|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2024/2604 |
8.10.2024 |
BESLUIT (EU) 2024/2604 VAN DE RAAD
van 25 juni 2024
betreffende de ondertekening, namens de Europese Unie, en de voorlopige toepassing van de Overeenkomst tussen de Europese Unie, IJsland, het Vorstendom Liechtenstein en het Koninkrijk Noorwegen betreffende een financieel mechanisme van de EER voor de periode mei 2021-april 2028, de Overeenkomst tussen het Koninkrijk Noorwegen en de Europese Unie betreffende een financieel mechanisme van Noorwegen voor de periode mei 2021-april 2028, het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en het Koninkrijk Noorwegen en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en IJsland
(Voor de EER relevante tekst)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 217, in samenhang met artikel 218, lid 5,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Het blijft noodzakelijk de economische en sociale verschillen binnen de Europese Economische Ruimte te verminderen, en derhalve dient een nieuw mechanisme voor de financiële bijdragen van de EER-EVA-staten en een nieuw financieel mechanisme van Noorwegen te worden ingesteld. |
|
(2) |
Op 20 mei 2021 heeft de Raad de Commissie gemachtigd onderhandelingen te openen met IJsland, het Vorstendom Liechtenstein en het Koninkrijk Noorwegen over een overeenkomst inzake de toekomstige financiële bijdragen van de EER-EVA-staten aan de economische en sociale cohesie in de Europese Economische Ruimte. De Commissie heeft namens de Unie onderhandeld over een overeenkomst tussen de Europese Unie, IJsland, het Vorstendom Liechtenstein en het Koninkrijk Noorwegen betreffende een financieel mechanisme van de EER voor de periode mei 2021-april 2028. Dit financieel mechanisme wordt opgenomen in een nieuw Protocol nr. 38 quinquies bij de EER-overeenkomst. De Commissie heeft ook namens de Unie onderhandeld over een overeenkomst tussen het Koninkrijk Noorwegen en de Europese Unie betreffende een financieel mechanisme van Noorwegen voor de periode mei 2021-april 2028. |
|
(3) |
Het financieel mechanisme van de EER voor de periode mei 2021-april 2028 (“financieel mechanisme van de EER”) en het financieel mechanisme van Noorwegen voor de periode mei 2021-april 2028 (“financieel mechanisme van Noorwegen”) zullen bijdragen tot het verkleinen van de economische en sociale verschillen in de Europese Economische Ruimte en tot de versterking van de betrekkingen tussen de EER-EVA-staten en de begunstigde staten. |
|
(4) |
Het financieel mechanisme van de EER weerspiegelt de voordelen die de EER-EVA-staten halen uit hun deelname aan de interne markt en houdt rekening met de doelstelling om de gestadige en evenwichtige versterking van de handel en de economische betrekkingen tussen alle overeenkomstsluitende partijen bij de EER-overeenkomst te bevorderen overeenkomstig artikel 115 van de EER-overeenkomst. |
|
(5) |
Het financieel mechanisme van de EER en het financieel mechanisme van Noorwegen voorzien in speciale procedures voor een efficiëntere uitvoering en raadpleging van de begunstigde staten. Met name voorzien zowel het financieel mechanisme van de EER als het financieel mechanisme van Noorwegen in overleg met de Commissie op strategisch niveau tijdens de onderhandelingen voor de memoranda van overeenstemming tussen de donorstaten en de begunstigde staten. Zij voorzien ook in regelingen voor bijstand van de Commissie aan de begunstigde staten bij het overleg over de bepalingen voor de uitvoering van de mechanismen. Deze waarborgen zullen bijdragen tot een efficiënte en tijdige uitvoering van de mechanismen, waarbij ten volle rekening wordt gehouden met de behoeften van de begunstigde staten en met de aanzienlijke moeilijkheden die zij kunnen ondervinden bij de uitvoering van de financiële mechanismen, onder meer met betrekking tot de gemeenschappelijke waarden en de beginselen van eerbiediging van de menselijke waardigheid, vrijheid, democratie, gelijkheid, de rechtsstaat en eerbiediging van de mensenrechten. In dit verband moet aandacht uitgaan naar het recht van een begunstigde staat om te worden gehoord wanneer het gaat om maatregelen zoals opschorting van betalingen en terugvordering van middelen. |
|
(6) |
Aangezien het financieel mechanisme van de EER als aanvullend protocol aan de EER-overeenkomst zal worden gehecht, kan de Unie, overeenkomstig de desbetreffende procedures uit hoofde van de Verdragen, geschillen over de interpretatie of toepassing van het aanvullend protocol aan het Gemengd Comité voorleggen krachtens artikel 111 van de EER-overeenkomst. Overeenkomstig artikel 89 van de EER-overeenkomst kan de EER-Raad iedere aangelegenheid onderzoeken die aanleiding geeft tot moeilijkheden. |
|
(7) |
De bijzondere bepalingen inzake de invoer in de Unie van bepaalde vis en visserijproducten van oorsprong uit IJsland en Noorwegen, die zijn opgenomen in de aanvullende protocollen bij hun respectieve vrijhandelsovereenkomsten met de Europese Economische Gemeenschap (1), zijn op 30 april 2021 verstreken en dienen overeenkomstig artikel 1 van die aanvullende protocollen te worden herzien. Naast de onderhandelingen over een toekomstige financiële bijdrage en als onderdeel van een alomvattend pakket heeft de Raad op 20 mei 2021 de Commissie derhalve gemachtigd om onderhandelingen te openen over een overeenkomst inzake markttoegang voor vis en visserijproducten van oorsprong uit IJsland en Noorwegen. |
|
(8) |
De vervanging van de bestaande financiële mechanismen door nieuwe mechanismen, die voorzien in speciale procedures, betrekking hebben op andere tijdsperioden en andere bedragen van de fondsen en die andere uitvoeringsbepalingen hebben, vormt, samen met de hernieuwing en verlenging van de concessies ten aanzien van bepaalde vis en visserijproducten, die deel uitmaakten van het alomvattende onderhandelingspakket, als geheel beschouwd, een belangrijke ontwikkeling van de associatie met de EER-EVA-staten, wat rechtvaardigt dat gebruik wordt gemaakt van artikel 217 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. |
|
(9) |
De hierboven vermelde overeenkomsten en aanvullende protocollen voorzien in voorlopige toepassing in afwachting van de inwerkingtreding. |
|
(10) |
Alle overeenkomsten en aanvullende protocollen moeten namens de Europese Unie worden ondertekend, onder voorbehoud van de sluiting ervan op een latere datum, en voorlopig worden toegepast. |
|
(11) |
Overeenkomstig de Verdragen dient de Commissie te zorgen voor de ondertekening van de overeenkomsten en de aanvullende protocollen, onder voorbehoud van de sluiting ervan, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Er wordt machtiging verleend tot de ondertekening, namens de Unie, van de Overeenkomst tussen de Europese Unie, IJsland, het Vorstendom Liechtenstein en het Koninkrijk Noorwegen betreffende een financieel mechanisme van de EER voor de periode mei 2021-april 2028, de Overeenkomst tussen het Koninkrijk Noorwegen en de Europese Unie betreffende een financieel mechanisme van Noorwegen voor de periode mei 2021-april 2028, het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en het Koninkrijk Noorwegen en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en IJsland, onder voorbehoud van de sluiting van die overeenkomsten en aanvullende protocollen (2).
Artikel 2
De Commissie zorgt voor de ondertekening van de Overeenkomst tussen de Europese Unie, IJsland, het Vorstendom Liechtenstein en het Koninkrijk Noorwegen betreffende een financieel mechanisme van de EER voor de periode mei 2021-april 2028, de Overeenkomst tussen het Koninkrijk Noorwegen en de Europese Unie betreffende een financieel mechanisme van Noorwegen voor de periode mei 2021-april 2028, het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en het Koninkrijk Noorwegen en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en IJsland, onder voorbehoud van de sluiting ervan.
Artikel 3
Onder voorbehoud van de sluiting op een latere datum, en in afwachting van de voltooiing van de procedures die nodig zijn voor de inwerkingtreding ervan, worden de Overeenkomst tussen de Europese Unie, IJsland, het Vorstendom Liechtenstein en het Koninkrijk Noorwegen betreffende een financieel mechanisme van de EER voor de periode mei 2021-april 2028 en de Overeenkomst tussen het Koninkrijk Noorwegen en de Europese Unie betreffende een financieel mechanisme van Noorwegen voor de periode mei 2021-april 2028, overeenkomstig respectievelijk artikel 3, derde lid, en artikel 10, lid 3, van de betreffende overeenkomsten, voorlopig toegepast vanaf de eerste dag van de eerste maand volgend op de neerlegging van de laatste kennisgeving (3).
Onder voorbehoud van de sluiting op een latere datum, en in afwachting van de voltooiing van de procedures die nodig zijn voor de inwerkingtreding ervan, wordt het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en het Koninkrijk Noorwegen overeenkomstig artikel 5, lid 3, van het aanvullend protocol voorlopig toegepast vanaf de eerste dag van de derde maand volgend op de neerlegging van de laatste kennisgeving (4).
Onder voorbehoud van de sluiting op een latere datum, en in afwachting van de voltooiing van de procedures die nodig zijn voor de inwerkingtreding ervan, wordt het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en IJsland overeenkomstig artikel 4, lid 3, van het aanvullend protocol voorlopig toegepast vanaf de eerste dag van de derde maand volgend op de neerlegging van de laatste kennisgeving (5).
Artikel 4
Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.
Gedaan te Luxemburg, 25 juni 2024.
Voor de Raad
De voorzitter
H. LAHBIB
(1) PB L 141 van 28.5.2016, blz. 18 en 22.
(2) De tekst van de overeenkomst en de aanvullende protocollen is bekendgemaakt in PB L, 2024/2600, 8.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/prot/2024/2600/oj; PB L, 2024/2601, 8.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/prot/2024/2601/oj; PB L, 2024/2602, 8.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/2024/2602/oj; PB L, 2024/2603, 8.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/2024/2603/oj.
(3) De datum met ingang waarvan de overeenkomsten voorlopig worden toegepast, wordt door het secretariaat-generaal van de Raad bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
(4) De datum met ingang waarvan het aanvullend protocol voorlopig wordt toegepast, wordt door het secretariaat-generaal van de Raad bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
(5) De datum met ingang waarvan het aanvullend protocol voorlopig wordt toegepast, wordt door het secretariaat-generaal van de Raad bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/2604/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)