Resolutie van het Europees Parlement met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2003, afdeling IV — Hof van Justitie
Publicatieblad Nr. L 196 van 27/07/2005 blz. 0043 - 0045
Publicatieblad Nr. 033 E van 09/02/2006 blz. 0206 - 0208
Resolutie van het Europees Parlement met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2003, afdeling IV — Hof van Justitie HET EUROPEES PARLEMENT, gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2003 [1], gezien de jaarrekening en de financiële balans van ontvangsten en uitgaven betreffende het begrotingsjaar 2003 (C6-0017/2005), gezien het verslag van de Rekenkamer over het begrotingsjaar 2003 en de antwoorden van de instellingen [2], gelet op de betrouwbaarheidsverklaring met betrekking tot de juistheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen, die door de Rekenkamer is verstrekt overeenkomstig artikel 248 van het EG-Verdrag [3], gelet op artikel 272, lid 10, en de artikelen 275 en 276 van het EG-Verdrag, gelet op Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen [4], inzonderheid op artikel 50, artikel 86, lid 4, en de artikelen 145, 146 en 147, gelet op het Financieel Reglement van 21 december 1977 van toepassing op de algemene begroting der Europese Gemeenschappen [5], gelet op artikel 71 en bijlage V van zijn Reglement, gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A6-0066/2005), Jaarverslag van de Rekenkamer 1. Stelt vast dat het Hof van Justitie een begroting beheerde van 150599614 EUR, waarvan op 31 december 2003 99,34 % (149598960,09 EUR) was vastgelegd en 93,32 % (146842346,23 EUR) betaald; 2. Is tevreden dat de Rekenkamer de controleomgeving van alle instellingen voor het eerst afzonderlijk heeft geëvalueerd en de opmerkingen over de verschillende instellingen apart heeft gepubliceerd; 3. Stelt vast dat aan een aantal van de belangrijkste vereisten van het Financieel Reglement (minimumnormen voor controle, handvesten voor de financiële actoren, reikwijdte van de opdracht van de intern controleur) in 2003 niet volledig is voldaan; 4. Erkent in deze samenhang dat het Hof van Justitie niettemin in januari 2003 zijn nieuwe interne financiële regels goedkeurde en verkoos gedetailleerde bepalingen en handvesten op te stellen, zodra enige ervaring met de werking van het nieuwe systeem zou zijn opgedaan; stelt vast dat de door de Rekenkamer vereiste documenten werden goedgekeurd in maart 2004; 5. Is bezorgd door de verklaring van het Hof van Justitie dat de instelling voor de uitvoering van de nieuwe bepalingen maar beschikte over een uiterst beperkt aantal mensen met een grondige kennis van financiële stelsels en achtergronden; 6. Is ook bezorgd doordat de interne controleur zijn werkprogramma in 2003 niet kon uitvoeren door een gebrek aan personeel; is tevreden met de bereidheid van het Hof van Justitie om een exemplaar van het werkprogramma van de interne controleur voor 2004 toe te zenden; verzoekt het Hof van Justitie dit probleem van personeelstekort onverwijld en binnen de perken van de toegekende begrotingsmiddelen op te lossen; acht interne controlecapaciteit een natuurlijk en verplicht onderdeel van een gezonde administratie; 7. Stelt vast dat de verificatie- en controlefunctie in het Hof van Justitie als gevolg van de opmerkingen van de Rekenkamer zijn gescheiden; 8. Stelt vast dat het Hof van Justitie sitelicenties voor het gebruik van software aankocht via de verkorte procedure, zonder voorafgaande publicatie van een mededeling, zodat het Hof geldende wetsbepalingen schond; neemt er nota van dat het Hof zijn misstap toegeeft; Follow-up van de kwijtingsprocedure 2002 9. Blijft gealarmeerd over de toenemende achterstand van zaken in 2003, hoewel vroege indicatieve cijfers voor 2004 een lichte verbetering voor het Hof van Justitie tonen [6]: Hof van Justitie | 2000 | 2001 | 2002 | 2003 | 2004 | Afgehandelde zaken | 526 | 434 | 513 | 494 | 665 | Nieuwe zaken | 503 | 504 | 477 | 561 | 531 | Lopende zaken | 873 | 943 | 907 | 974 | 840; | stelt vast dat het vooral ging om de volgende terreinen: milieu en consumenten, landbouw, harmonisatie van regelgeving, sociaal beleid en belastingen, en dat de behandeling van een zaak gemiddeld twee jaar duurde; Gerecht van eerste aanleg | 2000 | 2001 | 2002 | 2003 | 2004 | Afgehandelde zaken | 344 | 340 | 331 | 339 | 361 | Nieuwe zaken | 398 | 345 | 411 | 466 | 536 | Lopende zaken | 786 | 792 | 872 | 999 | 1174; | stelt vast dat het vooral ging om de volgende terreinen: verzoeken om annulatie, personeelszaken en intellectuele eigendom en dat de behandeling van een zaak gemiddeld anderhalf jaar duurde; is tevreden met de volgende verbeteringen: - kleinere kamers voor uitspraken, - minder conclusies van de advocaten-generaal, - oprichting van een Gerecht voor ambtenarenzaken (26 % van de zaken bij het Gerecht van eerste aanleg), - vereenvoudiging van de verslagen voor de hoorzitting die worden opgesteld door de rechters-rapporteurs; verwacht dat het Hof van Justitie prestatiedoelstellingen bepaalt en actieplannen opstelt om deze te halen, opdat in de komende jaren de tijd die nodig is om hangende zaken af te handelen, wordt beperkt; 10. Zal hiervan een van de centrale punten van de kwijtingsprocedure 2004 maken; 11. Is tevreden met de maatregelen die het Hof van Justitie heeft genomen met betrekking tot het gebruik van dienstwagens door leden, uiteengezet in zijn administratief besluit van 31 maart 2004; erkent dat de nieuwe bepalingen transparant zijn en een verbetering van de situatie inhouden; stelt vast dat het Hof, om de administratieve last te verlichten, ook de kosten van 15000 km op zich neemt, bovenop de verplaatsingen die zijn toegestaan via een dienstreisopdracht, en dat in het bestuurderslogboek wordt genoteerd dat de wagen voor beroepsdoeleinden is gebruikt; 12. Stelt vast dat in artikel 6 van het hierboven genoemde besluit wordt bepaald dat als een lid een dienstwagen gebruikt voor andere verplaatsingen dan degene die worden bedoeld in artikel 5 (namelijk verplaatsingen op basis van een dienstreisopdracht in het kader van de uitoefening van de functie of forfaitair 15000 km per jaar), de hieruit voortvloeiende kosten (wegentol, brandstof en eventuele extra huurkosten als gevolg van de overschrijding van het in het kadercontract vastgestelde totaal van 45000 km per jaar) ten laste komen van het lid; beschouwt het privé-gebruik van een dienstwagen als een verborgen voordeel in natura, hetgeen het ongepast acht; Jaarlijks activiteitenverslag van de ordonnateur en jaarverslag van de interne controleur 13. Neemt nota van het antwoord van de griffier van het Hof van Justitie dat hij het verslag overeenkomstig artikel 86, lid 4, en het verslag van de interne controleur niet kan toezenden, doordat geen internecontroleverslag af is [7]; zal daarom aan deze twee documenten bijzondere aandacht besteden in het kader van de kwijtingsprocedure 2004; 14. Stelt vast dat het jaarlijkse activiteitenverslag 2003 van de ordonnateur pas in juli 2004 werd toegezonden en geen betrouwbaarheidsverklaring bevat; is van mening dat het jaarlijkse activiteitenverslag klaar moet zijn voor de controle door de Rekenkamer en een ondertekende betrouwbaarheidsverklaring moet bevatten als visuele bevestiging van de financiële aansprakelijkheid; Andere opmerkingen 15. Feliciteert het Hof van Justitie met het uitgebreide voorbereidende werk dat in 2003 is verricht met het oog op de uitbreiding, dat blijkt uit het verslag van de werkgroep; zal de genomen maatregelen beoordelen in zijn kwijtingsverslag over 2004; 16. Verzoekt het Hof van Justitie de gevolgen van het nieuwe Financieel Reglement voor zijn administratieve en gerechtelijke werk tijdig te beoordelen voor de herziening in 2005/2006 en deze aan het Europees Parlement bekend te maken, opdat ze dit kan bespreken; 17. Neemt er nota van dat het Hof van Justitie er tijdens de bespreking van 19 januari 2005 akkoord mee is gegaan tijdig schriftelijk antwoord te geven op een aantal bijkomende vragen, opdat met deze antwoorden rekening kan worden gehouden in de kwijtingsprocedure voor 2003. [1] PB L 54 van 28.2.2003, blz. 1. [2] PB C 293 van 30.11.2004, blz. 1. [3] PB C 294 van 30.11.2004, blz. 99. [4] PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1. [5] PB L 356 van 31.12.1977, blz. 1. [6] De cijfers komen uit het jaarrapport over 2003; de cijfers voor 2004 zijn voorlopige cijfers van de Administratie van het Hof van Justitie. [7] Antwoord op vraag 3. --------------------------------------------------