52010PC0720

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het standpunt van de Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel /* COM/2010/0720 def. - NLE 2010/0350 */


Brussel, 13.12.2010

COM(2010) 720 definitief

2010/0350 (NLE)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

betreffende het standpunt van de Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

TOELICHTING

1. De context

Het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (hierna “het Bureau” genoemd) werd opgericht bij Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad[1] (hierna “de verordening” genoemd).

Volgens artikel 2 van de verordening heeft het Bureau ten doel de betrokken instellingen, organen, instanties en agentschappen van de Unie en haar lidstaten wanneer zij het recht van de Unie uitvoeren, bijstand en expertise te bieden op het gebied van de grondrechten om hen te helpen de grondrechten volledig te eerbiedigen wanneer zij op hun respectieve bevoegdheidsgebieden maatregelen nemen of acties ontwerpen.

Volgens artikel 28, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007 staat het Bureau open voor deelname van kandidaat-lidstaten als waarnemers. De deelname en de respectieve uitvoeringsbepalingen worden vastgesteld in een besluit van de betrokken associatieraad, rekening houdend met de specifieke aard, reikwijdte en wijze van deelname. Na goedkeuring van dit besluit kan het Bureau zich bezighouden met onder artikel 3, lid 1, van de verordening vallende grondrechtenvraagstukken in de kandidaat-lidstaat in kwestie, voor zover dat nodig is voor de geleidelijke aanpassing van het betrokken land aan het recht van de Unie.

2. Het voorgestelde besluit

De Commissie stelt de Raad de goedkeuring voor van een besluit betreffende het standpunt van de Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië aan het Bureau. Het voorgestelde besluit omvat een ontwerp-besluit van de Stabilisatie- en Associatieraad dat beantwoordt aan de vereisten van artikel 28.

Conform een van de basisbeginselen van de verordening (namelijk dat het Bureau werkt volgens een thematische en niet volgens een landenspecifieke aanpak) stelt het ontwerp-besluit het Bureau in staat de in de artikelen 4 en 5 van de verordening neergelegde taken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië te vervullen.

In het ontwerp-besluit is ook bepaald dat de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië een waarnemer en plaatsvervangend waarnemer aanduidt om zitting te nemen in de raad van bestuur van het Bureau. Deze personen moeten beantwoorden aan de criteria van artikel 12, lid 1, van de verordening. Zij nemen deel aan de werkzaamheden van de raad van bestuur op gelijke voet met de leden en plaatsvervangende leden die door de lidstaten zijn aangewezen, maar zonder stemrecht.

Het besluit betreffende de deelname aan de werkzaamheden van het Bureau omvat ook bepalingen die betrekking hebben op de financiële bijdrage van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië en op personeel.

Het voorgestelde besluit voorziet in een financiële bijdrage die is gebaseerd op een deelname die van start gaat in 2011 (eerste jaar van de deelname in bijlage I, punt 5).

Het ontwerp-besluit is ook in overeenstemming met het statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen en de regeling die van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen. De verhouding die voor de EU-lidstaten tussen de administratieve en operationele kosten in de begroting van het Bureau geldt, is doorgaans ook van toepassing op de ramingen van de kandidaat-lidstaten.

Het ontwerp-besluit gaat vergezeld van een financieel memorandum.

2010/0350 (NLE)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

betreffende het standpunt van de Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 352, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

1. De Europese Raad van Luxemburg van december 1997 heeft deelname aan de agentschappen van de Unie een manier genoemd om de pretoetredingsstrategie te intensiveren. In de conclusies van de Europese Raad staat dat “de kandidaat-lidstaten volgens een per geval te nemen besluit kunnen deelnemen aan […] agentschappen” van de Unie.

2. In Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten is bepaald dat het Bureau open staat voor deelname van kandidaat-lidstaten als uiteengezet in de artikelen 4 en 5.

3. De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië deelt de doelstellingen en oogmerken van het Bureau en kan zich vinden in de reikwijdte en beschrijving van de taken van het Bureau als neergelegd in Verordening (EG) nr. 168/2007.

4. Het is de uiteindelijke doelstelling van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië om lid te worden van de Europese Unie en deelname aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten zal de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië helpen om deze doelstelling te bereiken,

BESLUIT:

Enig artikel

Het door de Europese Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië goed te keuren standpunt inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, is gebaseerd op het bij dit besluit gevoegde ontwerp-besluit van de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad

De voorzitter

BIJLAGE

Ontwerp

BESLUIT nr. …./

inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD VAN DE EU EN DE VOORMALIGE JOEGOSLAVISCHE REPUBLIEK MACEDONIË

Gezien de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie, enerzijds, en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, anderzijds,

Gezien Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad van 15 februari 2007 tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en met name artikel 28, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Europese Raad van Luxemburg van december 1997 heeft deelname aan de agentschappen van de Unie een manier genoemd om de pretoetredingsstrategie te intensiveren. In de conclusies van de Europese Raad staat dat “de kandidaat-lidstaten volgens een per geval te nemen besluit kunnen deelnemen aan agentschappen”.

(2) De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië deelt de doelstellingen en oogmerken van het Bureau en kan zich vinden in de reikwijdte en beschrijving van de taken van het Bureau als neergelegd in Verordening (EG) nr. 168/2007.

(3) Het is passend de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau mogelijk te maken, en de modaliteiten daarvoor vast te stellen, met inbegrip van bepalingen met betrekking tot de deelname aan de door het Bureau ontwikkelde initiatieven, de financiële bijdrage en het personeel.

(4) Het is tevens wenselijk dat het Bureau zich bezighoudt met onder artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007 vallende grondrechtenvraagstukken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, voor zover dat nodig is voor de geleidelijke aanpassing van het land aan het recht van de Unie.

(5) Overeenkomstig artikel 12, lid 2, onder a), van de Regeling die van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen, als bedoeld in Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad, kan de directeur van het Bureau instemmen met de aanstelling van onderdanen van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië die hun rechten als staatsburger bezitten,

BESLUIT:

Artikel 1

De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië neemt als kandidaat-lidstaat in de hoedanigheid van waarnemer deel aan het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, opgericht bij Verordening (EG) nr. 168/2007.

Artikel 2

1. Het Bureau kan zich bezighouden met onder artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007 vallende grondrechtenvraagstukken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, voor zover dat nodig is voor de geleidelijke aanpassing van het land aan het recht van de Unie.

2. Tot dit doel zal het Bureau in staat worden gesteld de in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 neergelegde taken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië te vervullen.

Artikel 3

De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië draagt financieel bij tot de in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 168/2007 bedoelde werkzaamheden van het Bureau, overeenkomstig het bepaalde in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 4

1. De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië wijst personen aan die voldoen aan de criteria van artikel 12, lid 1, van de verordening, respectievelijk als waarnemers en plaatsvervangende waarnemers. Zij mogen deelnemen aan de werkzaamheden van de raad van bestuur op gelijke voet met de leden en plaatsvervangende leden die door de lidstaten zijn aangewezen, maar zonder stemrecht.

2. De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië wijst een regeringsfunctionaris aan als nationale verbindingsfunctionaris, als bedoeld in artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007.

3. Binnen vier maanden na de inwerkingtreding van dit besluit stelt de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië de Europese Commissie in kennis van de namen, kwalificaties en contactgegevens van de in de leden 1 en 2 genoemde personen.

Artikel 5

De gegevens die het Bureau ontvangt of meedeelt, kunnen openbaar worden gemaakt en zijn toegankelijk voor het publiek, op voorwaarde dat vertrouwelijke informatie binnen de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië dezelfde graad van bescherming krijgt als binnen de Unie.

Artikel 6

Het Bureau beschikt in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië over dezelfde status als rechtspersonen volgens het recht van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Artikel 7

Om het Bureau en zijn personeel in staat te stellen hun taken te vervullen, verleent de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië dezelfde voorrechten en immuniteiten als bedoeld in de artikelen 1 tot en met 4, 5, 6, 10 tot en met 13, 15, 17 en 18 van Protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie, dat is gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Artikel 8

De partijen treffen elk alle algemene en bijzondere maatregelen die vereist zijn om aan hun verplichtingen krachtens dit besluit te voldoen en brengen deze ter kennis van de Stabilisatie- en Associatieraad.

Artikel 9

Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgende op de datum waarop het wordt aangenomen.

BIJLAGE

I

FINANCIËLE BIJDRAGE VAN DE VOORMALIGE JOEGOSLAVISCHE REPUBLIEK MACEDONIË AAN HET BUREAU VAN DE EUROPESE UNIE VOOR DE GRONDRECHTEN

5. De door de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië te betalen financiële bijdrage aan de algemene begroting van de Europese Unie met het oog op deelname aan het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (hierna "het Bureau" genoemd), zoals bedoeld onder punt 2, dekt de volledige kosten van haar deelname hieraan.

6. De financiële bijdrage van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië aan de begroting van de Europese Unie is als volgt:

Jaar 1: | 165 000 euro |

Jaar 2: | 170 000 euro |

Jaar 3: | 175 000 euro |

7. Tot mogelijke financiële steun uit de steunprogramma’s van de Unie wordt afzonderlijk besloten volgens het relevante programma van de Unie.

8. De bijdrage van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië wordt beheerd overeenkomstig het financieel reglement dat van toepassing is op de algemene begroting van de Europese Unie.

9. De reis- en verblijfkosten van de vertegenwoordigers en deskundigen van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië voor deelname aan activiteiten en vergaderingen in het kader van de uitvoering van het werkprogramma van het Bureau worden terugbetaald door het Bureau op dezelfde basis als en in overeenstemming met de procedures welke momenteel gelden voor de lidstaten van de Europese Unie.

10. Bij de inwerkingtreding van dit besluit en het begin van ieder nieuw jaar doet de Commissie de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië een verzoek tot storting toekomen ter hoogte van de volgens dit besluit verschuldigde bijdrage van dat land aan het Bureau. Voor het eerste kalenderjaar van haar deelname betaalt de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië een bijdrage die op pro-ratabasis wordt berekend vanaf de datum van het begin van haar deelname tot het einde van het jaar. De hierop volgende jaren stemt de bijdrage overeen met de bepalingen van dit besluit.

11. Deze bijdrage wordt uitgedrukt in euro en betaald op een euro-bankrekening van de Europese Commissie.

12. De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië betaalt zijn bijdrage overeenkomstig het verzoek tot storting uiterlijk binnen dertig dagen nadat het verzoek tot storting door de Commissie is verzonden.

13. Elke vertraging bij de betaling geeft vanaf de vervaldatum aanleiding tot betaling door de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië van rente over het uitstaande bedrag. De rentevoet stemt overeen met de door de Europese Centrale Bank op de vervaldag voor haar eurotransacties gehanteerde rentevoet, vermeerderd met 1,5 procentpunten.

FINANCIEEL MEMORANDUM VOOR VOORSTELLEN

1. KADER VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF

1.1. Benaming van het voorstel/initiatief

1.2. Betrokken beleidsterrein(en) in de ABM/ABB-structuur

1.3. Aard van het voorstel/initiatief

1.4. Doelstelling(en)

1.5. Motivering van het voorstel/initiatief

1.6. Duur van de actie en financiële gevolgen

1.7. Beheersvorm(en)

2. BEHEERSMAATREGELEN

2.1. Regels inzake het toezicht en de verslagen

2.2. Beheers- en controlesysteem

2.3. Maatregelen ter voorkoming van fraude en onregelmatigheden

3. GERAAMDE FINANCIËLE GEVOLGEN VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF

3.1. Rubriek(en) van het meerjarige financiële kader en betrokken begrotingsonderd(e)l(en) van de uitgaven

3.2. Geraamde gevolgen voor de uitgaven

3.2.1. Samenvatting van de geraamde gevolgen voor de uitgaven

3.2.2. Geraamde gevolgen voor de beleidskredieten

3.2.3. Geraamde gevolgen voor de administratieve kredieten

3.2.4. Verenigbaarheid met het huidige meerjarige financiële kader

3.2.5. Bijdrage van derden aan de financiering

3.3. Geraamde gevolgen voor de ontvangsten

FINANCIEEL MEMORANDUM VOOR VOORSTELLEN

KADER VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF

Benaming van het voorstel/initiatief

Besluit van de Raad betreffende het standpunt van de Unie inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

Betrokken beleidsterrein(en) in de ABM/ABB-structuur[2]

Beleidsterrein : 18 "Vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid"

ABB-activiteit: 18 04 "Grondrechten en burgerschap"

Aard van het voorstel/initiatief

( Het voorstel/initiatief betreft een nieuwe actie

Doelstellingen

De met het voorstel/initiatief beoogde strategische meerjarendoelstelling(en) van de Commissie

Dit besluit zal bijdragen tot de succesvolle voorbereiding van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië op volwaardig lidmaatschap van de Europese Unie.

Specifieke doelstelling(en) en betrokken ABM/ABB-activiteiten

Specifieke doelstelling: Het besluit moet de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië in staat stellen als waarnemer deel te nemen aan de werkzaamheden van het Bureau en het Bureau de bevoegdheid geven om zich bezig te houden met grondrechtenvraagstukken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Betrokken AMB/ABB-activiteit: 18 04 "Grondrechten en burgerschap".

Verwachte resulta(a)t(en) en gevolg(en)

Dit besluit zal bijgedragen tot de succesvolle voorbereiding van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië op volwaardig lidmaatschap van de Europese Unie.

Resultaat- en effectindicatoren

Vermeld de indicatoren aan de hand waarvan kan worden nagegaan in hoeverre het voorstel/initiatief is uitgevoerd.

Het besluit stelt het Bureau in staat de in de artikelen 4 en 5 van de verordening neergelegde taken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië te vervullen.

Het evaluatiekader voor het Bureau zal in 2011 van kracht zijn en wordt aangevuld met de prestatienormen waarmee kan worden nagegaan in welke mate het Bureau de verwachte resultaten bereikt.

Het logisch model van het Bureau voor de grondrechten, dat de 9 verschillende, met elkaar verbonden thematische gebieden gemeen hebben, bevat vooraf vastgestelde types door de verschillende projecten te bereiken outputs , die naar verwachting moeten leiden tot onmiddellijke resultaten en op langere termijn moeten bijdragen tot de tussentijdse resultaten en tot de finale, alomvattende impact van het Bureau ( uiteindelijk resultaat ).

Wat de output betreft, zullen de mogelijkheid om de types outputs te vergelijken (bijvoorbeeld het aantal institutionele verslagen, enquêtes, thematische verslagen, in kaart gebrachte goede werkwijzen, de ontwikkeling van statistische instrumenten en methoden, opleiding en wederzijds leren, enz.) en de vaststelling van nadere kwantitatieve en kwalitatieve gegevens die in de loop van het jaar moeten worden verzameld (gestandaardiseerde templates voor verslagen, enquêtes van deelnemers aan de hand van een gestandaardiseerde vragenlijst, standaardcontrolelijst voor de kwaliteitsbeoordeling van de geleverde resultaten) voortdurend toezichtgegevens opleveren die zullen worden samengevat, geanalyseerd en geïnterpreteerd (voor tussentijdse en jaarlijkse evaluatieverslagen).

Zo ook voorziet het toezichtskader (voor elk thematisch gebied) in een aantal jaarlijkse enquêtes zodat meer specifieke gegevens kunnen worden verzameld over de behaalde resultaten; deze zullen gebaseerd zijn op grotendeels uniforme vragenlijsten die zullen worden aangepast aan de specifieke onderwerpen die op een bepaald thematisch gebied aan de orde komen.

Tegelijk zal op het niveau van de tussentijdse resultaten ook meer diepgaande kwalitatieve deskresearch nodig zijn om de resultaten op de thematische gebieden die moeten worden gevolgd en waarover verslag moet worden uitgebracht, te kunnen analyseren en interpreteren. Daarnaast zullen vergaderingen van focusgroepen de verzamelde toezichtgegevens helpen interpreteren door deze te contextualiseren en te synthetiseren (om bv. na te gaan hoe en in welke mate het Bureau bijdraagt tot (1) de doeltreffende uitwisseling van informatie/kennisverwerving over en een beter gemeenschappelijk inzicht in grondrechten bij beleidsmakers/besluitvormers en belanghebbenden in de lidstaten (2) een goed onderbouwd EU-beleid en EU-wetgeving op zijn bevoegdheidsdomein, toegesneden op de behoeften, uitdagingen en omstandigheden in de lidstaten (3) een betere integratie van horizontale grondrechtenkwesties en grotere consistentie in het EU-beleid en de EU–wetgeving op aanverwante terreinen, enz.).

Motivering van het voorstel/initiatief

Behoefte(n) waarin op korte of lange termijn moet worden voorzien

Het besluit moet de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië in staat stellen als waarnemer deel te nemen aan de werkzaamheden van het Bureau en het Bureau de bevoegdheid geven om zich bezig te houden met grondrechtenvraagstukken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Toegevoegde waarde van de deelname van de EU

Door zich bezig te houden met grondrechtenvraagstukken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië zal het Bureau van nut zijn voor de geleidelijke aanpassing van het land aan het recht van de Unie.

Ervaring die bij soortgelijke activiteiten in het verleden is opgedaan

Het voorstel voor Verordening (EG) nr. 168/2007 omvatte een effectbeoordeling in verband met de geografische reikwijdte van de activiteiten van het Bureau.

Het Europees Waarnemingscentrum voor racisme en vreemdelingenhaat (de voorloper van het Bureau) voerde PHARE-projecten uit in diverse kandidaat-lidstaten (RO, BG, TR en HR) die een positief gevolg hadden zowel voor de kandidaat-lidstaten zelf als voor het Centrum.

Verenigbaarheid en eventuele synergie met andere relevante instrumenten

De kosten van de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië zullen gedeeltelijk door het IPA worden gedragen.

Duur van de actie en financiële gevolgen

Voorstel/initiatief met een beperkte geldigheidsduur

- Voorstel/initiatief van kracht vanaf 2011 tot de datum van toetreding van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië tot de EU

- Financiële gevolgen van 2011 tot en met 2013

Beheersvorm(en)[3]

( Indirect gecentraliseerd beheer door uitvoeringstaken te delegeren aan:

- ( door de Gemeenschappen opgerichte organen[4]

BEHEERSMAATREGELEN

Regels inzake het toezicht en de verslagen

Vermeld frequentie en voorwaarden

De werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, met inbegrip van de deelname van kandidaat-lidstaten aan de activiteiten van het Bureau, worden regelmatig geëvalueerd overeenkomstig het kader als neergelegd in Verordening (EG) nr. 168/2007 en rekening houdend met het meerjarige kader van het Bureau alsook de jaarlijkse werkprogramma's.

Beheers- en controlesysteem

Geconstateerde risico’s

(1) De kennis van het personeel over de betrokken markt.

(2) Specifieke problemen inzake het verzamelen van gegevens over grondrechten door een tekort aan aanbieders op de markt.

(3) Gevolgen voor de aanbestedingsprocedure door het niet beschikbaar zijn van dienstverstrekkers op het gebied het verzamelen van gegevens over grondrechten.

(4) Gevolgen voor de onderzoeksresultaten doordat onvoldoende gegevens werden verzameld of doordat geen gegevens beschikbaar zijn.

Controlemiddel(en)

(1) Analyse van de specifieke kennis, vaardigheden en bekwaamheden die voor de uitvoering van de maatregel zijn vereist en nagaan of opleiding van personeel nodig is.

(2) Versterken van de controle op de activiteiten van contractanten, vooral wanneer zij nieuw zijn in het verstrekken van gegevens over grondrechten.

Duidelijke beschrijving van de technische vereisten en van het bestek en gebruik van meervoudige raamcontracten. Maatregelen ter voorkoming van fraude en onregelmatigheden

Vermeld de bestaande en geplande preventie- en beschermingsmaatregelen.

Om fraude, corruptie en andere ongeoorloofde praktijken te bestrijden is Verordening (EG) nr. 1073/1999 zonder beperkingen op het Bureau voor de grondrechten van toepassing.

Het Bureau treedt toe tot het interinstitutioneel akkoord van 25 mei 1999 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de interne onderzoeken verricht door het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en stelt onverwijld de passende voorschriften vast die op al zijn personeelsleden van toepassing zijn.

De financieringsbesluiten en de eruit voortvloeiende uitvoeringsovereenkomsten en -instrumenten bepalen uitdrukkelijk dat de Rekenkamer en het OLAF, indien nodig, bij de begunstigden van middelen van het Bureau en bij de tussenpersonen die deze middelen verdelen, tot controle ter plaatse kunnen overgaan.

GERAAMDE FINANCIËLE GEVOLGEN VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF

Rubriek(en) van het meerjarige financiële kader en betrokken begrotingsonderd(e)l(en) van de uitgaven

- Bestaande begrotingsonderdelen

Rubriek van het meerjarige financiële kader | Begrotingsonderdeel | Soort uitgave | Bijdrage |

Aantal [Omschrijving…………………...……….] | GK/ NGK ([5]) | van EVA-landen[6] | van kandidaat-lidstaten[7] | van derde landen | in de zin van artikel 18, lid 1, onder a bis), van het Financieel Reglement |

5 | XX 01 01 01 Uitgaven voor de indienstneming van personeel op de hoofdzetel | NGK | Nee | Nee | Nee | Nee |

Geraamde gevolgen voor de uitgaven

Samenvatting van de geraamde gevolgen voor de uitgaven

Rubriek van het meerjarige financiële kader: | 5 | "Administratieve uitgaven" |

in miljoenen euro (tot op 3 decimalen)

DG: JUST | Jaar 2011 | Jaar 2012 | Jaar 2013 | TOTAAL |

( Personele middelen | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

( Overige administratieve uitgaven | - | - | - | - |

TOTAAL DG JUST | Kredieten | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

TOTAAL kredieten voor RUBRIEK 5 van het meerjarige financiële kader | (Totaal vastleggingen = totaal betalingen) | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

in miljoenen euro (tot op 3 decimalen)

Jaar 2011 | Jaar 2012 | Jaar 2013 | TOTAAL |

TOTAAL kredieten onder de RUBRIEKEN 1 tot en met 5 van het meerjarige financiële kader | Vastleggingen | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

Betalingen | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

Geraamde gevolgen voor de beleidskredieten

- Voor het voorstel/initiatief zijn geen beleidskredieten nodig

Geraamde gevolgen voor de administratieve kredieten

Samenvatting

- Voor het voorstel/initiatief zijn administratieve kredieten nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven:

in miljoenen euro (tot op 3 decimalen)

Jaar 2011 | Jaar 2012 | Jaar 2013 | TOTAAL |

RUBRIEK 5 van het meerjarige financiële kader |

Personele middelen | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

Overige administratieve uitgaven | - | - | - | - |

Subtotaal RUBRIEK 5 van het meerjarige financiële kader | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

Buiten RUBRIEK 5[8] van het meerjarige financiële kader |

Personele middelen | - | - | - | - |

Andere uitgaven van administratieve aard | - | - | - | - |

Subtotaal buiten RUBRIEK 5 van het meerjarige financiële kader | - | - | - | - |

TOTAAL | 0,061 | 0,061 | 0,061 | 0,183 |

Geraamde personeelsbehoeften

- Voor het voorstel/initiatief zijn personele middelen nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven:

Jaar 2011 | Jaar 2012 | Jaar 2013 |

( Plaatsen volgens de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen) |

XX 01 01 01 (Personeel in de zetel) | 0,5 | 0,5 | 0,5 |

( Extern personeel (in voltijdequivalenten: VTE)[9] |

TOTAAL | 0,5 | 0,5 | 0,5 |

Er zal in de door de Commissie gevraagde personele middelen worden voorzien door middel van het personeel van het DG dat reeds voor het beheer van de actie is toegewezen

Beschrijving van de uit te voeren taken:

Ambtenaren en tijdelijke functionarissen | Gegevens verzamelen over grondrechtenvraagstukken in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië |

Verenigbaarheid met het huidige meerjarige financiële kader

- Het voorstel/initiatief is verenigbaar met het huidige meerjarige financiële kader.

Bijdragen van derden aan de financiering

- Het voorstel/initiatief voorziet in medefinanciering, zoals hieronder wordt geraamd:

Kredieten in miljoenen euro (tot op 3 decimalen)

Jaar N | Jaar N+1 | Jaar N+2 | Totaal |

Bron/organisatie van medefinanciering | 0,165 | 0,170 | 0,175 | 0,510 |

TOTAAL medegefinancierde kredieten | 0.165 | 0.175 | 0,175 | 0,510 |

Geraamde gevolgen voor de ontvangsten

- Het voorstel/initiatief heeft de hieronder beschreven financiële gevolgen:

- ( voor de eigen middelen

- ( voor de diverse ontvangsten

in miljoenen euro (tot op 3 decimalen)

Begrotingsonderdeel voor ontvangsten | Voor het lopende begrotingsjaar beschikbare kredieten | Gevolgen van het voorstel/initiatief[10] |

Jaar 2011 | Jaar 2012 | Jaar 2013 |

Artikel 603.1 | 0,165 | 0,170 | 0,175 |

Voor de diverse ontvangsten die worden "toegewezen", vermeld het (de) betrokken begrotingsonderde(e)l(en).

18 04 05 03 en 18 04 05 04

Vermeld de wijze van berekening van de gevolgen voor de ontvangsten.

Zie bijlage I bij het besluit.

BIJLAGE bij het FINANCIEEL MEMORANDUM

Benaming van het voorstel/initiatief:

Besluit van de Raad betreffende het standpunt van de Unie inzake de deelname van de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel.

14. NODIG GEACHTE PERSONELE MIDDELEN en KOSTEN DAARVAN

15. KOSTEN van ANDERE UITGAVEN VAN ADMINISTRATIEVE AARD

16. Nodig geachte personele middelen en kosten daarvan

17. Voor het voorstel/initiatief zijn personele middelen nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven:

in miljoenen euro (tot op 3 decimalen)

RUBRIEK 5 van het meerjarige financiële kader | Jaar 2011 | Jaar 2012 | Jaar 2013 |

( Extern personeel |

| VTE |Krediet | VTE |Krediet | VTE |Krediet | | TOTAAL RUBRIEK 5 & Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarige financiële kader |0,5 |0,061 |0,5 |0,061 |0,5 |0,061 | |

Er zal in de benodigde personele middelen worden voorzien door middel van het personeel van het DG dat reeds voor het beheer van de actie is toegewezen

18. Kosten van andere uitgaven van administratieve aard

19. Voor het voorstel/initiatief zijn geen administratieve kredieten nodig

[1] Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad van 15 februari 2007 tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (PB L 53 van 22.2.2007, blz. 1).

[2] ABM: Activity-Based Management – ABB: Activity-Based Budgeting.

[3] Nadere gegevens over de beheersvormen en verwijzingen naar het Financieel Reglement zijn beschikbaar op BudgWeb: http://www.cc.cec/budg/man/budgmanag/budgmanag_en.html

[4] In de zin van artikel 185 van het Financieel Reglement.

[5] GK = gesplitste kredieten / NGK = niet-gesplitste kredieten.

[6] EVA: Europese Vrijhandelsassociatie.

[7] Kandidaat-lidstaten en, in voorkomend geval, potentiële kandidaat-lidstaten van de Westelijke Balkan.

[8] Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van programma's en/of acties van de EU (vroegere "BA"-onderdelen), indirect onderzoek, direct onderzoek.

[9] CA=arbeidscontractant ("Contract Agent"); INT = uitzendkrachten ("Intérimaire"); JED= jonge deskundige in delegatie ("Jeune Expert en Délégation"); LA = plaatselijk functionaris ("Local Agent"); SNE= gedetacheerd nationaal deskundige ("Seconded National Expert").

[10] Voor traditionele eigen middelen (douanerechten en suikerheffingen) moeten nettobedragen worden vermeld, d.w.z. na aftrek van 25% aan inningskosten.