<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><CONCLUSION NNC="YES" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://formex.publications.europa.eu/schema/formex-05.00-20081231.xd"><BIB.CONCLUSION><REF.CASE FILE="ECRCJ2005NLA.1000878901.case.xml"><NO.CASE>C-111/03</NO.CASE></REF.CASE><NO.CELEX>62003C0111</NO.CELEX><NO.SEQ>0014.0001</NO.SEQ><PAGE.FIRST.ECR>8791</PAGE.FIRST.ECR><PAGE.SEQ>1</PAGE.SEQ><PAGE.LAST.ECR>8807</PAGE.LAST.ECR><PAGE.TOTAL>17</PAGE.TOTAL></BIB.CONCLUSION><CURR.TITLE><LEFT>CONCLUSIE VAN ADV.-GEN. LÉGER — ZAAK C-111/03</LEFT><RIGHT>COMMISSIE / ZWEDEN</RIGHT></CURR.TITLE><CONTENTS.CONCLUSION><TITLE><TI><P><HT TYPE="UC">Conclusie van advocaat-generaal</HT></P><P><HT TYPE="UC">P. Léger</HT></P><P>van <DATE ISO="20050512">12 mei 2005</DATE><NOTE NOTE.ID="E0001" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Oorspronkelijke laai: Frans.</P></NOTE></P></TI></TITLE><NP><NO.P>1.</NO.P><TXT>Met het onderhavige beroep verzoekt de Commissie van de Europese Gemeenschappen het Hof vast te stellen dat het Koninkrijk Zweden de verplichtingen niet is nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 5 van richtlijn 89/662/EEG van de Raad van <DATE ISO="19891211">11 december 1989</DATE> inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt.<NOTE NOTE.ID="E0002" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P><REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="395" DATE.PUB="1989" PAGE.FIRST="13">PB L. 395, blz. 13</REF.DOC.OJ>.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>2.</NO.P><TXT>De Commissie verwijt deze lidstaat namelijk dat het een stelsel van voorafgaande kennisgeving van de invoer, opgelegd aan de importeurs van bepaalde producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten, handhaaft.</TXT></NP><GR.SEQ LEVEL="1"><TITLE><TI><NP><NO.P>I —</NO.P><TXT>Het rechtskader</TXT></NP></TI></TITLE><GR.SEQ LEVEL="2"><TITLE><TI><NP><NO.P>A —</NO.P><TXT>Het gemeenschapsrecht</TXT></NP></TI></TITLE><NP><NO.P>3.</NO.P><TXT>Richtlijn 89/662 behoort lot de maatregelen die bestemd zijn om geleidelijk de interne markt tot stand te brengen op het gebied van producten van dierlijke oorsprong.<NOTE NOTE.ID="E0003" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Deze richtlijn betreft cle producten van dierlijke oorsprong die vallen onder de iii bijlage A genoemde hannonisalicrichllijnen, alsmede de in bijlage B vermelde producten (waarvoor [teen communautaire harmonisatie geldt}. Teneinde met name cle nieuwe bepalingen van hel <QUOT.START ID="QS0001" REF.END="QE0001" CODE="201E"/>hygiencpakket<QUOT.END ID="QE0001" REF.START="QS0001" CODE="201D"/> van 2004 te integreren, werd bijlage A vervangen door de tekst van artikel 6. lid 2, van richtlijn 2004/41 /IXI van het Europees Parlement en de Itaad van <DATE ISO="20040421">21 april 2004</DATE> houdende intrekking; van bepaalde richtlijnen inzake levensmiddelenhygiëne en tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften voor de productie en het in de handel brennen van bepaalde voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong, en tot wijziging van de richtlijnen 89/66/EEG en 92/118/EEG van de Raad en van beschikking 95/408/EC, van de Raad (<REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="157" DATE.PUB="2004" PAGE.FIRST="3">PB L. 157, blz. 3</REF.DOC.OJ>.1).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>4.</NO.P><TXT>Ter verzekering van hel vrije verkeer van landbouwproducten, dat volgens de tweede overweging van de considerans van richtlijn 89/662 <QUOT.START ID="QS0002" REF.END="QE0002" CODE="201E"/>een fundamenteel onderdeel is van de gemeenschappelijke marktordeningen<QUOT.END ID="QE0002" REF.START="QS0002" CODE="201D"/>, beoogt deze richtlijn de diergeneeskundige<?PAGE NO="I-8792"?> belemmeringen voor de ontwikkeling van het intracommunautaire handelsverkeer in producten van dierlijke oorsprong te doen verdwijnen.</TXT></NP><NP><NO.P>5.</NO.P><TXT>Meer in het bijzonder bestaat het uiteindelijke doel van richtlijn 89/662 in het beperken van de veterinaire controles van deze producten tot de plaats van hun verzending.<NOTE NOTE.ID="E0004" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie de vierde overweging van de considerans.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>6.</NO.P><TXT>Volgens de vijfde overweging van de considerans van die richtlijn moet <QUOT.START ID="QS0003" REF.END="QE0003" CODE="201E"/>in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt zolang deze doelstelling niet is verwezenlijkt de nadruk worden gelegd op de controles bij verzending en de organisatie van de controles die kunnen worden verricht op de plaats van bestemming; [...] bij deze procedure wordt afgezien van de mogelijkheid om aan de binnengrenzen van de Gemeenschap veterinaire controles te verrichten.<QUOT.END ID="QE0003" REF.START="QS0003" CODE="201D"/></TXT></NP><NP><NO.P>7.</NO.P><TXT>Met dit doel voor ogen, verplicht artikel 1 van richtlijn 89/662 de lidstaten erop toe te zien <QUOT.START ID="QS0004" REF.END="QE0004" CODE="201E"/>dat de veterinaire controles op producten van dierlijke oorsprong [...] onverminderd het bepaalde in artikel 6 [<NOTE NOTE.ID="E0005" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Artikel 6 van richtlijn 89/662 bevat een opsomming van de maatregelen die door de lidstaten moeten worden genomen bij de controles op plaatsen waar producten uil derde landen op het grondgebied van de Gemeenschap kunnen worden binnengebracht.</P></NOTE>], niet meer aan de grenzen maar overeenkomstig deze richtlijn worden uitgevoerd<QUOT.END ID="QE0004" REF.START="QS0004" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>8.</NO.P><TXT>Onder <QUOT.START ID="QS0005" REF.END="QE0005" CODE="201E"/>veterinaire controle<QUOT.END ID="QE0005" REF.START="QS0005" CODE="201D"/> moet volgens artikel 2, punt 1, van deze richtlijn worden verstaan <QUOT.START ID="QS0006" REF.END="QE0006" CODE="201E"/>materiële controles en/of administratieve formaliteiten met betrekking tot de in artikel 1 bedoelde producten die rechtstreeks of zijdelings strekken tot bescherming van de gezondheid van mens of dier<QUOT.END ID="QE0006" REF.START="QS0006" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>9.</NO.P><TXT>Hoofdstuk I van richtlijn 89/662 heeft betrekking op <QUOT.START ID="QS0007" REF.END="QE0007" CODE="201E"/>controle bij de oorsprong<QUOT.END ID="QE0007" REF.START="QS0007" CODE="201D"/>. In artikel 3, lid 1, eerste alinea, is met name bepaald: <QUOT.START ID="QS0008" REF.END="QE0008" CODE="201E"/>De lidstaten zien erop toe dat alleen voor de handel bestemd zijn de in artikel 1 bedoelde producten die overeenkomstig de communautaire voorschriften voor de desbetreffende bestemming zijn verkregen, gecontroleerd, gemerkt en geëtiketteerd en die tot de erin vermelde eindbestemming vergezeld gaan van het gezondheidscertificaat, het keuringscertificaat of van andere documenten, zoals voorgeschreven bij de communautaire veterinaire regelgeving.<QUOT.END ID="QE0008" REF.START="QS0008" CODE="201D"/></TXT></NP><NP><NO.P>10.</NO.P><TXT>Voorts moeten volgens artikel 4, lid 1, van richtlijn 89/662, <QUOT.START ID="QS0009" REF.END="QE0009" CODE="201E"/>[d]e lidstaten van verzending [...] de nodige maatregelen [treffen] opdat de veterinaire voorschriften in alle stadia van productie, opslag, verhandeling en vervoer van de in artikel 1 bedoelde producten door de ondernemers worden nageleefd<QUOT.END ID="QE0009" REF.START="QS0009" CODE="201D"/>. Deze lidstaten moeten er in het bijzonder op toezien dat <QUOT.START ID="QS0010" REF.END="QE0010" CODE="201E"/>de producten die overeenkomstig de in bijlage A bedoelde richtlijnen zijn verkregen, vanuit diergeneeskundig oogpunt op dezelfde wijze worden gecontroleerd, ongeacht of zij voor het intracommunautaire verkeer dan wel voor de nationale markt bestemd zijn<QUOT.END ID="QE0010" REF.START="QS0010" CODE="201D"/>.</TXT></NP><?PAGE NO="I-8793"?><NP><NO.P>11.</NO.P><TXT>Bovendien bepaalt artikel 4, lid 2, van die richtlijn dat <QUOT.START ID="QS0011" REF.END="QE0011" CODE="201E"/>[d]e lidstaten van verzending [...] de passende wettelijke, bestuursrechtelijke of strafrechtelijke maatregelen [treffen] om aan de overtreding van de veterinaire wetgeving door natuurlijke personen of rechtspersonen sancties te verbinden [...]<QUOT.END ID="QE0011" REF.START="QS0011" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>12.</NO.P><TXT>Hoofdstuk II van richtlijn 89/662 is gewijd aan <QUOT.START ID="QS0012" REF.END="QE0012" CODE="201E"/>controles ter bestemming<QUOT.END ID="QE0012" REF.START="QS0012" CODE="201D"/>. Artikel 5, lid 1, daarvan luidt als volgt:</TXT><P><QUOT.S LEVEL="1"><P><QUOT.START ID="QS0013" REF.END="QE0013" CODE="201E"/>De lidstaten van bestemming passen de volgende controlemaatregelen toe:</P><LIST TYPE="alpha"><ITEM><NP><NO.P>a)</NO.P><TXT>de bevoegde autoriteit kan op de plaats van bestemming van de goederen via steekproefsgewijze en niet-discriminerende veterinaire controles nagaan of aan artikel 3 is voldaan; zij kan bij die gelegenheid monsters nemen.</TXT><P>Beschikt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van doorvoer of van de lidstaat van bestemming over gegevens die een overtreding doen vermoeden, dan kunnen er bovendien nog controles worden verricht tijdens het vervoer van de goederen op haar grondgebied met inbegrip van de controle van de overeenstemming van de vervoermiddelen;[...] <QUOT.END ID="QE0013" REF.START="QS0013" CODE="201D"/></P></NP></ITEM></LIST></QUOT.S></P></NP><NP><NO.P>13.</NO.P><TXT>Ten slotte bepaalt artikel 5, lid 3, van richtlijn 89/662: <QUOT.START ID="QS0014" REF.END="QE0014" CODE="201E"/>Ondernemers die zich producten laten toezenden uit een andere lidstaat of een parlij van dergelijke producten volledig verdelen [...] dienen op verzoek van de bevoegde autoriteit de aankomst van producten afkomstig uil een andere lidstaat aan te melden, voorzover zulks noodzakelijk is voor het verrichten van de in lid 1 bedoelde controles.<QUOT.END ID="QE0014" REF.START="QS0014" CODE="201D"/></TXT></NP><NP><NO.P>14.</NO.P><TXT>Ik wijs er eveneens op dal in hel kader van de toetreding van het Koninkrijk Zweden tot de Europese Unie aanvullende garanties met betrekking tol salmonella zijn vastgesteld voor de levering van bepaalde dieren en bepaalde producten van dierlijke oorsprong die voor deze lidstaat zijn bestemd.<NOTE NOTE.ID="E0006" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>De Republick Finland heeft eveneens vnn deze bijkomende garanties geprofiteerd. Zie de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en bel Koninkrijk Zweden en betreffende de aanpas sing van de Verdragen waarop de Europese Linie is gegrond (<REF.DOC.OJ COLL="C" NO.OJ="241" DATE.PUB="1994" PAGE.FIRST="21">PB 1994, C 241, blz. 21</REF.DOC.OJ>, en <REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="001" DATE.PUB="1995" PAGE.FIRST="1">PB 1995. L. 1, blz. 1</REF.DOC.OJ>): bijlage 1 — Lijst als bedoeld in artikel 29 van het Toetredingsverdrag — V. Landbouw - E. Veterinaire en zoötecbnische wetgeving (<REF.DOC.OJ COLL="C" NO.OJ="241" DATE.PUB="1994" PAGE.FIRST="132">PB 1994. C 241, blz. 132</REF.DOC.OJ>); zie inzonderheid hoofdstuk 3 met hel opschrift <QUOT.START ID="QS0015" REF.END="QE0015" CODE="201E"/>Volksgezondheid<QUOT.END ID="QE0015" REF.START="QS0015" CODE="201D"/>.</P></NOTE></TXT></NP></GR.SEQ><GR.SEQ LEVEL="2"><TITLE><TI><NP><NO.P>B —</NO.P><TXT>De nationale regeling</TXT></NP></TI></TITLE><NP><NO.P>15.</NO.P><TXT>Artikel 8 van besluit SLV FS 1998:39 van hel Zweedse voedingsbureau van <DATE ISO="19981215">15 december 1998</DATE> met belrekking lol veterinaire<?PAGE NO="I-8794"?> controles van levensmiddelen van dierlijke oorsprong in het intracommunautaire handelsverkeer (hierna: <QUOT.START ID="QS0016" REF.END="QE0016" CODE="201E"/>Zweeds besluit<QUOT.END ID="QE0016" REF.START="QS0016" CODE="201D"/>) bepaalt dat de importeur of zijn vertegenwoordiger (hierna: <QUOT.START ID="QS0017" REF.END="QE0017" CODE="201E"/>importeur<QUOT.END ID="QE0017" REF.START="QS0017" CODE="201D"/>) verplicht is om uiterlijk 24 uur voor de vermoedelijke aankomst van bepaalde producten, hiervan kennis te geven aan de bevoegde controleautoriteiten van de plaats waar de eerste ontvanger van de goederen zich bevindt.</TXT></NP><NP><NO.P>16.</NO.P><TXT>De betrokken producten worden genoemd in bijlage 3 bij dit besluit. Het staat vast dat alle in de Zweedse wetgeving bedoelde producten binnen de werkingssfeer van richtlijn 89/662 vallen.<NOTE NOTE.ID="E0007" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Hetzij rechtstreeks, hetzij, wat gehakt vlees en vleesbereidingen betreft, door een verwijzing in artikel 10 van richtlijn 94/65/EG van de Raad van <DATE ISO="19941214">14 december 1994</DATE> tot vaststelling van voorschriften voor de productie en het in de handel brengen van gehakt vlees en vleesbereidingen (<REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="368" DATE.PUB="1994" PAGE.FIRST="10">PB L 368, blz. 10</REF.DOC.OJ>). Deze richtlijn is bij richtlijn 2004/41 ingetrokken.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>17.</NO.P><TXT>Het begrip <QUOT.START ID="QS0018" REF.END="QE0018" CODE="201E"/>eerste ontvanger<QUOT.END ID="QE0018" REF.START="QS0018" CODE="201D"/> van de goederen in de zin van artikel 8 van het Zweedse besluit wordt in artikel 2 van hetzelfde besluit gedefinieerd als <QUOT.START ID="QS0019" REF.END="QE0019" CODE="201E"/>degene die de levensmiddelen in Zweden als eerste ontvangt en ze behandelt op de plaats waar ze worden ontvangen<QUOT.END ID="QE0019" REF.START="QS0019" CODE="201D"/>. Dit artikel 2 bepaalt eveneens dat <QUOT.START ID="QS0020" REF.END="QE0020" CODE="201E"/>[d]e eerste ontvanger [...] een verwerkingsbedrijf, een groothandel of een kleinhandel, een verpakkingsbedrijf, een kantine [of] een diepvriesinstallatie [kan zijn,] of elke andere plaats waar de goederen zijn opgeslagen. Wanneer een partij goederen tijdens het vervoer wordt verdeeld, wordt iedere ontvanger van een van de delen van de partij geacht de eerste ontvanger te zijn.<QUOT.END ID="QE0020" REF.START="QS0020" CODE="201D"/><NOTE NOTE.ID="E0008" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie verweerschrift, blz. 3.</P></NOTE></TXT></NP></GR.SEQ></GR.SEQ><GR.SEQ LEVEL="1"><TITLE><TI><NP><NO.P>II —</NO.P><TXT>De precontentieuze procedure</TXT></NP></TI></TITLE><NP><NO.P>18.</NO.P><TXT>Na ontvangst van een klacht betreffende dit Zweedse besluit en van oordeel dat de door artikel 8 opgelegde verplichting tot voorafgaande kennisgeving onverenigbaar is met artikel 5 van richtlijn 89/662, heeft de Commissie op <DATE ISO="19980709">9 juli 1998</DATE> aan het Koninkrijk Zweden een aanmaning gestuurd.</TXT></NP><NP><NO.P>19.</NO.P><TXT>Het Koninkrijk Zweden heeft hierop bij brief van <DATE ISO="19990908">8 september 1999</DATE> geantwoord, waarin het met name stelde dat de verplichting tot voorafgaande kennisgeving uitsluitend was vastgesteld met het doel het verrichten van steekproefsgewijze controles van partijen goederen, waartoe de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming overeenkomstig de bepalingen van richtlijn 89/662 is gehouden, te vergemakkelijken.</TXT></NP><?PAGE NO="I-8795"?><NP><NO.P>20.</NO.P><TXT>De Commissie zag in de opmerkingen van de Zweedse regering geen reden om haar standpunt te wijzigen. Zij besloot dan ook het Koninkrijk Zweden op <DATE ISO="20011221">21 december 2001</DATE> een met redenen omkleed advies te doen toekomen, met het verzoek binnen twee maanden de nodige maatregelen te nemen om aan artikel 5 van richtlijn 89/662 te voldoen.</TXT></NP><NP><NO.P>21.</NO.P><TXT>De Zweedse regering heeft op dit met redenen omkleed advies bij brief van <DATE ISO="20020226">26 februari 2002</DATE> gereageerd. Daarin herinnerde zij er met name aan dat de artikelen 3 en 4 van richtlijn 89/662 de lidstaat van verzending verplichten erop toe te zien dat alleen goederen die voldoen aan de communautaire regeling in het handelsverkeer komen en zij preciseerde dat onder de door deze lidstaat in acht te nemen communautaire voorschriften de garanties betreffende salmonella vallen die aan het Koninkrijk Zweden ter gelegenheid van zijn toetreding tot de Europese Unie zijn gegeven.</TXT></NP><NP><NO.P>22.</NO.P><TXT>Dienaangaande betoogde de Zweedse regering dat artikel 8 van het bestreden Zweedse besluit beoogt de bevoegde autoriteit de gelegenheid te geven de partijen door het nemen van monsters te controleren of de partijen te controleren die afkomstig zijn van firma's die doorgaans de garanties betreffende salmonella niet in acht nemen. Opdat dergelijke onderzoeken kunnen worden uitgevoerd, moet de controlerende autoriteit er vooraf van op de hoogte zijn dat de importeur van plan is onder dit besluit vallende producten in Zweden in te voeren.</TXT></NP><NP><NO.P>23.</NO.P><TXT>Aangezien dit antwoord haar niet overtuigde, heeft de Commissie door middel van een op <DATE ISO="20030312">12 maart 2003</DATE> ter griffie van het Hof ontvangen verzoekschrift op grond van artikel 226 EG het onderhavige beroep ingesteld.</TXT></NP></GR.SEQ><GR.SEQ LEVEL="1"><TITLE><TI><NP><NO.P>III —</NO.P><TXT>Het beroep</TXT></NP></TI></TITLE><NP><NO.P>24.</NO.P><TXT>In haar verzoekschrift concludeerde de Commissie oorspronkelijk dal hel hel Hof behage <QUOT.START ID="QS0021" REF.END="QE0021" CODE="201E"/>vast te stellen dat [het Koninkrijk] Zweden, door een stelsel van verplichte voorafgaande kennisgeving <HT TYPE="ITALIC">en sanitaire controles</HT> van de invoer van bepaalde levensmiddelen van dierlijke oorsprong uil andere lidstaten Ie handhaven, de verplichtingen niet is nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 5 van richtlijn 89/662/EEG van de Raad van <DATE ISO="19891211">11 december 1989</DATE> inzake veterinaire controles in hel intracommunautaire handelsverkeer in hel vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt<QUOT.END ID="QE0021" REF.START="QS0021" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0009" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Cursivering van mij.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>25.</NO.P><TXT>In haar memorie van repliek heeft de Commissie echter verklaard dal zij haar<?PAGE NO="I-8796"?> conclusie ter zake wenst aan te passen en haar grief inzake het bestaan van sanitaire controles bij de invoer van de betrokken producten laat vallen.<NOTE NOTE.ID="E0010" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie punt 9.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>26.</NO.P><TXT>Bijgevolg beklaagt de Commissie zich er in het kader van het onderhavige beroep alleen over dat het Koninkrijk Zweden in strijd met artikel 5 van richtlijn 89/662 een <QUOT.START ID="QS0022" REF.END="QE0022" CODE="201E"/>stelsel van verplichte voorafgaande kennisgeving door de importeurs van bepaalde levensmiddelen van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten<QUOT.END ID="QE0022" REF.START="QS0022" CODE="201D"/> heeft gehandhaafd.<NOTE NOTE.ID="E0011" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Ibidem.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>27.</NO.P><TXT>Ik wijs er voorts op dat de Republiek Finland bij beschikking van de president van het Hof van <DATE ISO="20030723">23 juli 2003</DATE> is toegelaten tot interventie in de huidige zaak ter ondersteuning van de conclusies van verweerder.</TXT></NP></GR.SEQ><GR.SEQ LEVEL="1"><TITLE><TI><NP><NO.P>IV —</NO.P><TXT>Beoordeling</TXT></NP></TI></TITLE><NP><NO.P>28.</NO.P><TXT>Uit vaste rechtspraak van het Hof blijkt dat al dan niet stelselmatige controles, uitgevoerd aan de grens van een lidstaat ter gelegenheid van de invoer van dieren of producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten, maatregelen van gelijke werking als kwantitatieve invoerbeperkingen in de zin van artikel 28 EG vormen.</TXT></NP><NP><NO.P>29.</NO.P><TXT>Het Hof heeft namelijk beslist dat <QUOT.START ID="QS0023" REF.END="QE0023" CODE="201E"/>de betrokken keuringen de invoer moeilijker of duurder kunnen maken, met name als gevolg van de door de controleverrichting veroorzaakte vertraging en de eventueel hieruit voor de importeur voortvloeiende extra vervoerkosten<QUOT.END ID="QE0023" REF.START="QS0023" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0012" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie inzonderheid arrest van <DATE ISO="19761215">15 december 1976</DATE>, Simmenthal (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="35/76" YEAR="1976" PAGE.ECR="1871">35/76, lurispr. blz. 1871, punt 14</REF.DOC.ECR>). Zie eveneens in deze zin arrest van <DATE ISO="19940622">22 juni 1994</DATE>, Deutsches Milch-Kontor (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="C-426/92" YEAR="1994" PAGE.ECR="I-2757">C-426/92, Jurispr. blz. I-2757, punt 20</REF.DOC.ECR>).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>30.</NO.P><TXT>Het is evenwel bekend dat het verbod van maatregelen van gelijke werking als kwantitatieve invoerbeperkingen slechts geldt onder voorbehoud van de in het gemeenschapsrecht, en met name in artikel 30 EG, voorziene rechtvaardigingsgronden.</TXT></NP><NP><NO.P>31.</NO.P><TXT>Het is echter eveneens vaste rechtspraak dat <QUOT.START ID="QS0024" REF.END="QE0024" CODE="201E"/>wanneer [...] door communautaire richtlijnen wordt voorzien in de harmonisatie van de maatregelen die nodig zijn ter bescherming van de gezondheid van mens en dier, en gemeenschappelijke procedures worden<?PAGE NO="I-8797"?> ingesteld voor het toezicht op de naleving daarvan, het beroep op artikel [30 EG] niet meer gerechtvaardigd is en <HT TYPE="ITALIC">de harmonisatierichtlijn het kader vormt waarbinnen de geëigende controles moeten worden uitgevoerd en de beschermende maatregelen moeten worden getroffen</HT><QUOT.END ID="QE0024" REF.START="QS0024" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0013" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Cursivering van mij. Zie arrest van <DATE ISO="19771005">5 oktober 1977</DATE>, Tedeschi (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="5/77" YEAR="1977" PAGE.ECR="1555">5/77, Jurispr. blz. 1555, punt 35</REF.DOC.ECR>). Zie eveneens in dezelfde zin arresten van <DATE ISO="19790405">5 april 1979</DATE>, Ratti (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="148/78" YEAR="1979" PAGE.ECR="1629">148/78, Jurispr. blz. 1629, punt 4</REF.DOC.ECR>), en <DATE ISO="19791108">8 november 1979</DATE>, Denkavit Futtermittel (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="251/78" YEAR="1979" PAGE.ECR="3369">251/78, Jurispr. blz 3369, punt 14</REF.DOC.ECR>). Volgens het Hof kan in het algemeen geen beroep op artikel 30 EG meer worden gedaan wanneer communautaire richtlijnen voorzien in de harmonisatie van de maatregelen die nodig zijn om de specifieke doelstelling te verwezenlijken die met het beroep op dit artikel wordt nagestreefd; zie inzonderheid arresten van <DATE ISO="19960523">23 mei 1996</DATE>, Hedley Lomas (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="C-5/94" YEAR="1996" PAGE.ECR="I-2553">C-5/94, Jurispr. blz. I-2553, punt 18</REF.DOC.ECR>), en <DATE ISO="19981112">12 november 1998</DATE>, Commissie/Duitsland (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="C-102/96" YEAR="1998" PAGE.ECR="I-6871">C-102/96, Jurispr. blz. I-6871, punt 21</REF.DOC.ECR>).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>32.</NO.P><TXT>Het Hof heeft al gelegenheid gehad dit beginsel toe te passen in een zaak betreffende een Duitse regeling op grond waarvan voor elke invoer van vers vlees van pluimvee in Duitsland een procedure gold die met name de importeur ertoe verplichtte de goederen tijdig bij het bevoegde nationale grenskantoor aan te melden.<NOTE NOTE.ID="E0014" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Arrest van <DATE ISO="19891128">28 november 1989</DATE>, Commissie/Duitsland (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="C-186/88" YEAR="1989" PAGE.ECR="3997">C-186/88, Jurispr. blz. 3997</REF.DOC.ECR>).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>33.</NO.P><TXT>Het Hof moest in dat geval de verenigbaarheid beoordelen van het op grond van deze nationale regeling ingestelde controlesysteem met het geharmoniseerde controlesysteem, ingesteld op grond van richtlijn 71/118/EEG van de Raad van <DATE ISO="19710215">15 februari 1971</DATE> inzake gezondheidsvraagstukken op het gebied van het handelsverkeer in vers vlees van pluimvee<NOTE NOTE.ID="E0015" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P><REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="055" DATE.PUB="1971" PAGE.FIRST="23">PB L 55, blz. 23</REF.DOC.OJ>. Deze richtlijn is één van de richtlijnen ter harmonisatie van de sanitaire voorwaarden voor de productie en de verkoop van bepaalde producten van dierlijke oorsprong.</P></NOTE>, en van richtlijn 83/643/EEG van de Raad van <DATE ISO="19831201">1 december 1983</DATE> ter vereenvoudiging van de fysieke controle en de administratieve formaliteiten bij het goederenverkeer tussen de lidstaten.<NOTE NOTE.ID="E0016" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P><REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="359" DATE.PUB="1983" PAGE.FIRST="8">PB L 359, blz. 8</REF.DOC.OJ>.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>34.</NO.P><TXT>Het Hof heeft geoordeeld dat <QUOT.START ID="QS0025" REF.END="QE0025" CODE="201E"/><HT TYPE="ITALIC">[gjelet op het</HT> bij de gemeenschapsregeling ingevoerde <HT TYPE="ITALIC">geharmoniseerde systeem van sanitaire controles,</HT> dat [...] uitgaat van een volledige controle van de waar in het land van verzending en in de plaats komt van de controle in het land van bestemming, [...] <HT TYPE="ITALIC">bijzondere extra beperkingen</HT> die bij grensoverschrijding aan de vervoerders worden opgelegd, <HT TYPE="ITALIC">niet meer [kunnen] worden gerechtvaardigd uit hoofde van bescherming van de gezondheid</HT><QUOT.END ID="QE0025" REF.START="QS0025" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0017" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Punt 16 (cursivering van mij).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>35.</NO.P><TXT>Het heeft op grond daarvan vastgesteld dat <QUOT.START ID="QS0026" REF.END="QE0026" CODE="201E"/>de Bondsrepubliek Duitsland, door de vervoerders van vers vlees van pluimvee in alle gevallen te verplichten de goederen vooraf aan te melden, teneinde een stelselmatige controle door dierenartsen te verzekeren, de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 30 EEGVerdrag<?PAGE NO="I-8798"?> en de richtlijnen 71/118 en 83/643<QUOT.END ID="QE0026" REF.START="QS0026" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0018" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Ik wijs erop dat, hoewel in het dictum van dit arrest sprake is van <QUOT.START ID="QS0027" REF.END="QE0027" CODE="201E"/>vervoerders<QUOT.END ID="QE0027" REF.START="QS0027" CODE="201D"/> van vers vlees van pluimvee, deze generieke term mijns inziens noodzakelijkerwijs de importeurs van deze producten omvat, en zulks om de eenvoudige reden dat de door de Commissie in die zaak betwiste nationale regeling de verplichting <QUOT.START ID="QS0028" REF.END="QE0028" CODE="201E"/>voor de importeur<QUOT.END ID="QE0028" REF.START="QS0028" CODE="201D"/> inhield om de goederen bij het bevoegde nationale grenskantoor aan te melden (zie de beschrijving van de nationale regeling in de arresten van <DATE ISO="19880920">20 september 1988</DATE>, Moormann, <REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="190/87" YEAR="1988" PAGE.ECR="4689">190/87, Jurispr. blz. 4689, punt 3</REF.DOC.ECR>, en <DATE ISO="19891128">28 november 1989</DATE>, Commissie/Duitsland, reeds aangehaald, punt 2).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>36.</NO.P><TXT>Dit arrest, betreffende een nationale regeling die op dit punt vergelijkbaar is met het Zweedse besluit dat in de onderhavige zaak aan de orde is, bevestigt het beginsel dat aan de importeurs van producten van dierlijke oorsprong geen <QUOT.START ID="QS0029" REF.END="QE0029" CODE="201E"/>bijzondere bijkomende beperkingen<QUOT.END ID="QE0029" REF.START="QS0029" CODE="201D"/> mogen worden opgelegd, zoals een stelselmatige verplichting de invoer van bepaalde producten van dierlijke oorsprong vooraf aan te melden, die het kader van het geharmoniseerde communautaire stelsel van sanitaire en/of veterinaire controles die van toepassing zijn in het intracommunautaire handelsverkeer van de betrokken producten, overschrijden.</TXT></NP><NP><NO.P>37.</NO.P><TXT>Ik ben van mening dat de redenering van het Hof in die zaak een zeer belangrijke aanwijzing kan zijn voor de beoordeling van het Zweedse stelsel van voorafgaande kennisgeving van importen in Zweden van bepaalde producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten, omdat richtlijn 89/662 de harmonisatie van de voorschriften betreffende de veterinaire controles die in het intracommunautaire handelsverkeer van toepassing zijn in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt, nog verder doorvoert.</TXT></NP><NP><NO.P>38.</NO.P><TXT>Richtlijn 89/662 heeft immers op uitputtende wijze de veterinaire controles die in de lidstaat van bestemming kunnen worden toegepast op de producten van dierlijke oorsprong die onder die richtlijn vallen, geharmoniseerd.</TXT></NP><NP><NO.P>39.</NO.P><TXT>Ter onderbouwing van deze opvatting wijs ik er op dat de vijfde overweging van de considerans van de richtlijn getuigt van de wens van de communautaire wetgever om <QUOT.START ID="QS0030" REF.END="QE0030" CODE="201E"/>de controles die kunnen worden verricht op de plaats van bestemming<QUOT.END ID="QE0030" REF.START="QS0030" CODE="201D"/> te organiseren. Daar komt bij dat de bepalingen van hoofdstuk II inzake de <QUOT.START ID="QS0031" REF.END="QE0031" CODE="201E"/>controles ter bestemming<QUOT.END ID="QE0031" REF.START="QS0031" CODE="201D"/> een nauwkeurige en volledige beschrijving bevatten van de verplichtingen van de lidstaten van bestemming en hun beoordelingsmarge bij de uitvoering van deze bepalingen strikt afbakenen. Ik wijs er voorts op dat het Hof bij de beschrijving van de wezenlijke kenmerken van richtlijn 89/662 heeft uiteengezet dat <QUOT.START ID="QS0032" REF.END="QE0032" CODE="201E"/>de controles die kunnen worden verricht in het land van bestemming, in detail geregeld [zijn]<QUOT.END ID="QE0032" REF.START="QS0032" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0019" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Arrest van <DATE ISO="19981112">12 november 1998</DATE>, Commissie/Duitsland, reeds aangehaald (punt 5).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>40.</NO.P><TXT>Dientengevolge was het Koninkrijk Zweden bij de invoering van een stelsel van verplichte voorafgaande kennisgeving door importeurs van producten van dierlijke oorsprong die onder richtlijn 89/662 vallen, verplicht te handelen in het kader van het door deze richtlijn geschapen en op de intracommunautaire handel van toepassing zijnde geharmoniseerde communautaire systeem van veterinaire controles.</TXT></NP><?PAGE NO="I-8799"?><NP><NO.P>41.</NO.P><TXT>Vaststaat dat het bestreden Zweedse besluit een verplichting tot voorafgaande kennisgeving van de invoer van bepaalde producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten oplegt, die van stelselmatige aard is en uitsluitend op de importeurs rust.</TXT></NP><NP><NO.P>42.</NO.P><TXT>Verder bevat het op richtlijn 89/662 gebaseerde geharmoniseerde stelsel van veterinaire controles een bepaling die een verplichting tot aanmelding van de aankomst van producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten inhoudt. Derhalve moet worden nagegaan of de <HT TYPE="ITALIC">modaliteiten</HT> van het Zweedse stelsel van verplichte voorafgaande kennisgeving van importen verenigbaar zijn met die welke in de betrokken bepaling, te weten artikel 5, lid 3, sub c, van die richtlijn, zijn vastgesteld.</TXT></NP><NP><NO.P>43.</NO.P><TXT>Daartoe is het dienstig allereerst richtlijn 89/662 aan de hand van de tekst en de doeleinden ervan uit te leggen.</TXT></NP><NP><NO.P>44.</NO.P><TXT><HT TYPE="ITALIC">Wat de tekst van richtlijn 89/662 betreft,</HT> zal ik mijn aandacht concentreren op de bewoordingen van artikel 5, lid 3, sub c, aangezien het betwiste Zweedse stelsel er kennelijk toe strekt deze bijzondere bepaling van deze richtlijn om te zeilen.</TXT></NP><NP><NO.P>45.</NO.P><TXT>Ik herinner eraan dat volgens de bewoordingen van artikel 5, lid 3, sub c, van deze richtlijn, ondernemers die zich producten uil een andere lidstaat laten toezenden of een partij van dergelijke producten volledig verdelen, <QUOT.START ID="QS0033" REF.END="QE0033" CODE="201E"/><HT TYPE="ITALIC">op verzoek van de bevoegde autoriteit</HT> de aankomst van producten afkomstig uit een andere lidstaat [dienen] aan te melden, <HT TYPE="ITALIC">voorzover zulks noodzakelijk is voor hel verrichten van de in lid 1 bedoelde controles</HT><QUOT.END ID="QE0033" REF.START="QS0033" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0020" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Cursivering van mij.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>46.</NO.P><TXT>Ik stel in de eerste plaats vast dat uil de tekst van deze bepaling nadrukkelijk blijkt dal de verplichting om de aankomst van uil een andere lidstaat afkomstige producten aan te melden, ontstaat <QUOT.START ID="QS0034" REF.END="QE0034" CODE="201E"/>op verzoek van de bevoegde autoriteit<QUOT.END ID="QE0034" REF.START="QS0034" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0021" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>De bevoegde autoriteit wordt in artikel 2, punt 4, van richtlijn 89/C62 gedefinieerd als <QUOT.START ID="QS0035" REF.END="QE0035" CODE="201E"/>de voor het verrichten van veterinaire controles bevoegde centrale autoriteit van een lidstaat of elke autoriteit aan wie zij deze bevoegdheid heeft overgedragen<QUOT.END ID="QE0035" REF.START="QS0035" CODE="201D"/>.</P></NOTE> Dit zinsdeel doet al meteen vermoeden dat een dergelijke verplichting door de communautaire wetgever niet als een stelselmatige verplichting is opgevat.</TXT></NP><NP><NO.P>47.</NO.P><TXT>Bijgevolg ben ik louter op basis van deze bepaling reeds geneigd aan te nemen dat ondernemers die producten afkomstig uil een andere lidstaat betrekken of die een parlij van dergelijke producten volledig verdelen, er <HT TYPE="ITALIC">slechts in specifieke gevallen,</HT> te<?PAGE NO="I-8800"?> weten op verzoek van de bevoegde autoriteit, toe kunnen worden verplicht de aankomst van producten afkomstig uit een andere lidstaat aan te melden.</TXT></NP><NP><NO.P>48.</NO.P><TXT>In de tweede plaats wijs ik erop dat aan deze aanmeldingsverplichting waarmee deze ondernemers kunnen worden belast, moet worden voldaan <QUOT.START ID="QS0036" REF.END="QE0036" CODE="201E"/>voor zover zulks noodzakelijk is voor het verrichten van de in lid 1 bedoelde controles<QUOT.END ID="QE0036" REF.START="QS0036" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>49.</NO.P><TXT>Ik herinner er in dit verband aan dat deze <QUOT.START ID="QS0037" REF.END="QE0037" CODE="201E"/>in lid 1 bedoelde controles<QUOT.END ID="QE0037" REF.START="QS0037" CODE="201D"/> hoofdzakelijk bestaan uit niet-discriminerende steekproefsgewijze veterinaire controles, verricht door de bevoegde autoriteit op de plaats van bestemming van de producten.</TXT></NP><NP><NO.P>50.</NO.P><TXT>De omstandigheid dat de aanmeldingsverplichting slechts geldt voorzover zulks noodzakelijk is, bevestigt mijns inziens eveneens dat de communautaire wetgever niet van zins was de betrokken ondernemers te belasten met een stelselmatige aanmeldingsverplichting voor importen van producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten.</TXT></NP><NP><NO.P>51.</NO.P><TXT>Kortom, de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming kan de ontvangers van de betrokken producten alleen verplichten hun aankomst aan hen te melden, wanneer zulks met het oog op het later verrichten van niet-discriminerende steekproefsgewijze veterinaire controles <HT TYPE="ITALIC">noodzakelijk</HT> lijkt.<NOTE NOTE.ID="E0022" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Het is interessant op te merken dat verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad van <DATE ISO="20040429">29 april 2004</DATE> inzake officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoerders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezondheid en dierenwelzijn (<REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="165" DATE.PUB="2004" PAGE.FIRST="1">PB L 165, biz. 1</REF.DOC.OJ>) eveneens deze aanpak volgt door slechts de aanmelding van de aankomst van de goederen te verlangen voorzover dit <QUOT.START ID="QS0038" REF.END="QE0038" CODE="201E"/>strikt nodig<QUOT.END ID="QE0038" REF.START="QS0038" CODE="201D"/> is. Artikel 3, lid 6, luidt als volgt: <QUOT.START ID="QS0039" REF.END="QE0039" CODE="201E"/>De bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming kan door middel van niet-discriminerende controles nagaan of de diervoeders en levensmiddelen voldoen aan de wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen. Voorzover dit strikt nodig is voor de organisatie van de officiële controles, kunnen de lidstaten de exploitanten die goederen van een andere lidstaat aan hen hebben geleverd, verzoeken de aankomst van die goederen te melden<QUOT.END ID="QE0039" REF.START="QS0039" CODE="201D"/>.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>52.</NO.P><TXT>In deze fase van de analyse komt het mij derhalve voor dat volgens de tekst van artikel 5, lid 3, sub c, van richtlijn 89/662 slechts in specifieke gevallen de verplichting kan bestaan om de aankomst van producten afkomstig uit een andere lidstaat aan te melden.</TXT></NP><NP><NO.P>53.</NO.P><TXT>Bovendien dient een van de voornaamste argumenten van het Koninkrijk Zweden, te weten dat de verplichting de importen vooraf aan te melden noodzakelijk is opdat de bevoegde autoriteit vervolgens overeenkomstig richtlijn 89/662 op efficiënte wijze steekproefsgewijze controles kan uitvoeren, te worden verworpen.</TXT></NP><NP><NO.P>54.</NO.P><TXT>Ook al kan een dergelijke verplichting nuttig zijn voor de planning en de organisatie van fysieke controles door middel van steekproeven, aangezien zij een bron van informatie voor de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming vormt, kan ik toch<?PAGE NO="I-8801"?> niet instemmen met de opvatting dat de invoering van een stelselmatige voorafgaande aanmeldingsverplichting onontbeerlijk is voor de verwezenlijking van de steekproefsgewijze controles waarin richtlijn 89/662 voorziet.</TXT></NP><NP><NO.P>55.</NO.P><TXT>Enerzijds weerspreken volgens mij de door de communautaire wetgever gebruikte bewoordingen in artikel 5, lid 3, sub c, van de richtlijn de argumenten van het Koninkrijk Zweden, aangezien zij, zoals aangetoond, het stelselmatige karakter van een dergelijke aanmeldingsverplichting uitsluiten. Anderzijds ben ik van mening dat de doelmatigheid van de steekproefsgewijze controles voldoende wordt gewaarborgd wanneer de bevoegde autoriteit van de lidstaat een adequate risicoanalyse verricht.<NOTE NOTE.ID="E0023" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Dit idee is vervat in artikel 3. lid 1, van verordening nr. 882/2004, dat met name bepaalt dat de officiële controles van levensmiddelen moeten worden uitgevoerd <QUOT.START ID="QS0040" REF.END="QE0040" CODE="201E"/>op basis van een risicobeoordeling<QUOT.END ID="QE0040" REF.START="QS0040" CODE="201D"/>. Dit risico kan bijvoorbeeld worden beoordeeld op grond van criteria als zaken die in het verleden met betrekking tol bepaalde dieren zijn misgegaan of de antecedenten van bepaalde ondernemers in de sector levensmiddelen.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>56.</NO.P><TXT>Het is bovendien van belang erop te wijzen dat de communautaire wetgever in artikel 5, lid 3, van richtlijn 89/662 maatregelen heeft vastgesteld die ertoe moeten bijdragen de doelmatigheid van veterinaire steekproefsgewijze controles te verzekeren. Dit geldt bijvoorbeeld voor de verplichting van de ondernemers die zich producten laten toezenden uit een andere lidstaat of die een partij van die producten volledig verdelen, om een register bij te houden waarin die leveringen zijn genoteerd. Dit geldt ook voor de verplichting die op hen rust om <QUOT.START ID="QS0041" REF.END="QE0041" CODE="201E"/>de gezondheidscertificaten of de documenten bedoeld in artikel 3 gedurende een door de bevoegde autoriteit vast te stellen periode van minimaal zes maanden [te bewaren] zodat deze op verzoek aan de bevoegde autoriteit kunnen worden getoond<QUOT.END ID="QE0041" REF.START="QS0041" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0024" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie artikel 5, lid 3, sub b en d, van richtlijn 89/662.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>57.</NO.P><TXT>De Zweedse regering leest artikel 5, lid 3, sub c, van richtlijn 89/662 geheel anders, aangezien zij van mening is dat de communautaire wetgever zich niet heeft uitgelaten over het moment waarop en de frequentie waarmee de aanmeldingen moeten geschieden, zodat de vaststelling daarvan aan de lidstaten is overgelaten.</TXT></NP><NP><NO.P>58.</NO.P><TXT>Ik kan deze lezing van artikel 5, lid 3, sub c, van richtlijn 89/662 niet volledig delen. Het is ongetwijfeld juist dal daarin noch het moment noch de frequentie van dergelijke aanmeldingen nauwkeurig is vastgesteld. Hel lijkt mij evenwel duidelijk dat, zoals ik heb aangetoond, de bewoordingen van dit artikel een stelselmatige aanmeldingsplicht uitsluiten, hetgeen tot gevolg heeft dat de beoordelingsmarge van de lidstaten betreffende de frequentie van die aanmeldingen strikt beperkt is.</TXT></NP><NP><NO.P>59.</NO.P><TXT>Anderzijds moet ik erkennen dal de tekst van artikel 5, lid 3, sub c, van richtlijn 89/662 niet bijzonder duidelijk is met belrekking lot hel moment waarop de aanmelding moet geschieden. Uit de tekst alleen valt<?PAGE NO="I-8802"?> immers niet op te maken of de aanmelding van de aankomst van producten uit een andere lidstaat moet plaatsvinden <HT TYPE="ITALIC">vóór of na</HT> de invoer van deze producten in de lidstaat van bestemming.</TXT></NP><NP><NO.P>60.</NO.P><TXT>Ter vergelijking, artikel 5, lid 2, sub a, van richtlijn 90/425/EEG van de Raad van <DATE ISO="19900626">26 juni 1990</DATE> inzake veterinaire en zoötechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt<NOTE NOTE.ID="E0025" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P><REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="224" DATE.PUB="1990" PAGE.FIRST="29">PB L 224, blz. 29</REF.DOC.OJ>.</P></NOTE>, voert een verplichting in om <QUOT.START ID="QS0042" REF.END="QE0042" CODE="201E"/>de aankomst van dieren of producten afkomstig uit een andere lidstaat <HT TYPE="ITALIC">van tevoren</HT> aan te melden, met name de aard van de zending en de voorzienbare datum van aankomst<QUOT.END ID="QE0042" REF.START="QS0042" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0026" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Cursivering van mij.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>61.</NO.P><TXT>Gezien de onnauwkeurigheid van de tekst van artikel 5, lid 3, sub c, van richtlijn 89/662 betreffende het moment waarop de aanmelding van de aankomst van producten uit andere lidstaten moet plaatsvinden, ben ik van mening dat dit artikel aldus moet worden uitgelegd dat het een aanmeldingsplicht van importen <HT TYPE="ITALIC">vóór hun aankomst</HT> niet uitsluit, maar daarentegen verbiedt dat een dergelijke verplichting <HT TYPE="ITALIC">op stelselmatige wijze</HT> wordt opgelegd aan de importeurs van bepaalde producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten.</TXT></NP><NP><NO.P>62.</NO.P><TXT><HT TYPE="ITALIC">De doelstellingen van richtlijn 89/662</HT> bevestigen mijns inziens niet alleen de zojuist door mij gegeven, op de tekst van artikel 5, lid 3, sub c, van de richtlijn gebaseerde uitlegging, maar tonen ook aan dat deze richtlijn aldus moet worden uitgelegd dat zij zich ertegen verzet dat een dergelijke aanmeldingsverplichting uitsluitend aan importeurs wordt opgelegd.</TXT></NP><NP><NO.P>63.</NO.P><TXT>Ik herinner er in dit verband aan dat deze richtlijn, teneinde het vrije verkeer van landbouwproducten te verzekeren, dat volgens de tweede overweging van de considerans van richtlijn 89/662 <QUOT.START ID="QS0043" REF.END="QE0043" CODE="201E"/>een fundamenteel onderdeel is van de gemeenschappelijke marktordeningen<QUOT.END ID="QE0043" REF.START="QS0043" CODE="201D"/>, beoogt de diergeneeskundige belemmeringen voor de ontwikkeling van het intracommunautaire handelsverkeer in producten van dierlijke oorsprong te doen verdwijnen.</TXT></NP><NP><NO.P>64.</NO.P><TXT>Meer in het bijzonder is het de uiteindelijke bedoeling van richtlijn 89/662 de veterinaire controles van die producten te beperken tot de plaats van verzending.<NOTE NOTE.ID="E0027" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie de vierde overweging van de considerans.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>65.</NO.P><TXT>In de vijfde overweging van de considerans van deze richtlijn valt te lezen dat <QUOT.START ID="QS0044" REF.END="QE0044" CODE="201E"/>in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt zolang deze doelstelling<?PAGE NO="I-8803"?> niet is verwezenlijkt de nadruk moet worden gelegd op de controles bij verzending en de organisatie van de controles die kunnen worden verricht op de plaats van bestemming<QUOT.END ID="QE0044" REF.START="QS0044" CODE="201D"/> en dat <QUOT.START ID="QS0045" REF.END="QE0045" CODE="201E"/>bij deze procedure wordt afgezien van de mogelijkheid om aan de binnengrenzen van de Gemeenschap veterinaire controles te verrichten<QUOT.END ID="QE0045" REF.START="QS0045" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>66.</NO.P><TXT>Dienovereenkomstig verplicht artikel 1 van richtlijn 89/662 de lidstaten erop toe te zien <QUOT.START ID="QS0046" REF.END="QE0046" CODE="201E"/>dat de veterinaire controles op producten van dierlijke oorsprong [...] onverminderd het bepaalde in artikel 6, niet meer aan de grenzen, maar overeenkomstig deze richtlijn worden uitgevoerd<QUOT.END ID="QE0046" REF.START="QS0046" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>67.</NO.P><TXT>Gelet op deze elementen ben ik van mening dat de omstandigheid, dat in hel kader van het door de Zweedse autoriteiten ingestelde systeem aan de importeurs de stelselmatige verplichting wordt opgelegd om vooraf de aankomst van bepaalde producten van dierlijke oorsprong, afkomstig uit andere lidstaten, aan te melden, in strijd is zowel met het doel, <HT TYPE="ITALIC">de grenscontroles af Ie schaffen,</HT> als met <HT TYPE="ITALIC">het doel, de controles die in de staat van bestemming kunnen plaatsvinden, te beperken.</HT></TXT></NP><NP><NO.P>68.</NO.P><TXT>Met de Commissie ben ik namelijk van mening, dat de door de Zweedse regeling opgelegde stelselmatige verplichting tot voorafgaande aanmelding een soort grenscontrole is, aangezien de importeur daarmee is belast.<NOTE NOTE.ID="E0028" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Volgens de Commissie <QUOT.START ID="QS0047" REF.END="QE0047" CODE="201E"/>moet het woord grenzen hier eerder worden verstaan in zijn juridische dan in zijn fysieke betekenis<QUOT.END ID="QE0047" REF.START="QS0047" CODE="201D"/> (zie verzoekschrift, punten 20 en 21).</P></NOTE> Zij draagt er immers toe bij dal een belemmering voor de invoer in Zweden van producten van dierlijke oorsprong uil andere lidstaten, en dus een binnengrens, wordt gehandhaafd.</TXT></NP><NP><NO.P>69.</NO.P><TXT>Het is juist dat hel begrip <QUOT.START ID="QS0048" REF.END="QE0048" CODE="201E"/>ondernemers die zich producten laten toezenden uil een andere lidstaat of een parlij van dergelijke producten volledig verdelen<QUOT.END ID="QE0048" REF.START="QS0048" CODE="201D"/> in artikel 5, lid 3, van richtlijn 89/662, letterlijk opgevat, aldus kan worden uitgelegd dat hel mede de importeurs van producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten omval.</TXT></NP><NP><NO.P>70.</NO.P><TXT>Naar mijn mening voldoet een dergelijke uitlegging echter niet aan de wens van de communautaire wetgever om de controles aan de binnengrenzen van de Gemeenschap af te schaffen.</TXT></NP><NP><NO.P>71.</NO.P><TXT>Verder heeft de communautaire weigever, teneinde deze voor de verwezenlijking van de interne markt onontbeerlijke doelstelling te realiseren, het begrip <QUOT.START ID="QS0049" REF.END="QE0049" CODE="201E"/>veterinaire controle<QUOT.END ID="QE0049" REF.START="QS0049" CODE="201D"/> zeer ruim uitgelegd. Volgens de tekst van artikel 2, punt 1, van richtlijn 89/662 omvat dit begrip immers <QUOT.START ID="QS0050" REF.END="QE0050" CODE="201E"/>materiële<?PAGE NO="I-8804"?> controles en/of <HT TYPE="ITALIC">administratieve formaliteiten</HT> met betrekking tot de in artikel 1 bedoelde producten die <HT TYPE="ITALIC">rechtstreeks of zijdelings strekken tot bescherming van de gezondheid van mens</HT> of dier<QUOT.END ID="QE0050" REF.START="QS0050" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0029" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Cursivering van mij,</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>72.</NO.P><TXT>Gelet op deze elementen meen ik te kunnen stellen dat richtlijn 89/662 zich verzet tegen een stelselmatige verplichting van de importeur om een dergelijke administratieve formaliteit te verrichten, omdat een dergelijke maatregel ertoe bijdraagt de binnengrenzen te handhaven, wat volledig in strijd is met het door de communautaire wetgever in richtlijn 89/662 nagestreefde doel om veterinaire controles aan de binnengrenzen af te schaffen.</TXT></NP><NP><NO.P>73.</NO.P><TXT>Bovendien ben ik, evenals de Commissie, van mening dat een dergelijke maatregel indruist tegen het streven de controles te beperken die in het land van bestemming kunnen worden verricht. In dit opzicht dient te worden benadrukt dat richtlijn 89/662, zoals reeds gezien, de controles die in de lidstaat van bestemming kunnen plaatsvinden, op uitputtende wijze of, anders gezegd, <QUOT.START ID="QS0051" REF.END="QE0051" CODE="201E"/>in detail<QUOT.END ID="QE0051" REF.START="QS0051" CODE="201D"/> regelt.<NOTE NOTE.ID="E0030" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Arrest van <DATE ISO="19981112">12 november 1998</DATE>, Commissie/Duitsland, reeds aangehaald.</P></NOTE> Derhalve levert de invoering door een lidstaat van bestemming van een administratieve formaliteit waarvan de uitvoeringsmodaliteiten het bij richtlijn 89/662 geschetste kader overschrijden, een schending van deze richtlijn op.</TXT></NP><NP><NO.P>74.</NO.P><TXT>Op grond van bovenstaande uiteenzetting ben ik van mening dat richtlijn 89/662, en inzonderheid artikel 5, lid 3, sub c daarvan, aldus moet worden uitgelegd dat zij zich ertegen verzet dat de lidstaat van bestemming de importeur van bepaalde producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten een stelselmatige verplichting oplegt om vooraf importen aan te melden.</TXT></NP><NP><NO.P>75.</NO.P><TXT>Aangezien het bij het Zweedse besluit ingevoerde stelsel een dergelijke stelselmatige verplichting aan de importeurs oplegt, moet het naar mijn mening geacht worden met richtlijn 89/662 onverenigbaar te zijn.</TXT></NP><NP><NO.P>76.</NO.P><TXT>Alvorens te concluderen, zal ik nog enkele kanttekeningen maken bij het betoog van het Koninkrijk Zweden in het kader van de precontentieuze procedure, dat er in wezen op neerkomt dat zijn nationale stelsel van aanmelding van importen noodzakelijk is om na te gaan of de andere lidstaten zich aan de communautaire regels met betrekking tot salmonellabestrijding houden.</TXT></NP><?PAGE NO="I-8805"?><NP><NO.P>77.</NO.P><TXT>In dit opzicht dien ik eraan te herinneren, dat in hel kader van de toetreding van het Koninkrijk Zweden tot de Europese Unie werd voorzien in aanvullende garanties met betrekking tot de controle op salmonellabacteriën bij de levering van bepaalde voor deze lidstaat bestemde dieren en producten van dierlijke oorsprong.<NOTE NOTE.ID="E0031" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie voetnoot 6.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>78.</NO.P><TXT>Bij wijze van voorbeeld, voor vers vlees van pluimvee zijn deze garanties ingesteld bij beschikking 95/411/EG van de Raad van <DATE ISO="19950622">22 juni 1995</DATE> tot vaststelling, met betrekking tot salmonella, van de voorschriften voor de steekproefsgewijze microbiologische test van vers vlees van pluimvee met als bestemming Finland en Zweden.<NOTE NOTE.ID="E0032" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P><REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="243" DATE.PUB="1995" PAGE.FIRST="29">PB L 243, biz. 29</REF.DOC.OJ>. Vergelijkbare garanties zijn vastgesteld bij beschikking 95M09/F.G van de Raad van <DATE ISO="19950622">22 juni 1995</DATE> tot vaststelling, met betrekking tot salmonella, van de voorschriften voor de steekproefsgewijze microbiologische tests van vers rund- en varkensvlees met als bestemming Finland en Zweden (<REF.DOC.OJ COLL="L" NO.OJ="243" DATE.PUB="1995" PAGE.FIRST="21">PB L 243, blz. 21</REF.DOC.OJ>).</P></NOTE> Artikel 2 van deze beschikking bepaalt dat <QUOT.START ID="QS0052" REF.END="QE0052" CODE="201E"/>[v]ers vlees van pluimvee met als bestemming Finland en Zweden [...] in de inrichting van oorsprong overeenkomstig de bijlage met steekproefsgewijze uitgevoerde microbiologische tests op salmonella [moei] worden onderzocht<QUOT.END ID="QE0052" REF.START="QS0052" CODE="201D"/>. Dit voorschrift is niet van toepassing wanneer het een inrichting betreft die onderworpen is aan een programma betreffende de controle op salmonella dat als gelijkwaardig aan het door Finland en Zweden uitgevoerde programma is erkend.<NOTE NOTE.ID="E0033" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie artikel 3 van beschikking 95/411. Dezelfde voorschriften zijn volgens de artikelen 2 en 3 van beschikking 95/109 van toepassing op vers rund- en varkensvlees.</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>79.</NO.P><TXT>Uit de stukken van hel dossier blijkt dat het Zweedse systeem van stelselmatige aanmelding van importen van bepaalde producten van dierlijke oorsprong, dat is gebaseerd op hel Zweedse besluit, werd ingevoerd omdat het Koninkrijk Zweden twijfels koesterde ten aanzien van de inachtneming van de garanties betreffende de bestrijding van salmonella in bepaalde lidstaten van verzending.</TXT></NP><NP><NO.P>80.</NO.P><TXT>Zoals vermeld in de zesde overweging van de considerans van richtlijn 89/662, houdl het doel om de veterinaire controles aan de binnengrenzen van de Gemeenschap af te schaffen evenwel in <QUOT.START ID="QS0053" REF.END="QE0053" CODE="201E"/>dat meer vertrouwen wordt gesteld in de veterinaire controles die in het land van verzending worden verricht<QUOT.END ID="QE0053" REF.START="QS0053" CODE="201D"/>.</TXT></NP><NP><NO.P>81.</NO.P><TXT>Zodra het product van dierlijke oorsprong, afkomstig uit een andere lidstaat, vergezeld gaat van het gezondheidscertificaat, het keuringscerlificaal of van andere documenten die door de communautaire veterinaire regelgeving zijn voorgeschreven, moet derhalve worden aangenomen dat het beantwoordt aan de communautaire normen.</TXT></NP><?PAGE NO="I-8806"?><NP><NO.P>82.</NO.P><TXT>De artikelen 7, 8 en 9 van richtlijn 89/662 stellen de procedure vast die de lidstaat van bestemming moet volgen wanneer bij een controle op de plaats van bestemming of tijdens het vervoer blijkt dat een dergelijk product afbreuk kan doen aan de doelstelling van de volksgezondheid. Zo heeft het Hof bijvoorbeeld geoordeeld dat <QUOT.START ID="QS0054" REF.END="QE0054" CODE="201E"/>de Bondsrepubliek Duitsland, wanneer zij bij de toegestane controles en op grond van haar eigen methoden vaststelde dat ingevoerd vlees een uitgesproken seksuele geur verspreidde waardoor het ongeschikt was voor menselijke consumptie, dus in het in artikel 7, lid 1, sub b, van richtlijn 89/662 bedoelde geval, de procedure van artikel 8 van die richtlijn [moest] inleiden en onverwijld in contact [moest] treden met de bevoegde autoriteit van de lidstaat van verzending, in casu het Koninkrijk Denemarken<QUOT.END ID="QE0054" REF.START="QS0054" CODE="201D"/>. De Duitse autoriteiten konden derhalve niet eenzijdig verklaren dat de zogenoemde <QUOT.START ID="QS0055" REF.END="QE0055" CODE="201E"/>gewijzigde immuno-enzymtest van professor Claus<QUOT.END ID="QE0055" REF.START="QS0055" CODE="201D"/>, waardoor een dergelijke geur kon worden vastgesteld, in alle gevallen moest worden toegepast en dat bijgevolg niet kon worden erkend dat het ingevoerde vlees, dat volgens de Deense scatolmethode was gecontroleerd, gezond was, zonder dat de bijzondere procedure van artikel 8 van richtlijn 89/662 werd ingeleid.<NOTE NOTE.ID="E0034" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Arrest van <DATE ISO="19981112">12 november 1998</DATE>, Commissie/Duitsland, reeds aangehaald (punien 37 en 41).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>83.</NO.P><TXT>Voorts voert artikel 9 van deze richtlijn <QUOT.START ID="QS0056" REF.END="QE0056" CODE="201E"/>een communautaire beschermingsregel in [...], die de door de lidstaten in geval van ernstig gevaar getroffen, wellicht uiteenlopende spoedmaatregelen moet vervangen<QUOT.END ID="QE0056" REF.START="QS0056" CODE="201D"/>.<NOTE NOTE.ID="E0035" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Arrest van <DATE ISO="20001205">5 december 2000</DATE>, Eurostock (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="C-477/98" YEAR="2000" PAGE.ECR="I-10695">C-477/98, Jurispr. blz. I-10695, punt 59</REF.DOC.ECR>).</P></NOTE></TXT></NP><NP><NO.P>84.</NO.P><TXT>Deze punten bevestigen dat de lidstaat van bestemming, wanneer hij betwijfelt of een lidstaat van verzending de communautaire normen ter bestrijding van salmonella in acht heeft genomen, gehouden is de in richtlijn 89/662 vastgestelde procedures en beschermingsmaatregelen toe te passen. Hij kan niet eenzijdig aanvullende nationale maatregelen toepassen die verder gaan dan de bepalingen van de richtlijn die voorzien in een geharmoniseerd stelsel van veterinaire controles die van toepassing zijn op de intracommunautaire handel in bepaalde producten van dierlijke oorsprong.</TXT></NP><NP><NO.P>85.</NO.P><TXT>Deze analyse beantwoordt aan een fundamenteel beginsel van de communautaire rechtsorde volgens hetwelk de lidstaten moeten handelen in het kader van de procedures en de rechtsmiddelen die in het EG-Verdrag zijn vastgesteld, wanneer zij menen dat een andere lidstaat de krachtens het gemeenschapsrecht op hem rustende verplichtingen niet in acht neemt.<NOTE NOTE.ID="E0036" NUMBERING.CONTINUED="YES"><P>Zie inzonderheid arresten van <DATE ISO="19641113">13 november 1964</DATE>, Commis-sie/Luxemburg en België (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="90/63+91/63" YEAR="1964" PAGE.ECR="1217">90/63 en 91/63, Jurispr. blz. 1217</REF.DOC.ECR>), en <DATE ISO="19790925">25 september 1979</DATE>, Commissie/Frankrijk (<REF.DOC.ECR EDITION="GEN" NO.CASE="232/78" YEAR="1979" PAGE.ECR="2729">232/78, Jurispr. blz. 2729, punt 9</REF.DOC.ECR>).</P></NOTE></TXT></NP></GR.SEQ><?PAGE NO="I-8807"?><GR.SEQ LEVEL="1"><TITLE><TI><NP><NO.P>V —</NO.P><TXT>Conclusie</TXT></NP></TI></TITLE><NP><NO.P>86.</NO.P><TXT>Mitsdien geef ik het Hof in overweging:</TXT><P><LIST TYPE="ARAB"><ITEM><NP><NO.P>1)</NO.P><TXT>vast te stellen dat het Koninkrijk Zweden, door een verplichting tot voorafgaande kennisgeving ten laste van importeurs van bepaalde producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten te handhaven, de verplichtingen niet is nagekomen die op hem rusten krachtens richtlijn 89/662/EEG van de Raad van <DATE ISO="19891211">11 december 1989</DATE> inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt, en met name krachtens artikel 5, lid 3, sub c daarvan;</TXT></NP></ITEM><ITEM><NP><NO.P>2)</NO.P><TXT>het Koninkrijk Zweden in de kosten te verwijzen.</TXT></NP></ITEM></LIST></P></NP></GR.SEQ></CONTENTS.CONCLUSION></CONCLUSION>