EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 11.8.2021
COM(2021) 469 final
BIJLAGE
bij
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD
betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt met betrekking tot een wijziging van Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst
betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden
(Horizon Europa)
BIJLAGE
BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER
Nr. […]
van […]
tot wijziging van Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden
HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-Overeenkomst” genoemd), en met name de artikelen 86 en 98,
Overwegende hetgeen volgt:
(1)Het is wenselijk de samenwerking tussen de partijen bij de EER-Overeenkomst uit te breiden tot Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van Horizon Europa – het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, tot vaststelling van de regels voor deelname en verspreiding en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013.
(2)Het is wenselijk de samenwerking tussen de partijen bij de EER-Overeenkomst uit te breiden tot Verordening (EU) 2021/819 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 betreffende het Europees Instituut voor innovatie en technologie (herschikking).
(3)Het is wenselijk dat de deelname van de EVA-staten aan de activiteiten in het kader van Verordening (EU) 2021/695 en Verordening (EU) 2021/819 aanvangt op 1 januari 2021, onafgezien van de vraag wanneer dit besluit wordt goedgekeurd, of van de vraag of na 10 juli 2021 kennisgeving wordt gedaan dat voldaan is aan de grondwettelijke vereisten, indien van toepassing.
(4)In de EVA-staten gevestigde entiteiten moeten de mogelijkheid hebben om deel te nemen aan activiteiten die van start gaan vóór de inwerkingtreding van dit besluit. De kosten voor activiteiten waarvan de uitvoering is gestart na 1 januari 2021, kunnen in aanmerking komen voor subsidie onder dezelfde voorwaarden als de kosten die worden gemaakt door in de EU-lidstaten gevestigde entiteiten, mits dit besluit in werking treedt voor het einde van de betrokken activiteit.
(5)De voorwaarden voor de deelname van de EVA-staten en hun instellingen, ondernemingen, organisaties en onderdanen aan programma’s van de Europese Unie zijn uiteengezet in de EER-Overeenkomst, en met name in artikel 81.
(6)Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd om deze uitgebreide samenwerking met ingang van 1 januari 2021 mogelijk te maken,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 1 van Protocol 31 bij de EER-Overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:
1.In lid 5 wordt het volgende toegevoegd:
“-32021 R 0695: Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van Horizon Europa – het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, tot vaststelling van de regels voor deelname en verspreiding en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013 (PB L 170 van 12.5.2021, blz. 1).
De kosten voor activiteiten waarvan de uitvoering is gestart na 1 januari 2021, kunnen in aanmerking komen voor subsidie vanaf de aanvangsdatum van de activiteit die in de betrokken subsidieovereenkomst of het betrokken subsidiebesluit is vastgesteld, onder de daarin vastgestelde voorwaarden, mits Besluit nr. XX/2021 van het Gemengd Comité van de EER van xx 2021 [onderhavig besluit] in werking treedt vóór het einde van de actie.
Liechtenstein wordt vrijgesteld van deelname en financiële bijdrage aan dit programma.”.
2.In lid 11, punt a), wordt “het volgende communautaire besluit” vervangen door “de volgende communautaire besluiten” en wordt het volgende toegevoegd:
“-32021 R 0819: Verordening (EU) 2021/819 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 betreffende het Europees Instituut voor innovatie en technologie (herschikking) (PB L 189 van 28.5.2021, blz. 61).
De kosten voor activiteiten waarvan de uitvoering is gestart na 1 januari 2021, kunnen in aanmerking komen voor subsidie vanaf de aanvangsdatum van de activiteit die in de betrokken subsidieovereenkomst of het betrokken subsidiebesluit is vastgesteld, onder de daarin vastgestelde voorwaarden, mits Besluit nr. XX/2021 van het Gemengd Comité van de EER van xx 2021 [onderhavig besluit] in werking treedt vóór het einde van de actie.”.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de laatste kennisgeving zoals bedoeld in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst.
Het is van toepassing met ingang van 1 januari 2021.
Artikel 3
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, […].
Voor het Gemengd Comité van de EER
De voorzitter
[…]
De secretarissen
van het Gemengd Comité van de EER
[…]