|
29.11.2011 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 314/20 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 1225/2011 VAN DE COMMISSIE
van 28 november 2011
voor de toepassing van de artikelen 42 tot en met 52 en de artikelen 57 en 58 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen
(codificatie)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad van 16 november 2009 betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen (1),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EEG) nr. 2290/83 van de Commissie van 29 juli 1983 houdende uitvoeringsbepalingen van de artikelen 50 tot en met 59 ter en van de artikelen 63 bis en 63 ter van Verordening (EEG) nr. 918/83 van de Raad betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen (2) is herhaaldelijk en ingrijpend gewijzigd (3). Ter wille van de duidelijkheid en een rationele ordening van de tekst dient tot codificatie van deze verordening te worden overgegaan. |
|
(2) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité douanewetboek, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
HOOFDSTUK I
TOEPASSINGSGEBIED
Artikel 1
In deze verordening worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld voor de artikelen 42 tot en met 52, 57 en 58 van Verordening (EG) nr. 1186/2009.
HOOFDSTUK II
ALGEMENE BEPALINGEN
AFDELING 1
Verplichtingen van de instelling of organisatie van bestemming
Artikel 2
1. De invoer met vrijstelling van de rechten bij invoer van voorwerpen van opvoedkundige, wetenschappelijke of culturele aard als bedoeld in artikel 43, in artikel 44, lid 1, en in artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1186/2009, hierna „voorwerpen” genoemd, houdt voor de instelling of organisatie van bestemming de verplichting in om:
|
a) |
de voorwerpen rechtstreeks naar de aangegeven plaats van bestemming over te brengen; |
|
b) |
deze in haar inventarislijst op te nemen; |
|
c) |
elke controle die de bevoegde autoriteiten noodzakelijk achten te vergemakkelijken, teneinde na te gaan of aan de voorwaarden voor het verlenen van de vrijstelling is en nog steeds wordt voldaan. |
Bovendien zal deze invoer, wanneer het gaat om voorwerpen als bedoeld in de artikelen 44, lid 1, en 45 van Verordening (EG) nr. 1186/2009, met zich brengen dat de instelling of de organisatie waarvoor de voorwerpen bestemd zijn, verplicht is deze voorwerpen in de zin van artikel 46, onder b), van die verordening uitsluitend voor niet-commerciële doeleinden te gebruiken.
2. Het hoofd van de instelling of organisatie van bestemming, of diens gevolmachtigde, dient aan de bevoegde autoriteiten een verklaring over te leggen dat hij kennis heeft genomen van de verschillende in lid 1 opgesomde verplichtingen en dat hij zich ertoe verbindt deze te zullen naleven.
De bevoegde autoriteiten kunnen bepalen dat de in de eerste alinea bedoelde verklaring wordt overgelegd, hetzij bij elke invoer, hetzij voor een aantal invoerhandelingen, hetzij eventueel voor de totale invoer die door de instelling of organisatie van bestemming wordt verricht.
AFDELING 2
Bepalingen die van toepassing zijn in geval van bruikleen, verhuur of overdracht
Artikel 3
1. Wanneer artikel 48, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 1186/2009 wordt toegepast, dient de instelling of organisatie aan welke een voorwerp in bruikleen gegeven, verhuurd of overgedragen wordt, vanaf de datum van ontvangst ervan, dezelfde verplichtingen in acht te nemen als bedoeld in artikel 2 van de onderhavige verordening.
2. Wanneer de instelling of organisatie waaraan een voorwerp in bruikleen gegeven, verhuurd of overgedragen wordt, in een andere lidstaat is gevestigd dan die waarin de instelling of organisatie is gevestigd die het voorwerp in bruikleen geeft, verhuurt of overdraagt, wordt bij de verzending van bedoeld voorwerp door het bevoegde douanekantoor van de lidstaat van vertrek overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 912 bis tot en met 912 octies van Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie (4) een controle-exemplaar T 5 afgegeven om te waarborgen dat dit voorwerp wordt gebruikt voor een doel dat recht geeft op handhaving van de vrijstelling van de rechten bij invoer.
Hiertoe moet op het T 5- controle-exemplaar in vak 104, onder de rubriek „andere”, één van de in bijlage I opgenomen vermeldingen zijn aangebracht.
3. De leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op bruikleen, verhuur of overdracht van reserveonderdelen, onderdelen of specifieke hulpstukken bestemd voor wetenschappelijke instrumenten of apparaten, alsmede op het gereedschap voor het onderhoud, de controle, het kalibreren of het herstel van wetenschappelijke instrumenten of apparaten, die op grond van artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 met vrijstelling zijn toegelaten.
HOOFDSTUK III
BIJZONDERE BEPALINGEN BETREFFENDE DE INVOER MET VRIJSTELLING VAN EEN VOORWERP VAN OPVOEDKUNDIGE, WETENSCHAPPELIJKE OF CULTURELE AARD OP GROND VAN ARTIKEL 43 VAN VERORDENING (EG) Nr. 1186/2009
Artikel 4
Om een voorwerp op grond van artikel 43 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 met vrijstelling te kunnen invoeren, dient het hoofd van de instelling of organisatie van bestemming, of diens gevolmachtigde, bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin deze instelling of organisatie is gevestigd, een daartoe strekkend verzoek in te dienen.
Dit verzoek dient vergezeld te gaan van alle gegevens die door de bevoegde autoriteit noodzakelijk worden geacht om vast te stellen of aan de voorwaarden voor het verlenen van de vrijstelling is voldaan.
HOOFDSTUK IV
BIJZONDERE BEPALINGEN BETREFFENDE DE INVOER MET VRIJSTELLING VAN WETENSCHAPPELIJKE INSTRUMENTEN OF APPARATEN OP GROND VAN DE ARTIKELEN 44 EN 46 VAN VERORDENING (EG) Nr. 1186/2009
Artikel 5
Met het oog op de toepassing van artikel 46, onder a), van Verordening (EG) nr. 1186/2009 wordt onder objectieve technische kenmerken van een wetenschappelijk instrument of apparaat verstaan de kenmerken die voortvloeien uit de bouw van genoemd instrument of apparaat of uit de wijzigingen die aan een gangbaar type van een instrument of apparaat zijn aangebracht, waardoor het prestaties van hoog niveau kan leveren die niet vereist zijn voor industrieel of commercieel gebruik.
Wanneer op grond van de objectieve technische kenmerken het niet mogelijk is op ondubbelzinnige wijze vast te stellen of een instrument of een apparaat als een wetenschappelijk instrument of apparaat moet worden beschouwd, wordt nagegaan voor welke doeleinden de instrumenten of apparaten waarvoor de invoer met vrijstelling van de rechten bij invoer wordt gevraagd, wordt gebruikt. Wanneer uit dit onderzoek blijkt dat dit instrument of apparaat wordt gebruikt voor wetenschappelijke doeleinden, wordt het aangemerkt als een wetenschappelijk karakter te bezitten.
Artikel 6
1. Om wetenschappelijke instrumenten of apparaten op grond van artikel 44, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1186/2009 met vrijstelling te kunnen invoeren, dient het hoofd van de instelling of organisatie van bestemming, of diens gevolmachtigde, een daartoe strekkend verzoek in te dienen bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin deze instelling of organisatie is gevestigd.
2. Het in lid 1 bedoelde verzoek bevat de volgende gegevens betreffende het betrokken instrument of apparaat:
|
a) |
de door de fabrikant gebruikte nauwkeurige handelsbenaming van dat instrument of apparaat, de vermoedelijke indeling ervan in de Gecombineerde Nomenclatuur en de objectieve technische kenmerken op grond waarvan het wetenschappelijke karakter van het instrument of apparaat kan worden aangetoond; |
|
b) |
de naam of firmanaam en het adres van de fabrikant en, in voorkomend geval, van de leverancier; |
|
c) |
het land van oorsprong van het instrument of apparaat; |
|
d) |
de plaats waar het instrument of apparaat zal worden gebruikt; |
|
e) |
het specifieke gebruik waarvoor het instrument of apparaat is bestemd; |
|
f) |
de prijs van het instrument of apparaat of de douanewaarde ervan; |
|
g) |
het aantal instrumenten of apparaten van dezelfde soort. |
Bij het verzoek dient documentatiemateriaal te worden gevoegd met alle dienstige gegevens over de kenmerken en technische bijzonderheden van het instrument of apparaat.
Artikel 7
De bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin de instelling of organisatie van bestemming is gevestigd, beslist rechtstreeks over alle in artikel 6 bedoelde verzoeken.
Artikel 8
De geldigheidsduur van de vergunningen tot invoer met vrijstelling bedraagt zes maanden.
Rekening houdend met de bijzondere omstandigheden van elke invoer kunnen de bevoegde autoriteiten echter een langere geldigheidsduur vaststellen.
HOOFDSTUK V
BIJZONDERE BEPALINGEN BETREFFENDE DE INVOER MET VRIJSTELLING VAN RESERVEONDERDELEN, SPECIFIEKE ONDERDELEN OF TOEBEHOREN OF VAN GEREEDSCHAP OP GROND VAN ARTIKEL 45 VAN VERORDENING (EG) Nr. 1186/2009
Artikel 9
Voor de toepassing van artikel 45, onder a), van Verordening (EG) nr. 1186/2009, wordt verstaan onder specifieke hulpstukken, de artikelen welke speciaal zijn ontworpen om met een bepaald wetenschappelijk instrument of apparaat te worden gebruikt, teneinde het rendement of de gebruiksmogelijkheden ervan te verbeteren.
Artikel 10
Om reserveonderdelen, onderdelen of specifieke hulpstukken, dan wel gereedschap op grond van artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 met vrijstelling te kunnen invoeren, dient het hoofd van de instelling of organisatie van bestemming, of diens gevolmachtigde, een daartoe strekkend verzoek in te dienen bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin deze instelling of organisatie is gevestigd.
Dit verzoek dient vergezeld te gaan van alle gegevens die door de bevoegde autoriteit noodzakelijk worden geacht om vast te stellen of aan de in artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 gestelde voorwaarden is voldaan.
Artikel 11
De bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin de instelling of organisatie van bestemming is gevestigd, beslist rechtstreeks over het in artikel 10 bedoelde verzoek.
Artikel 12
Artikel 8 is van overeenkomstige toepassing op de vergunningen tot invoer met vrijstelling die op grond van artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 worden verleend.
HOOFDSTUK VI
BIJZONDERE BEPALINGEN BETREFFENDE DE INVOER MET VRIJSTELLING VAN MEDISCHE INSTRUMENTEN OF APPARATEN OP GROND VAN DE ARTIKELEN 57 EN 58 VAN VERORDENING (EG) Nr. 1186/2009
Artikel 13
1. Om medische instrumenten of apparaten op grond van de artikelen 57 en 58 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 met vrijstelling te kunnen invoeren, dient het hoofd van de instelling of organisatie van bestemming, of diens gevolmachtigde, een daartoe strekkend verzoek in te dienen bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin deze instelling of organisatie is gevestigd.
2. Het in lid 1 bedoelde verzoek moet inzake het betrokken instrument of apparaat de volgende gegevens bevatten:
|
a) |
de door de fabrikant gebruikte nauwkeurige handelsbenaming van dat instrument of apparaat en de vermoedelijke indeling ervan in de Gecombineerde Nomenclatuur; |
|
b) |
de naam of firmanaam en het adres van de fabrikant en, in voorkomend geval, van de leverancier; |
|
c) |
het land van oorsprong van het instrument of apparaat; |
|
d) |
de plaats waar het instrument of apparaat zal worden gebruikt; |
|
e) |
het gebruik waarvoor het instrument of apparaat is bestemd. |
3. Indien het een schenking betreft dienen in het verzoek eveneens te worden vermeld:
|
a) |
de naam of firmanaam en het adres van de schenker; |
|
b) |
de verklaring van de aanvrager dat:
|
Artikel 14
De bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin de instelling of organisatie van bestemming is gevestigd, beslist rechtstreeks over alle verzoeken.
Artikel 15
De artikelen 13 en 14 zijn van overeenkomstige toepassing op reserveonderdelen, onderdelen en specifieke hulpstukken en op het gereedschap voor het onderhoud, de controle, het kalibreren of het herstellen van de op grond van artikel 52, lid 2, onder a) en b), van Verordening (EG) nr. 1186/2009 met vrijstelling ingevoerde instrumenten of apparaten.
Artikel 16
Artikel 8 is van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK VII
BEPALINGEN BETREFFENDE DE GEGEVENS DIE AAN DE COMMISSIE EN DE LIDSTATEN DIENEN TE WORDEN VERSTREKT
Artikel 17
1. Elke lidstaat geeft aan de Commissie de lijst op van de instrumenten, apparaten, reserveonderdelen, onderdelen, hulpstukken en gereedschap waarvan de prijs of de douanewaarde hoger is dan 5 000 euro en waarvan hij met toepassing van de artikelen 7, 11 of 14 de invoer met vrijstelling van rechten heeft toegestaan of geweigerd.
Deze lijst bevat de nauwkeurige handelsbenaming van de in de eerste alinea opgesomde voorwerpen, alsmede de uit acht cijfers bestaande GN-code. Deze lijst bevat bovendien de vermelding van de fabrikant of fabrikanten, het land of de landen van oorsprong en de prijs of de douanewaarde van de bedoelde voorwerpen.
2. De in lid 1 bedoelde opgave wordt gedaan tijdens het eerste en het derde kwartaal van elk jaar voor de betrokken voorwerpen waarvoor tijdens het daaraan voorafgaande halfjaar een vergunning tot invoer met vrijstelling van rechten werd verleend of geweigerd.
3. De Commissie geeft deze lijsten door aan de andere lidstaten.
Artikel 18
Teneinde een uniforme toepassing van de bepalingen van de Unie te waarborgen worden de in artikel 17 bedoelde lijsten op geregelde tijdstippen door het Comité douanewetboek onderzocht.
HOOFDSTUK VIII
BIJZONDERE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT DE INVOER VAN UITRUSTING MET VRIJSTELLING UIT HOOFDE VAN DE ARTIKELEN 51 EN 52 VAN VERORDENING (EG) Nr. 1186/2009
Artikel 19
1. Om de invoer van uitrusting met vrijstelling uit hoofde van de bepalingen van de artikelen 51 en 52 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 te verkrijgen, dient het hoofd van de instelling of organisatie voor wetenschappelijk onderzoek met zetel buiten de Unie of diens gevolmachtigde, het verzoek hiertoe te doen bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin zich de instelling of organisatie voor wetenschappelijk onderzoek met zetel in de Unie bevindt.
2. Het in lid 1 bedoelde verzoek dient de volgende gegevens in te houden:
|
a) |
een kopie van de overeenkomst inzake wetenschappelijke samenwerking, gesloten tussen de in de Unie en in derde landen gelegen onderzoekinstellingen; |
|
b) |
de nauwkeurige handelsomschrijving van deze uitrusting, alsmede de hoeveelheid en de waarde ervan en, in voorkomend geval, de vermoedelijke indeling in de Gecombineerde Nomenclatuur; |
|
c) |
het land van oorsprong en van herkomst van de uitrusting; |
|
d) |
de plaats waar de uitrusting dient te worden gebruikt; |
|
e) |
het gebruik en de gebruiksduur waarvoor deze uitrusting is bestemd. |
Artikel 20
1. Wanneer de bevoegde autoriteit van een lidstaat, waarin de instelling of organisatie met zetel in de Unie is gevestigd, een verzoek ontvangt om invoer met vrijstelling van rechten bij invoer van uitrusting als bedoeld in artikel 51 van Verordening (EG) nr. 1186/2009, worden het verzoek en de daarop betrekking hebbende documentatie naar de Commissie gezonden, zodat alvorens door voornoemde bevoegde autoriteit een besluit wordt genomen, in het Comité douanewetboek het verzoek kan worden besproken.
Op verzoek van de Commissie worden haar voor bedoelde bespreking zo nodig bijkomende inlichtingen verstrekt.
2. De in lid 1 bedoelde bevoegde autoriteit stelt de Commissie van het door haar genomen besluit inzake de rechtenvrije invoer in kennis.
Artikel 21
Artikel 8 is van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK IX
SLOTBEPALINGEN
Artikel 22
Verordening (EEG) nr. 2290/83 wordt ingetrokken.
Verwijzingen naar de ingetrokken verordening gelden als verwijzingen naar de onderhavige verordening en worden gelezen volgens de concordantietabel in bijlage III.
Artikel 23
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 28 november 2011.
Voor de Commissie
De voorzitter
José Manuel BARROSO
(1) PB L 324 van 10.12.2009, blz. 23.
(2) PB L 220 van 11.8.1983, blz. 20.
(3) Zie bijlage II.
BIJLAGE I
In artikel 3, lid 2, bedoelde vermeldingen
|
— |
‘Стоки на ЮНЕСКО: продължаването на митническите освобождавания подлежи на спазване на член 48, параграф 2, първа алинея от Регламент (ЕО) № 1186/2009’; |
|
— |
„Objeto UNESCO: se mantiene la franquicia subordinada al respeto del artículo 48, apartado 2, primer párrafo, del Reglamento (CE) no 1186/2009”; |
|
— |
„Zboží UNESCO: zachování osvobození za předpokladu splnění podmínek čl. 48 odst. 2 prvního pododstavce nařízení (ES) č. 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO-varer: Fortsat fritagelse betinget af overholdelse af artikel 48, stk. 2, første afsnit, i forordning (EF) nr. 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO-Gegenstand: Weitergewährung der Zollbefreiung abhängig von der Voraussetzung des Artikels 48 Absatz 2 erster Unterabsatz der Verordnung (EG) Nr. 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO kaup: impordimaksudest vabastamise jätkamine, tingimusel et täidetakse määruse (EÜ) nr 1186/2009 artikli 48 lõike 2 esimest lõiku”; |
|
— |
„Αντικείμενο UNESCO: Διατήρηση της ατέλειας εξαρτώμενη από την τήρηση του άρθρου 48 παράγραφος 2 πρώτο εδάφιο του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO goods: continuation of relief subject to compliance with the first subparagraph of Article 48(2) of Regulation (EC) No 1186/2009”; |
|
— |
„Objet UNESCO: maintien de la franchise subordonné au respect de l'article 48, paragraphe 2, premier alinéa, du règlement (CE) no 1186/2009”; |
|
— |
„Oggetto UNESCO: è mantenuta la franchigia a condizione che venga rispettato l'articolo 48, paragrafo 2, primo comma del regolamento (CE) n. 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO preces: atbrīvojuma turpmāka piemērošana atkarīga no atbilstības Regulas (EK) Nr. 1186/2009 48. panta 2. punkta pirmajai daļai”; |
|
— |
„UNESCO prekės: atleidimo nuo muitų taikymo pratęsimas laikantis Reglamento (EB) Nr. 1186/2009 48 straipsnio 2 dalies pirmosios pastraipos nuostatų”; |
|
— |
„UNESCO-áruk: a vámmentesség fenntartása az 1186/2009/EK rendelet 48. cikke (2) bekezdésének első albekezdésében foglalt feltételek teljesítése esetén”; |
|
— |
„Oġġetti tal-UNESCO: tkomplija ta' ħelsien mid-dazju suġġetta għal osservanza ta' l-ewwel subparagrafu ta' l-Artikolu 48(2) tar-Regolament (KE) Nru 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO-voorwerp: handhaving van de vrijstelling is afhankelijk van de nakoming van artikel 48, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 1186/2009”; |
|
— |
„Towary UNESCO: kontynuacja zwolnienia z zastrzeżeniem zachowania warunków określonych w art. 48 ust. 2 akapit pierwszy rozporządzenia (WE) nr 1186/2009”; |
|
— |
„Objectos UNESCO: é mantida a franquia desde que seja respeitado o n.o 2, primeiro parágrafo, do artigo 48.o do Regulamento (CE) n.o 1186/2009”; |
|
— |
„Articole UNESCO: menținerea scutirii este condiționată de respectarea prevederilor articolului 48 alineatul (2) primul paragraf din Regulamentul (CE) Nr. 1186/2009”; |
|
— |
„Tovar UNESCO: naďalej oslobodený, pokiaľ spĺňa podmienky ustanovené v článku 48 odseku 2 prvom pododseku nariadenia (ES) č. 1186/2009”; |
|
— |
„Blago UNESCO: ohranitev oprostitve v skladu s prvim pododstavkom člena 48(2) Uredbe (ES) št. 1186/2009”; |
|
— |
„UNESCO-tavarat: tullittomuus jatkuu, edellyttäen että asetuksen (EY) N:o 1186/2009 48 artiklan 2 kohdan 1 alakohdan ehtoja noudatetaan”; |
|
— |
„UNESCO-varor: Fortsatt tullfrihet under förutsättning att villkoren i artikel 48.2 första stycket i förordning (EG) nr 1186/2009 uppfylls”. |
BIJLAGE II
Ingetrokken verordening met overzicht van de achtereenvolgende wijzigingen ervan
|
Verordening (EEG) nr. 2290/83 van de Commissie |
|
|
Verordening (EEG) nr. 1745/85 van de Commissie |
|
|
Punt I.19 van bijlage I bij de Toetredingsakte van 1985 |
|
|
Verordening (EEG) nr. 3399/85 van de Commissie |
uitsluitend artikel 1, punt 4 |
|
Verordening (EEG) nr. 3893/88 van de Commissie |
|
|
Verordening (EEG) nr. 1843/89 van de Commissie |
|
|
Verordening (EEG) nr. 734/92 van de Commissie |
|
|
Punt XIII A.II.5 van bijlage I bij de Toetredingsakte van 1994 |
|
|
Punt 19.B.2 van bijlage II bij de Toetredingsakte van 2003 |
|
|
Verordening (EG) nr. 1792/2006 van de Commissie |
uitsluitend punt 11.B.2 van de bijlage |
BIJLAGE III
Concordantietabel
|
Verordening (EEG) nr. 2290/83 |
De onderhavige verordening |
|
Artikel 1 |
Artikel 1 |
|
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, aanhef |
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, aanhef |
|
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, eerste streepje |
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, onder a) |
|
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, tweede streepje |
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, onder b) |
|
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, derde streepje |
Artikel 2, lid 1, eerste alinea, onder c) |
|
Artikel 2, lid 1, tweede alinea |
Artikel 2, lid 1, tweede alinea |
|
Artikel 2, lid 2 |
Artikel 2, lid 2 |
|
Artikel 3, lid 1 |
Artikel 3, lid 1 |
|
Artikel 3, lid 2, eerste zin |
Artikel 3, lid 2, eerste alinea |
|
Artikel 3, lid 2, tweede zin, aanhef |
Artikel 3, lid 2, tweede alinea |
|
Artikel 3, lid 2, tweede alinea, lijst met vermeldingen |
Bijlage I |
|
Artikel 3, lid 3 |
Artikel 3, lid 3 |
|
Artikel 4 |
Artikel 4 |
|
Artikel 5 |
Artikel 5 |
|
Artikel 6 |
Artikel 6 |
|
Artikel 7 |
Artikel 7 |
|
Artikel 8 |
Artikel 8 |
|
Artikel 12 |
Artikel 9 |
|
Artikel 13 |
Artikel 10 |
|
Artikel 14 |
Artikel 11 |
|
Artikel 15 |
Artikel 12 |
|
Artikel 15 bis |
Artikel 13 |
|
Artikel 15 quater |
Artikel 14 |
|
Artikel 15 quinquies |
Artikel 15 |
|
Artikel 15 sexies |
Artikel 16 |
|
Artikel 16 |
Artikel 17 |
|
Artikel 18 |
Artikel 18 |
|
Artikelen 18 bis |
Artikel 19 |
|
Artikel 18 ter |
Artikel 20 |
|
Artikel 18 quater |
Artikel 21 |
|
Artikel 19 |
— |
|
— |
Artikel 22 |
|
Artikel 20 |
Artikel 23 |
|
— |
Bijlage II |
|
— |
Bijlage III |