Verordening (EEG) nr. 551/83 van de Raad van 8 maart 1983 houdende instelling van een definitief anti-dumpingrecht op kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika en aanvaarding van verbintenissen in verband met de herziening van de anti-dumpingprocedure voor kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden
Publicatieblad Nr. L 064 van 10/03/1983 blz. 0025 - 0029
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 11 Deel 28 blz. 0126
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 11 Deel 28 blz. 0127
***** VERORDENING (EEG) Nr. 551/83 VAN DE RAAD van 8 maart 1983 houdende instelling van een definitief anti-dumpingrecht op kraftpapier en kraftkarton van oorsprong. uit de Verenigde Staten van Amerika en aanvaarding van verbintenissen in verband met de herziening van de anti-dumpingprocedure voor kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 3017/79 van de Raad van 20 december 1979 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping of subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Economische Gemeenschap (1), gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1580/82 (2), inzonderheid op artikel 12, Gezien het voorstel van de Commissie, ingediend na raadpleging van het bij genoemde verordening ingestelde Raadgevend Comité, Overwegende dat de Raad bij Verordening (EEG) nr. 2133/78 (3) een definitief anti-dumpingrecht heeft ingesteld op de invoer van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika; Overwegende dat die verordening vervolgens werd gewijzigd bij de Verordeningen (EEG) nr. 572/79 (4) en (EEG) nr. 1283/81 (5) ten einde rekening te houden met bepaalde wijzigingen in de NIMEXE-codes waarop dit recht van toepassing is; Overwegende dat het bedrag van het recht overeenkwam met het verschil tussen de normale waarde (de »normale marktprijs") in de Verenigde Staten van Amerika als omschreven in artikel 2, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2133/78 en de prijs franco grens van de Gemeenschap, vóór betaling van de douanerechten, per ton nettogewicht voor de eerste koper in het douanegebied van de Gemeenschap; Overwegende dat de Commissie de verbintenissen heeft aanvaard die in verband met de anti-dumpingprocedures betreffende de invoer van kraftpapier en kraftkarton uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden werden aangeboden (6); Overwegende dat de Commissie op 30 juli 1982 een verzoek heeft ontvangen van de »Groupement Européen des Fabricants de Papiers pour Ondulé", namens alle producenten van de Gemeenschap van kraftpapier, kraftkarton en testliner om het recht op kraftpapier en kraftkarton uit de Verenigde Staten van Amerika te herzien en de verbintenissen die in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende de invoer van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden waren aangeboden, eveneens te herzien, welk verzoek vergezeld ging van bewijsmateriaal dat deze invoer opnieuw met dumping plaatsvond en dat de industrie van de Gemeenschap opnieuw aanzienlijke schade leed; Overwegende dat, aangezien bevengenoemde inlichtingen voldoende bewijsmateriaal bevatten om opening van de procedure te rechtvaardigen, de Commissie door een bericht in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen (7) kennis heeft gegeven van een herziening van het definitieve anti-dumpingrecht op de invoer van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika en van de aanvaarding van de verbintenissen die in verband met de anti-dumpingprocedures betreffende de invoer van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden waren aanvaard, en een onderzoek op communautair niveau heeft ingesteld; Overwegende dat de Commissie de naar haar weten hierbij betrokken exporteurs en importeurs alsmede de vertegenwoordigers van de exporterende landen en de indieners van de klacht officieel van dit besluit in kennis heeft gesteld; Overwegende dat de Commissie de rechtstreeks betrokken partijen de gelegenheid heeft gegeven hun standpunten schriftelijk kenbaar te maken en gehoord te worden; Overwegende dat de meeste exporteurs, enkele importeurs en verscheidene consumenten waarvan bekend is dat zij hierbij betrokken zijn, van deze gelegenheid gebruik hebben gemaakt om schriftelijk en/of mondeling opmerkingen te maken; dat evenwel, Exportles, het exportbureau in de Sowjetunie, in gebreke is gebleven gehoor te geven aan de uitnodiging van de Commissie om zijn standpunt kenbaar te maken, evenals verscheidene makelaars en verdelers; dat de grootste Canadese exporteur eveneens in gebreke is gebleven gehoor te geven aan de uitnodiging van de Commissie om samen te werken bij het onderzoek ter plaatse; Overwegende dat de Commissie alle inlichtingen die zij voor de herziening nuttig achtte heeft verzameld en geverifieerd en een onderzoek heeft ingesteld ten kantore van onderstaande ondernemingen: EEG-producent: Cellulose du Pin, Facture, Frankrijk Exporteurs: in de Verenigde Staten van Amerika: Great Southern Paper, Dothan, Alabama International paper Co, New York, NY St Joe Paper Co, Port St Joe, Florida St Regis Paper Co, New York, NY Stone Container Corporation, Chicago, Illinois Union Camp Corporation, Wayne, New Jersey Westvaco Corporation, New York, NY Weyerhaeuser Company, Tacoma, Washington in Canada: MacMillan Bloedel Ltd, Vancouver (BC) namens haar Amerikaanse filiaal te Pinehill, Alabama in Finland: Kemi Oy, Kemi in Portugal: Portucel, Lissabon in Zweden: ASSI, Stockholm Svenska Cellulosa Aktiebolaget SCA, Piteaa; Overwegende dat de inlichtingen betreffende Obbola Linerboard AB, Obbola, Zweden werden verstrekt door de eigenaars van die maatschappij, te weten Svenska Cellulosa Aktiebolaget SCA, Zweden en St Regis Paper Company, Verenigde Staten van Amerika; dat de Oostenrijkse exporteur, Nettingsdorfer Papierfabrik, Nettingsdorf, inlichtingen verstrekte ten kantore van de Commissie te Brussel; dat betreffende de uitvoer uit de Sowjetunie inlichtingen werden verstrekt door de voornaamste importeurs in de Gemeenschap; Overwegende dat de Commissie het laatste kwartaal van 1981 en het eerste, tweede en derde kwartaal van 1982 als referentieperiode voor het onderzoek heeft uitgekozen; Overwegende dat voor de exporteurs uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Verenigde Staten van Amerika en Zweden de normale waarde werd vastgesteld op basis van de prijs die feitelijk in het normale handelsverkeer voor het voor consumptie bestemde soortgelijke produkt op hun respectieve binnenlandse markten wordt betaald; dat in die gevallen waarin deze prijzen varieerden de normale waarden werden vastgesteld op grond van de gewogen gemiddelde prijzen en/of de meestal geldende prijzen; dat voor de Sowjetunie, dat een land zonder markteconomie is, de normale waarde werd vastgesteld op basis van de prijs waartegen het soortgelijke produkt in de Verenigde Staten van Amerika werd verkocht met aanpassingen ten einde rekening te houden met bepaalde verschillen in rolbreedte; dat deze methode ter vaststelling van de normale waarde noch door de Russische exporteur noch door de importeurs van de Gemeenschap werd betwist; Overwegende dat bij de vaststelling van de rentabiliteit van de binnenlandse verkopen werd vastgesteld dat de meeste Amerikaanse producenten niet in staat waren aan te tonen dat hun meest recente verkoopprijzen zich op voldoende hoge niveaus bevonden om alle kosten te dekken; dat deze verkopen derhalve werden beschouwd als niet hebbende plaatsgevonden in het normale handelsverkeer en derhalve werden uitgesloten van de berekening van de normale waarde; Overwegende dat de exportprijzen werden vastgesteld op basis van de feitelijk betaalde of te betalen prijzen voor de produkten die gedurende de onderzoekperiode naar de Gemeenschap werden uitgevoerd; Overwegende dat de Commissie bij de vergelijking van de normale waarde met de exportprijzen, waar nodig, rekening heeft gehouden met verschillen die de vergelijkbaarheid van prijzen beïnvloeden zoals verschillen in vervoers-, verzekerings-, verwerkings-, laad en bijkomende kosten; dat al deze vergelijkingen werden gemaakt in het stadium af-fabriek; Overwegende dat uit bovengenoemd onderzoek van de feiten is gebleken dat men over het algemeen met dumpingpraktijken was begonnen in het tweede kwartaal van 1982 en deze gedurende de rest van het jaar had voortgezet, waarbij de marges gelijk waren aan het bedrag waarmee de vastgestelde normale waarde de prijs bij uitvoer naar de Gemeenschap overschreed; Overwegende dat deze marges naar gelang van de exporteur verschillen; dat de gewogen gemiddelde marge vanaf het moment dat elk van de aan het onderzoek medewerkende exporteurs met dumping was begonnen, er als volgt uitziet: 1.2 // // % // Great Southern Paper // 8,2 // International Paper Co // 5,9 // St Joe Paper Co // 10,0 // St Regis Paper Co // 9,7 // Union Camp Corporation // 4,3 // Westvaco Corporation // 11,3 // Weyerhaeuser Company // 11,5 // Macmillan Bloedel Ltd // 6,5 // Kemi Oy // 25,9 // Portucel // 12,0 // ASSI // 9,5 // Obbola Linerboard // 24,5 // SCA // 10,0 // Nettingsdorfer Papierfabrik // 2,5; Overwegende dat Stone Container Corporation niet rechtstreeks naar de Europese Gemeenschap exporteerde doch verkocht op de binnenlandse markt aan een handelaar met het oog op verdere uitvoer; dat onder gebruikmaking van deze verkoop als basis van vergelijking de dumpingmarge werd berekend op 15,5 %; dat die maatschappijen die ook exporteerden, doch voor minder aanzienlijke bedragen dan die waarbij onderzoek ter plaatse werd verricht, op de hoogte werden gesteld van de resultaten van het onderzoek van de Commissie en van haar voornemen om in te grijpen en deze resultaten niet betwistten; Overwegende dat ten aanzien van de exporteurs die de vragenlijst van de Commissie niet beantwoordden en zich in de loop van het onderzoek tot herziening ook niet op andere wijze manifesteerden, de dumpingmarge werd vastgesteld op basis van de beschikbare gegevens; dat de Commissie van mening is dat de resultaten van haar onderzoek een adequate basis voor de vaststelling van het dumpingniveau opleverden en dat het een soort premie voor niet-medewerking zou betekenen als men ervan uitging dat de marge van dumping voor deze exporteurs lager zou zijn dan de hoogste marge van dumping namelijk 25,9 %, welke werd vastgesteld met betrekking tot een exporteur die volledige medewerking had verleend; dat het om deze redenen juist wordt geacht voor deze groep exporteurs laatstgenoemde dumpingmarge toe te passen; Overwegende dat ten aanzien van de door de invoer met dumping veroorzaakte schade in het verzoek om herziening dat door de »Groupement Européen des Fabricants de Papiers pour Ondulé" werd ingediend, als argument werd aangevoerd dat door de producenten van de Gemeenschap zowel van kraftpapier en kraftkarton als van testliner schade werd geleden; dat de Commissie haar hernieuwde onderzoek van de schade heeft beperkt tot de produktie in de Gemeenschap van het produkt dat gelijksoortig is aan het met dumping ingevoerde produkt, dat wil zeggen kraftpapier en kraftkarton; Overwegende dat uit het voor de Commissie beschikbare bewijsmateriaal blijkt dat bij de invoer in de Gemeenschap uit de betrokken landen sinds 1979 een vrijwel constant marktaandeel van ongeveer 80 % werd gehandhaafd; Overwegende dat de verkoopprijzen in de Gemeenschap van de produkten van oorsprong uit de betrokken landen gedurende het gehele jaar 1982 zijn gedaald met een dienovereenkomstig prijsdrukkend effect; dat deze verslechtering van de prijs in het bijzonder op twee markten van de Gemeenschap, te weten in Duitsland en Italië is waargenomen; dat Duitsland en Italië ongeveer 90 % van de verkopen van de communautaire producent buiten de Franse markt voor hun rekening nemen; dat het met het oog op de handhaving van de verkopen in deze gebieden voor de EEG-producent noodzakelijk is geweest om zijn prijzen af te stemmen op de prijzen van de met dumping ingevoerde produkten; dat alle tekenen er duidelijk op wijzen dat de prijsdaling zich voortzet; Overwegende dat dit voor de communautaire industrie tot gevolg heeft gehad dat zij geen kostendekkende verkopen naar Duitsland en Italië kon doen; dat er in Frankrijk een prijsverslechtering is geconstateerd, waardoor de winstmarge van de communautaire producent bijna tot de rentabiliteitsdrempel is gedaald en hij, indien dit zo doorgaat, verliezen zal gaan lijden; Overwegende dat de Commissie is nagegaan of er schade is veroorzaakt door andere factoren, zoals de omvang en de prijzen van de invoer zonder dumping en de stagnatie van de vraag; dat de invoer uit andere landen dan die welke bij dit onderzoek zijn betrokken, aanzienlijk is gedaald; dat het verbruik in de Gemeenschap van 1981 tot 1982 niet aanmerkelijk is gewijzigd; dat de prijzen waartegen de invoer met dumping in de Gemeenschap te koop wordt aangeboden, de Commissie aanleiding hebben gegeven vast te stellen dat alleen de invoer met dumping van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie, Zweden en de Verenigde Staten van Amerika moet worden geacht opnieuw aanzienlijke schade voor de communautaire industrie te veroorzaken; dat deze schade waarschijnlijk zal toenemen wanneer niet wordt ingegrepen; Overwegende dat de communautaire consumenten in Nederland, Italië, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland als argument hebben aangevoerd dat de invoering van hogere minimumprijzen voor kraftpapier en kraftkarton niet in het belang van de Gemeenschap zou zijn, aangezien dit een verstorende uitwerking op hun verwerkende industrieën zou hebben; dat evenwel de Fédération Nationale des Transformateurs de Papiers en de Union Syndicale Française de Carton Ondulé, in Frankrijk, uitdrukkelijk verzochten de aandacht van de Commissie te vestigen op het feit dat zij geen enkel standpunt over deze aangelegenheid wensten in te nemen; dat de Gemeenschap, indien de communautaire producenten van de markt zouden verdwijnen, afhankelijk zou worden van buitenlandse leveranciers van dit produkt; dat het in het belang van de gebruikers is om toegang te hebben tot beide bevoorradingsbronnen; dat met het oog hierop en gezien de bijzonder ernstige moeilijkheden waarmee de communautaire industrie wordt geconfronteerd, de Commissie niettemin tot de conclusie is gekomen dat het in het belang van de Gemeenschap is om in te grijpen; Overwegende dat de betrokken exporteurs in kennis zijn gesteld van de voornaamste bevindingen van het onderzoek en hierover opmerkingen hebben gemaakt; dat er vervolgens herziene verbintenissen werden aangeboden met betrekking tot alle betrokken uitvoer van kraftpapier en kraftkarton naar de Gemeenschap uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden; dat dank zij deze verbintenissen, de exportprijzen zullen stijgen tot het niveau dat de Commissie na onderzoek van de gewogen gemiddelde prijzen en kosten van de communautaire producent, winstmarge daarbij inbegrepen, noodzakelijk acht om de schade weg te werken; dat deze stijgingen in geen geval de dumpingmarge overschrijden; Overwegende dat de Commissie derhalve heeft besloten dat het thans niet noodzakelijk is beschermende maatregelen te nemen met betrekking tot de invoer van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden; dat, onder deze omstandigheden, de aangeboden verbintenissen aanvaardbaar worden geacht en dat het onderzoek derhalve kan worden afgesloten zonder de instelling van anti-dumpingrechten op kraftpapier en kraftkarton uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden; Overwegende dat wat betreft de uitvoer van kraftpapier en kraftkarton uit de Verenigde Staten de Commissie geen nieuw bewijsmateriaal heeft ontvangen op grond waarvan zij haar standpunt zou kunnen wijzigen dat de voortgezette toepassing van een recht noodzakelijk is voor het doen verdwijnen van de schade en het voorkomen van de terugkeer ervan; dat het definitieve anti-dumpingrecht dat bij Verordening (EEG) nr. 2133/78 werd ingesteld, moet worden vervangen door een nieuw recht gebaseerd op bodemprijzen die zijn afgeleid van de normale waarde in de Verenigde Staten van Amerika; dat het derhalve dienstig is genoemde verordening te vervangen, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Er wordt een definitief anti-dumpingrecht ingesteld op ongebleekt kraftpapier en kraftkarton, van post ex 48.01 C II van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met de NIMEXE-codes 48.01-30, 32 en ex 34, van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika. De van kracht zijnde bepalingen voor de toepassing van de douanerechten gelden eveneens voor de toepassing van dit recht. Artikel 2 1. Het bedrag van het recht komt overeen met het verschil tussen de normale waarde in de Verenigde Staten van Amerika, zoals in lid 2 omschreven, en de prijs franco grens van de Gemeenschap, vóór betaling van de douanerechten, per ton nettogewicht, voor de eerste koper in het douanegebied van de Gemeenschap. 2. Voor de toepassing van deze verordening bedragen de normale waarden in de Verenigde Staten van Amerika, gebracht op het niveau cif-grens van de Gemeenschap, vóór betaling van de douanerechten: 1.2 // // US-dollar per ton // voor produkten met een nominaal gewicht van 175 g of meer, doch minder dan 337 g per m2 // 333 // voor produkten met een nominaal gewicht van 150 g of meer, doch minder dan 175 g per m2 // 353 // voor produkten met een nominaal gewicht van minder dan 150 g per m2 // 368 Deze prijzen: - worden met 1 % verminderd voor betaling onmiddellijk na ontvangst van de goederen door de eerste koper in het douanegebied van de Gemeenschap; - zijn netto voor betaling binnen dertig dagen na ontvangst van de goederen door de eerste koper in het douanegebied van de Gemeenschap; - worden verhoogd met 1 % voor elke bijkomende krediettermijn van dertig dagen. Wanneer de prijzen per oppervlakte-eenheid zijn gefactureerd wordt de normale waarde per 100 m2 berekend volgens de hierna volgende formule: normale marktprijs in US-dollar per ton × nominaal gewicht uitgedrukt in grammen per m2 10 000 Het werkelijk gewicht in grammen kan ± 5 % verschillen van het nominale gewicht in grammen. 3. Het recht wordt niet toegepast indien de importeur de bevoegde nationale instanties aantoont dat het in lid 1 bedoelde prijsverschil is toe te schrijven aan het feit dat de goederen beschadigd zijn. Artikel 3 De verbintenissen die door Nettingsdorfer Papierfabrik, Oostenrijk, Eurocan Pulp and Paper Co, Consolidated Bathurst Paper Sales Ltd and Domtar Inc., Canada, Kemi Oy, Finland, Portucel, Portugal, ASSI, Obbola Linerboard AB en Svenska Cellulosa Aktiebolaget SCA, Zweden, John Bett Associates Ltd en door Churchills and Caspars Ltd, VK, Rufin Pierard Forest Products Agencies, België, Conrad Jacobson GmbH en Jacob Juergensen, Duitsland, Eduard Van Leer, Nederland, en Induspap, Frankrijk, in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden worden aangeboden, worden aanvaard. Artikel 4 De anti-dumpingprocedure betreffende de invoer van kraftpapier en kraftkarton van oorsprong uit Canada, Finland, Oostenrijk, Portugal, de Sowjetunie en Zweden wordt beëindigd. Artikel 5 Verordening (EEG) nr. 2133/78 wordt ingetrokken. Artikel 6 Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 8 maart 1983. Voor de Raad De Voorzitter J. ERTL (1) PB nr. L 339 van 31. 12. 1979, blz. 1. (2) PB nr. L 178 van 22. 6. 1982, blz. 9. (3) PB nr. L 247 van 9. 9. 1978, blz. 22. (4) PB nr. L 77 van 29. 3. 1979, blz. 1. (5) PB nr. L 129 van 15. 5. 1981, blz. 4. (6) PB nr. C 61 van 10. 3. 1978, blz. 2, PB nr. C 69 van 18. 3. 1978, blz. 2 en PB nr. C 174 van 21. 7. 1978, blz. 2. (7) PB nr. C 217 van 21. 8. 1982, blz. 2.