|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2025/2563 |
18.12.2025 |
BESLUIT (EU) 2025/2563 VAN DE RAAD
van 24 november 2025
betreffende het namens de Europese Unie op de 34e zitting van de Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie in te nemen standpunt over de vaststelling van wijzigingen van de Code inzake alarmen en indicatoren en de richtsnoeren voor onderzoek in het kader van het geharmoniseerd systeem van onderzoek en certificatie (HSSC)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 100, lid 2, in samenhang met artikel 218, lid 9,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Het optreden van de Unie in de zeevervoerssector moet gericht zijn op de verbetering van de maritieme veiligheid en op de bescherming van het mariene milieu en de gezondheid van de mens. |
|
(2) |
De Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) zal op haar 34e vergadering die van 24 november tot en met 3 december 2025 zal plaatsvinden (A 34), naar verwachting wijzigingen aannemen van de Code inzake alarmen en indicatoren (de “Code”) en de richtsnoeren voor onderzoek in het kader van het geharmoniseerd systeem van onderzoek en certificatie (Harmonized System of Survey and Certification — HSSC) (de “HSSC-richtsnoeren”). |
|
(3) |
Het is passend het standpunt te bepalen dat namens de Unie moet worden ingenomen op A 34, aangezien sommige van de voorgestelde wijzigingen van de Code en van de HSSC-richtsnoeren (de “Code van 2025” en de “HSSC-richtsnoeren van 2025”) een beslissende invloed kunnen hebben op de inhoud van het Unierecht, namelijk Richtlijn 2009/45/EG van het Europees Parlement en de Raad (1) en Verordening (EG) nr. 391/2009 van het Europees Parlement en de Raad (2). |
|
(4) |
De Unie moet de vaststelling van de Code van 2025 steunen aangezien deze herziening ervoor zal zorgen dat de voorschriften van de IMO-instrumenten die sinds de vaststelling van de Code zijn aangenomen en/of gewijzigd, worden nageleefd en aldus tegenstrijdigheden, dubbelzinnigheden en overbodige bepalingen worden weggenomen. |
|
(5) |
De Unie moet de vaststelling van de HSSC-richtsnoeren van 2025 steunen, omdat bij die richtsnoeren rekening zal worden gehouden met de wijzigingen van de IMO-instrumenten die sinds 2023 in werking zijn getreden of van kracht zijn geworden. |
|
(6) |
De Unie is lid van de IMO noch partij bij de desbetreffende verdragen en codes. De Raad moet de lidstaten derhalve machtigen op A 34 het standpunt van de Unie te vertolken. |
|
(7) |
Het toepassingsgebied van dit besluit moet beperkt blijven tot de inhoud van de voorgestelde wijzigingen, voor zover die gevolgen voor gemeenschappelijke regels van de Unie kunnen hebben en onder de exclusieve bevoegdheid van de Unie vallen. Dit besluit doet geen afbreuk aan de verdeling van bevoegdheden tussen de Unie en de lidstaten, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het standpunt dat namens de Unie op de 34e zitting van de Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) moet worden ingenomen, houdt in dat wordt ingestemd met de vaststelling van:
|
a) |
de Code inzake alarmen en indicatoren van 2025, zoals opgenomen in bijlage 14 bij IMO-document MSC 110/21/Add.2, en de daaruit voortvloeiende intrekking van Resolutie A.1021(26) van de Algemene Vergadering van de IMO, en |
|
b) |
de richtsnoeren voor onderzoek in het kader van het geharmoniseerd systeem van onderzoek en certificatie (Harmonized System of Survey and Certification — HSSC) van 2025, zoals opgenomen in bijlage 3 bij IMO-document III 11/16/Add.1, en de daaruit voortvloeiende intrekking van Resolutie A.1186(33) van de Algemene Vergadering van de IMO. |
Artikel 2
Het in artikel 1 bepaalde standpunt dat namens de Unie moet worden ingenomen, betreft de voorgestelde wijzigingen voor zover die wijzigingen onder de exclusieve bevoegdheid van de Unie vallen en gevolgen kunnen hebben voor de gemeenschappelijke regels van de Unie. Het standpunt wordt vertolkt door de lidstaten, die alle lid zijn van de IMO en gezamenlijk optreden in het belang van de Unie.
Kleine wijzigingen van het in artikel 1 bepaalde standpunt kunnen worden overeengekomen zonder nader besluit van de Raad.
Artikel 3
De lidstaten worden gemachtigd ermee in te stemmen dat ze in het belang van de Unie gebonden zijn door de voorgestelde wijzigingen, voor zover die wijzigingen onder de exclusieve bevoegdheid van de Unie vallen.
Artikel 4
Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.
Gedaan te Brussel, 24 november 2025.
Voor de Raad
De voorzitter
L. LØKKE RASMUSSEN
(1) Richtlijn 2009/45/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 inzake veiligheidsvoorschriften en -normen voor passagiersschepen (herschikking) (PB L 163 van 25.6.2009, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/45/oj).
(2) Verordening (EG) nr. 391/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 inzake gemeenschappelijke voorschriften en normen voor met de inspectie en controle van schepen belaste organisaties (herschikking) (PB L 131 van 28.5.2009, blz. 11, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/391/oj).
ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/2563/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)