96/107/EG: Beschikking van de Commissie van 12 januari 1996 inzake de specifieke financiële bijdrage van de Gemeenschap voor de uitroeiing van mond- en klauwzeer in Griekenland (Slechts de tekst in de Griekse taal is authentiek)
Publicatieblad Nr. L 025 van 01/02/1996 blz. 0057 - 0058
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 12 januari 1996 inzake de specifieke financiële bijdrage van de Gemeenschap voor de uitroeiing van mond- en klauwzeer in Griekenland (Slechts de tekst in de Griekse taal is authentiek) (96/107/EG) DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Beschikking 90/424/EEG van de Raad van 26 juni 1990 betreffende bepaalde uitgaven op veterinair gebied (1), laatstelijk gewijzigd bij Beschikking 94/370/EG (2), en met name op artikel 3, lid 3, en artikel 11, Overwegende dat zich in Griekenland in de periode van 1 augustus tot 25 oktober 1994 mond- en klauwzeer heeft voorgedaan; Overwegende dat deze ziekte een ernstige bedreiging vormt voor de veestapel in de Gemeenschap en dat de Gemeenschap een financiële bijdrage kan verlenen om deze ziekte zo snel mogelijk te helpen uitroeien; Overwegende dat de Griekse autoriteiten, zodra de aanwezigheid van mond- en klauwzeer officieel was bevestigd, onmiddellijk de nodige maatregelen hebben getroffen, onder meer de maatregelen als bedoeld in artikel 3, lid 2, van Beschikking 90/424/EEG en de desbetreffende bepalingen van Richtlijn 85/511/EEG van de Raad van 18 november 1985 tot vaststelling van gemeenschappelijke maatregelen ter bestrijding van mond- en klauwzeer (3), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden; dat deze maatregelen door de Griekse autoriteiten zijn gemeld; Overwegende dat besmette wol vernietigd is om een verdere verspreiding van de infectie te voorkomen; dat deze maatregel voor een financiële bijdrage van de Gemeenschap in aanmerking komt; Overwegende dat aan de voorwaarden voor financiële bijstand van de Gemeenschap is voldaan; Overwegende dat Griekenland, met het oog op een deugdelijk financieel beheer, de nodige bewijsstukken aan de Commissie moet overleggen; Overwegende dat voor deze actie vooraf het maximale bijstandsbedrag moet worden vastgesteld; Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Veterinair Comité, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN: Artikel 1 De Gemeenschap verleent aan Griekenland financiële bijstand voor de uitroeiing van mond- en klauwzeer in de periode van 1 augustus 1994 tot en met 31 augustus 1995. De financiële bijdrage van de Gemeenschap bedraagt 70 % van de kosten in verband met: a) de schadeloosstelling van de eigenaars voor: - slachten en destructie van de dieren, - destructie van melk en wol, - reinigen en ontsmetten van de bedrijven, - destructie van verontreinigd diervoeder en, voor zover ontsmetting niet mogelijk is, verontreinigd materieel; b) de kosten van serologische tests zoals met de Commissie overeengekomen. Artikel 2 1. De financiële bijdrage van de Gemeenschap wordt pas toegekend wanneer de bewijsstukken zijn overgelegd. 2. De in lid 1 bedoelde bewijsstukken worden uiterlijk vier maanden na de kennisgeving van deze beschikking door Griekenland ingediend. 3. De financiële bijdrage van de Gemeenschap kan maximaal 3,4 miljoen ecu bedragen. Ze wordt alleen toegekend voor acties waarvoor in overeenstemming met lid 2 bewijsstukken zijn ingediend en waarvoor aan de eigenaars een schadevergoeding is betaald binnen 60 dagen na de bevestiging van de aanwezigheid van de ziekte op het betrokken bedrijf. Artikel 3 Deze beschikking is gericht tot de Republiek Griekenland. Gedaan te Brussel, 12 januari 1996. Voor de Commissie Franz FISCHLER Lid van de Commissie (1) PB nr. L 224 van 18. 8. 1990, blz. 19. (2) PB nr. L 168 van 2. 7. 1994, blz. 31. (3) PB nr. L 315 van 26. 11. 1985, blz. 11.