|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2025/183 |
3.2.2025 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2025/183 VAN DE COMMISSIE
van 31 januari 2025
tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/53 wat betreft het aanbevolen maximumgehalte van de werkzame stof in volledig diervoeder van een toevoegingsmiddel voor diervoeding bestaande uit nonaanzuur voor bepaalde varkens- en pluimveecategorieën
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1), en met name artikel 13, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De verlening van vergunningen voor toevoegingsmiddelen voor diervoeding, met inbegrip van de redenen en procedures voor het verlenen en wijzigen van dergelijke vergunningen, is geregeld bij Verordening (EG) nr. 1831/2003. |
|
(2) |
Bij Verordening (EU) 2017/53 van de Commissie (2) is voor een periode van tien jaar een vergunning verleend voor het gebruik van nonaanzuur als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten. |
|
(3) |
De Commissie heeft de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) overeenkomstig artikel 13, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 verzocht om een advies over de vraag of de vergunning voor nonaanzuur als toevoegingsmiddel voor diervoeding nog steeds zou voldoen aan de in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vastgestelde voorwaarden indien de voorwaarden van die vergunning worden gewijzigd. De wijziging betreft een verhoging van het aanbevolen maximumgehalte van een toevoegingsmiddel voor diervoeding bestaande uit nonaanzuur. Bij het verzoek waren de nodige onderbouwende gegevens gevoegd. |
|
(4) |
De EFSA heeft in haar advies van 1 februari 2024 (3) geconcludeerd dat nonaanzuur veilig is voor alle mestpluimvee, alle pluimvee dat wordt opgefokt voor leg- of fokdoeleinden, alle Suidae voor mestdoeleinden en speenvarkens en gespeende biggen van alle Suidae in een gehalte van 100 mg/kg diervoeder. Zij heeft voorts geconcludeerd dat de wijziging van de bestaande vergunning voor het toevoegingsmiddel de conclusies over de veiligheid voor de consument en het milieu van haar advies van 5 april 2013 (4) niet zou wijzigen. De EFSA heeft ook geconcludeerd dat, aangezien nonaanzuur als aroma van levensmiddelen wordt erkend en de functie ervan in diervoeders in wezen dezelfde is als in levensmiddelen, de werkzaamheid ervan niet verder hoeft te worden aangetoond. De EFSA heeft geen conclusies kunnen trekken over de irritatie van de huid en de ogen door het toevoegingsmiddel, noch over de mogelijkheid van sensibilisatie van de huid en de luchtwegen. |
|
(5) |
Gezien het bovenstaande is de Commissie van oordeel dat de vergunning voor het preparaat van nonaanzuur als toevoegingsmiddel voor diervoeding nog steeds voldoet aan de voorwaarden van artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 wanneer het maximumgehalte van een toevoegingsmiddel voor diervoeding bestaande uit nonaanzuur wordt verhoogd van 5 tot 100 mg/kg volledig diervoeder voor alle mestpluimvee, alle pluimvee dat wordt opgefokt voor leg- of fokdoeleinden, alle Suidae voor mestdoeleinden en speenvarkens en gespeende biggen van alle Suidae. |
|
(6) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2017/53 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(7) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/53
In de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/53 wordt in de vermelding voor nonaanzuur, achtste kolom “Overige bepalingen”, het derde punt “Het aanbevolen maximumgehalte van de werkzame stof bedraagt 5 mg/kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 %.” vervangen door:
“Het aanbevolen maximumgehalte van de werkzame stof per kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 % bedraagt:
|
— |
100 mg voor alle pluimveesoorten gehouden voor mestdoeleinden; |
|
— |
100 mg voor alle pluimveesoorten opgefokt voor leg- of fokdoeleinden; |
|
— |
100 mg voor speenvarkens en gespeende biggen van alle Suidae; |
|
— |
100 mg voor alle Suidae gehouden voor mestdoeleinden; |
|
— |
5 mg voor andere diersoorten of -categorieën.”. |
Artikel 2
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 31 januari 2025.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2003/1831/oj.
(2) Uitvoeringsverordening (EU) 2017/53 van de Commissie van 14 december 2016 tot verlening van een vergunning voor butaan-1-ol, hexaan-1-ol, octaan-1-ol, nonaan-1-ol, dodecaan-1-ol, heptaan-1-ol, decaan-1-ol, pentaan-1-ol, ethanol, aceetaldehyde, propanal, butanal, pentanal, hexanal, octanal, decanal, dodecanal, nonanal, heptanal, undecanal, 1,1-diëthoxyethaan, mierenzuur, azijnzuur, propionzuur, valeriaanzuur, hexaanzuur, octaanzuur, decaanzuur, dodecaanzuur, oliezuur, hexadecaanzuur, tetradecaanzuur, heptaanzuur, nonaanzuur, ethylacetaat, propylacetaat, butylacetaat, hexylacetaat, octylacetaat, nonylacetaat, decylacetaat, dodecylacetaat, heptylacetaat, methylacetaat, methylbutyraat, butylbutyraat, pentylbutyraat, hexylbutyraat, octylbutyraat, ethyldecanoaat, ethylhexanoaat, propylhexanoaat, pentylhexanoaat, hexylhexanoaat, methylhexanoaat, ethylformiaat, ethyldodecanoaat, ethyltetradecanoaat, ethylnonanoaat, ethyloctanoaat, ethylpropionaat, methylpropionaat, ethylvaleraat, butylvaleraat, ethylhex-3-enoaat, ethylhexadecanoaat, ethyl-trans-2-butenoaat, ethylundecanoaat, butylisovaleraat, hexylisobutyraat, methyl-2-methylbutyraat, hexyl-2-methylbutyraat, triëthylcitraat, hexylisovaleraat en methyl-2-methylvaleraat als toevoegingsmiddelen voor diervoeding voor alle diersoorten (PB L 13 van 17.1.2017, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2017/53/oj).
(3) EFSA Journal 2024;22(2):e 8642.
(4) EFSA Journal 2013;11(4):3169.
ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2025/183/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)