29.10.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 445/184


P9_TA(2020)0351

Geen bezwaar tegen een uitvoeringsmaatregel: International Accounting Standard 39 en International Financial Reporting Standards 4, 7, 9 en 16

Besluit van het Europees Parlement om geen bezwaar te maken tegen het ontwerp van verordening van de Commissie houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1126/2008 tot goedkeuring van bepaalde internationale standaarden voor jaarrekeningen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1606/2002 van het Europees Parlement en de Raad wat International Accounting Standard 39 en International Financial Reporting Standards 4, 7, 9 en 16 betreft (D069602/01 — 2020/2851(RPS))

(2021/C 445/23)

Het Europees Parlement,

—

gezien de ontwerpverordening van de Commissie (D069602/01,

—

gezien Verordening (EG) nr. 1606/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 19 juli 2002 betreffende de toepassing van internationale standaarden voor jaarrekeningen (1), en met name artikel 3, lid 1, daarvan,

—

gezien het advies van 26 oktober 2020 van het in artikel 6, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1606/2002 bedoelde regelgevende comité voor financiële verslaglegging,

—

gezien de brief van de Commissie van 28 oktober 2020, waarin zij het Parlement verzoekt te verklaren dat het geen bezwaar zal maken tegen de ontwerpverordening,

—

gezien de brief van de Commissie economische en monetaire zaken van 2 december 2020 aan de voorzitter van de Conferentie van commissievoorzitters,

—

gezien artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden (2),

—

gezien artikel 112, lid 4, onder d), en artikel 111, lid 6, van zijn Reglement,

—

gezien de aanbeveling voor een besluit van de Commissie economische en monetaire zaken,

—

gezien er geen bezwaar werd gemaakt binnen de in artikel 111, lid 6, derde en vierde streepjes, van zijn Reglement gestelde termijn, die op 15 december 2020 verstreek,

A.

overwegende dat de International Accounting Standards Board (IASB) op 27 augustus 2020 wijzigingen heeft aangebracht aan International Accounting Standard (IAS) 39 en aan International Financial Reporting Standards (IFRS) 4, 7, 9 en 16; overwegende dat deze wijzigingen tot doel hebben de onzekerheid te verlichten die verband houdt met de tweede fase van de vervanging van de interbancaire referentierentetarieven (Interbank Offered Rate of IBOR); overwegende dat de voorgestelde wijzigingen bedoeld zijn ter ondervanging van de gevolgen op het vlak van financiële rapportage van de huidige vervanging van de rentereferentie voor wijzigingen van financiële instrumenten (waardeveranderingen) en afdekkingstransacties (hedge accounting), ter verhindering van ongewenste boekhoudkundige gevolgen voor de waardering (of verwijdering uit de balans) van financiële instrumenten en leasecontracten, en ter voorkoming van de onderbreking van afdekkingsrelaties als gevolg van een door de regelgeving gestuurde vervanging van de referentierentevoeten; overwegende dat het zonder de voorgestelde wijzigingen kan zijn dat bedrijven onmiddellijk waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening moeten opnemen of afdekkingsrelaties moeten onderbreken, zelfs zonder hun risicobeheerstrategie te hebben gewijzigd; overwegende dat de Commissie de IASB ertoe heeft aangespoord de voorgestelde wijzigingen versneld bekend te maken, zodat de Unie ze tijdig kan goedkeuren;

B.

overwegende dat de European Financial Reporting Advisory Group (EFRAG) de Commissie op 14 september 2020 een positief advies inzake goedkeuring heeft doen toekomen;

C.

overwegende dat de Commissie tot de slotsom is gekomen dat de interpretatie voldoet aan de technische criteria voor goedkeuring als bedoeld in artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1606/2002, en stelt dat de voorgestelde wijzigingen onderbreking van de afdekkingsrelaties ten gevolg van onzekerheden in verband met de IBOR-transitie voorkomen, zodat jaarrekeningen overeenkomstig IFRS een juist beeld kunnen geven van de impact van risicobeheer en ongewenste volatiliteit bij winst en verlies kunnen vermijden;

D.

overwegende dat de IASB de ingangsdatum van de wijzigingen heeft vastgesteld op 1 januari 2021, en dat eerdere toepassing is toegestaan; overwegende dat financiële instellingen die zich aan de IFRS- en IAS-regels moeten houden, voor hun jaarrekening 2020 geen gebruik kunnen maken van de behandeling als bedoeld in de voorgestelde wijzigingen voordat deze zijn goedgekeurd en bekendgemaakt; overwegende dat indien ondernemingen in de Unie geen gebruik kunnen maken van de wijzigingen in kwestie, zij zich in een nadelige positie bevinden ten opzichte van hun concurrenten in andere jurisdicties; overwegende dat de voorgestelde wijzigingen dan ook vóór eind december 2020 moeten worden goedgekeurd en bekendgemaakt, zodat ze kunnen worden toegepast voor boekjaren die op, na of voor 1 januari 2021 beginnen;

1.

verklaart geen bezwaar te maken tegen de ontwerpverordening van de Commissie;

2.

verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de Commissie en, ter informatie, aan de Raad.

(1)  PB L 243 van 11.9.2002, blz. 1.

(2)  PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23.