangegeven dat aan de eisen voor de toepassing van cumulatie is voldaan.

De cumulatie waarin dit artikel voorziet, is van toepassing met ingang van de datum die is aangegeven in de kennisgeving in het Publicatieblad van de Europese Unie (C-serie).

De Gemeenschap zal Kroatië door tussenkomst van de Commissie nadere gegevens verstrekken over de overeenkomsten en de daarin opgenomen oorsprongsregels die met de andere in lid 1 genoemde landen of gebieden worden toegepast.

De in dit artikel bedoelde cumulatie geldt niet voor de in bijlage V vermelde producten.

(*1)  Zoals bepaald in de conclusies van de Raad Algemene Zaken van april 1997 en de mededeling van de Commissie van mei 1999 over het stabilisatie- en associatieproces in de landen van de westelijke Balkan."

(*2)  Besluit nr. 1/95 van de Associatieraad EG-Turkije van 22 december 1995 geldt voor producten andere dan landbouwproducten zoals omschreven in de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije en andere dan kolen- en staalproducten zoals omschreven in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de Republiek Turkije betreffende de handel in producten waarop het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal van toepassing is.”."

3)

Artikel 4 wordt vervangen door:

„Artikel 4

Cumulatie in Kroatië

1.   Onverminderd het bepaalde in artikel 2, lid 2, worden producten als van oorsprong uit Kroatië beschouwd indien zij aldaar zijn verkregen door be- of verwerking van materialen van oorsprong uit de Gemeenschap, Kroatië of een ander land of gebied dat deelneemt aan het stabilisatie- en associatieproces van de Europese Unie (*3), of door be- of verwerking van materialen van oorsprong uit Turkije waarop Besluit nr. 1/95 van de Associatieraad EG-Turkije van 22 december 1995 van toepassing is (*4), mits deze materialen in Kroatië bewerkingen hebben ondergaan die ingrijpender zijn dan die bedoeld in artikel 7. Het is niet noodzakelijk dat deze materialen toereikende be- of verwerkingen hebben ondergaan.

2.   Indien de in Kroatië verrichte be- of verwerkingen niet ingrijpender zijn dan de in artikel 7 bedoelde be- of verwerkingen, wordt het verkregen product alleen als van oorsprong uit Kroatië beschouwd indien de aldaar toegevoegde waarde groter is dan die van de gebruikte materialen van oorsprong uit een van de andere in lid 1 bedoelde landen of gebieden. Is dit niet het geval, dan wordt het verkregen product beschouwd als van oorsprong uit het land dat de hoogste waarde vertegenwoordigt van de bij de vervaardiging in Kroatië gebruikte materialen van oorsprong.

3.   Producten van oorsprong uit een van de in lid 1 genoemde landen of gebieden die in Kroatië geen enkele be- of verwerking ondergaan, behouden hun oorsprong wanneer zij naar een van deze landen of gebieden worden uitgevoerd.

4.   De cumulatie waarin dit artikel voorziet, kan slechts worden toegepast indien:

a)

tussen de landen of gebieden die betrokken zijn bij het verwerven van de oorsprong, en het land van bestemming een preferentiële handelsovereenkomst overeenkomstig artikel XXIV van de Wereldhandelsovereenkomst (GATT) van toepassing is;

b)

materialen en producten de oorsprong hebben verkregen door de toepassing van oorsprongsregels die identiek zijn met die in dit protocol;

en

c)

in het Publicatieblad van de Europese Unie (C-serie) en in Kroatië volgens de eigen procedures van dat land berichten zijn gepubliceerd waarin wordt aangegeven dat aan de eisen voor de toepassing van cumulatie is voldaan.

De cumulatie waarin dit artikel voorziet, is van toepassing met ingang van de datum die is aangegeven in de kennisgeving in het Publicatieblad van de Europese Unie (C-serie).

Kroatië zal de Gemeenschap door tussenkomst van de Commissie nadere gegevens verstrekken over de overeenkomsten, zoals de datum van inwerkingtreding, en de daarin opgenomen oorsprongsregels die met de andere in lid 1 genoemde landen of gebieden worden toegepast.

De in dit artikel bedoelde cumulatie geldt niet voor de in bijlage V vermelde producten.

(*3)  Zoals bepaald in de conclusies van de Raad Algemene Zaken van april 1997 en de mededeling van de Commissie van mei 1999 over het stabilisatie- en associatieproces in de landen van de westelijke Balkan."

(*4)  Besluit nr. 1/95 van de Associatieraad EG-Turkije van 22 december 1995 geldt voor producten andere dan landbouwproducten zoals omschreven in de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije en andere dan kolen- en staalproducten zoals omschreven in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de Republiek Turkije betreffende de handel in producten waarop het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal van toepassing is.”."

4)

Artikel 7, lid 1, onder m), wordt vervangen door:

„m)

het enkele mengen van producten, ook van verschillende soorten; het mengen van suiker met andere stoffen;”.

5)

Artikel 13, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   De bij deze overeenkomst vastgestelde preferentiële regeling is uitsluitend van toepassing op producten die aan de voorwaarden van dit protocol voldoen en die rechtstreeks tussen de Gemeenschap en Kroatië of over het grondgebied van een in de artikelen 3 en 4 genoemd ander land of gebied zijn vervoerd. Goederen die één enkele zending vormen, kunnen via een ander grondgebied worden vervoerd, eventueel met overslag of tijdelijke opslag op dit grondgebied, voor zover zij in het land van doorvoer of opslag onder toezicht van de douane blijven en aldaar geen andere behandelingen ondergaan dan lossen en opnieuw laden of behandelingen om ze in goede staat te bewaren.

Producten van oorsprong mogen per pijpleiding via een ander grondgebied dan dat van de Gemeenschap of van Kroatië worden vervoerd.”.

6)

Artikel 14, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   Deze overeenkomst is van toepassing op producten van oorsprong die naar een tentoonstelling in een ander dan de in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden zijn verzonden en die na de tentoonstelling zijn verkocht en in de Gemeenschap of in Kroatië worden ingevoerd, mits ten genoegen van de douaneautoriteiten wordt aangetoond dat:

a)

een exporteur deze producten vanuit de Gemeenschap of Kroatië naar het land van de tentoonstelling heeft verzonden en daar heeft tentoongesteld;

b)

deze exporteur de producten heeft verkocht of op een andere wijze heeft afgestaan aan een geadresseerde in de Gemeenschap of Kroatië;

c)

de producten tijdens of onmiddellijk na de tentoonstelling in dezelfde staat als waarin zij naar de tentoonstelling zijn gegaan, zijn verzonden;

en

d)

de goederen, vanaf het moment dat zij naar de tentoonstelling werden verzonden, niet voor andere doeleinden zijn gebruikt dan om op die tentoonstelling te worden vertoond.”.

7)

Artikel 15, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   Niet van oorsprong zijnde materialen die gebruikt zijn bij de vervaardiging van producten van oorsprong uit de Gemeenschap, Kroatië of een van de andere in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden waarvoor overeenkomstig titel V een bewijs van oorsprong is afgegeven of opgesteld, komen in de Gemeenschap of in Kroatië niet in aanmerking voor teruggave of vrijstelling van douanerechten in welke vorm dan ook.”.

8)

Artikel 17, lid 4, wordt vervangen door:

„4.   Een certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 wordt afgegeven door de douaneautoriteiten van een lidstaat van de Gemeenschap of van Kroatië indien de producten kunnen worden beschouwd als producten van oorsprong uit de Gemeenschap, Kroatië of een van de andere in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden, en aan de andere voorwaarden van dit protocol is voldaan.”.

9)

Artikel 22, lid 2, wordt vervangen door:

„2.   Een factuurverklaring kan worden opgesteld indien de producten kunnen worden beschouwd als producten van oorsprong uit de Gemeenschap, Kroatië of een van de andere in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden, en aan de andere voorwaarden van dit protocol is voldaan.”.

10)

Artikel 28 wordt vervangen door:

„Artikel 28

Bewijsstukken

De in artikel 17, lid 3, en artikel 22, lid 3, bedoelde documenten aan de hand waarvan wordt aangetoond dat producten die door een certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 of een factuurverklaring worden gedekt, producten van oorsprong zijn uit de Gemeenschap, Kroatië of een van de andere in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden en aan de andere voorwaarden van dit protocol voldoen, kunnen onder meer de volgende zijn:

a)

een rechtstreeks bewijs, bijvoorbeeld aan de hand van de boekhouding of de interne administratie van de exporteur of leverancier, van de door de exporteur of leverancier uitgevoerde be- of verwerkingen om de producten te verkrijgen;

b)

in de Gemeenschap of in Kroatië afgegeven of opgestelde en volgens het nationale recht gebruikte documenten waaruit de oorsprong van de gebruikte materialen blijkt;

c)

in de Gemeenschap of in Kroatië afgegeven of opgestelde en volgens het nationale recht gebruikte documenten waaruit be- of verwerking in de Gemeenschap of in Kroatië blijkt;

d)

certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 of factuurverklaringen waaruit de oorsprong van de gebruikte materialen blijkt, die overeenkomstig dit protocol in de Gemeenschap of in Kroatië zijn afgegeven of opgesteld, of die in een van de in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden zijn opgesteld overeenkomstig oorsprongsregels die gelijk zijn aan de oorsprongsregels van dit protocol;

e)

passende bewijsstukken inzake be- of verwerking buiten de Gemeenschap of Kroatië overeenkomstig artikel 12, waaruit blijkt dat aan de eisen van dat artikel is voldaan.”.

11)

Artikel 31, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   Voor de toepassing van artikel 22, lid 1, onder b), en artikel 27, lid 3, wordt, wanneer de producten gefactureerd zijn in een andere valuta dan de euro, de tegenwaarde van de in euro uitgedrukte bedragen in de nationale valuta van de lidstaten van de Gemeenschap, Kroatië of een van de andere in de artikelen 3 en 4 genoemde landen of gebieden, jaarlijks door elk van de betrokken landen vastgesteld.”.

12)

De bijlage bij dit besluit wordt als bijlage V toegevoegd aan Protocol nr. 4 bij de overeenkomst.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de eerste maand volgende op de datum van goedkeuring ervan.

Gedaan te Brussel, 5 mei 2011.

Voor de Stabilisatie- en associatieraad EU-Kroatië

De voorzitster

C. ASHTON


(1)   PB L 26 van 28.1.2005, blz. 3.

(2)  Zoals bepaald in de conclusies van de Raad Algemene Zaken van 29 april 1997 en de mededeling van de Commissie van 26 mei 1999 over het stabilisatie- en associatieproces met de landen van Zuidoost-Europa, Bosnië en Herzegovina, Kroatië, de Federale Republiek Joegoslavië, de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië en Albanië.

(3)   PB L 35 van 13.2.1996, blz. 1.

(4)  Besluit nr. 1/95 van de Associatieraad EG-Turkije van 22 december 1995 inzake de tenuitvoerlegging van de slotfase van de douane-unie geldt voor producten andere dan landbouwproducten zoals omschreven in de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije (PB 217 van 29.12.1964, blz. 3687/64) en andere dan kolen- en staalproducten zoals omschreven in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de Republiek Turkije betreffende de handel in producten waarop het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal van toepassing is (PB L 227 van 7.9.1996, blz. 3).


BIJLAGE

„BIJLAGE V

PRODUCTEN UITGESLOTEN VAN DE CUMULATIE WAARIN IS VOORZIEN BIJ DE ARTIKELEN 3 EN 4

GN-code

Omschrijving

1704 90 99

Ander suikerwerk zonder cacao

1806 10 30

1806 10 90

Chocolade en andere bereidingen voor menselijke consumptie die cacao bevatten

–

cacaopoeder, waaraan suiker of andere zoetstoffen zijn toegevoegd:

– –

met een sacharosegehalte (het gehalte aan invertsuiker, berekend als sacharose, daaronder begrepen) of met een isoglucosegehalte, berekend als sacharose, van 65 of meer doch minder dan 80 gewichtspercenten

– –

met een sacharosegehalte (het gehalte aan invertsuiker, berekend als sacharose, daaronder begrepen) of met een isoglucosegehalte, berekend als sacharose, van 80 of meer gewichtspercenten

1806 20 95

–

andere bereidingen voor menselijke consumptie die cacao bevatten, hetzij in blokken of in staven, met een gewicht van meer dan 2 kg, hetzij in vloeibare toestand of in de vorm van pasta, poeder, korrels of dergelijke, in recipiënten of in andere verpakkingen, met een inhoud per onmiddellijke verpakking van meer dan 2 kg

– –

andere

– – –

andere

1901 90 99

Moutextract, bereidingen voor menselijke consumptie van meel, gries, griesmeel, zetmeel of moutextract, geen of minder dan 40 gewichtspercenten cacao bevattend, berekend op een geheel ontvette basis, elders genoemd noch elders onder begrepen, bereidingen voor menselijke consumptie van producten bedoeld bij de posten 0401 tot en met 0404 , geen of minder dan 5 gewichtspercenten cacao bevattend, berekend op een geheel ontvette basis, elders genoemd noch elders onder begrepen

–

andere

– –

andere (dan moutextract)

– – –

andere

2101 12 98

Andere preparaten op basis van koffie

2101 20 98

Andere preparaten op basis van thee of maté

2106 90 59

Producten voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen

–

andere

– –

andere

2106 90 98

Producten voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen:

–

andere (dan proteïneconcentraten en getextureerde proteïnestoffen)

– –

andere

– – –

andere

3302 10 29

Mengsels van reukstoffen en mengsels (oplossingen in alcohol daaronder begrepen) op basis van een of meer van deze zelfstandigheden met andere stoffen, van de soort gebruikt als grondstof voor de industrie; andere bereidingen op basis van reukstoffen, van de soort gebruikt voor de vervaardiging van dranken:

–

van de soort gebruikt in de voedingsmiddelen- en drankenindustrie

– –

van de soort gebruikt in de drankenindustrie:

– – –

bereidingen die alle essentiële aromatische stoffen van een bepaalde drank bevatten:

– – – –

met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 0,5 % vol

– – – –

andere:

– – – – –

bevattende geen van melk afkomstige vetstoffen, sacharose, isoglucose, glucose of zetmeel, of bevattende minder dan 1,5 gewichtspercent van melk afkomstige vetstoffen, minder dan 5 gewichtspercenten sacharose of isoglucose, minder dan 5 gewichtspercenten glucose of zetmeel

– – – – –

andere”