Partijen
Dictum

Partijen

in zaak 88/88,

betreffende een verzoek aan het Hof krachtens artikel 177 EEG-Verdrag van het Bundesverwaltungsgericht, in het aldaar aanhangig geding tussen

REWE - Handelsgesellschaft Nord mbH

en

UEberwachungsstelle fuer Milcherzeugnisse und Handelsklassen,

om een prejudiciƫle beslissing over de uitlegging van artikel 3, lid 2, tweede alinea, tweede streepje, van verordening nr . 2967/76 van de Raad van 23 november 1976 houdende vaststelling van gemeenschappelijke normen betreffende het watergehalte van bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens ( PB 1976, L 339, blz . 1 ).

HET HOF VAN JUSTITIE ( Tweede kamer ),

samengesteld als volgt : T . F . O' Higgins, kamerpresident, G . F . Mancini en F . A . Schockweiler, rechters,

( rechtsoverwegingen niet opgenomen )

uitspraak doende op de door het Bundesverwaltungsgericht bij beschikking van 10 december 1987 gestelde vraag, verklaart voor recht :

Dictum

Artikel 3, lid 2, tweede alinea, tweede streepje, van verordening nr . 2967/76 verzet zich niet tegen een nationale regeling volgens welke het in de handel brengen van een partij waaruit een monster is getrokken, tot aan het einde van de controleprocedure verboden is . De opschorting van de verhandeling mag evenwel niet langer duren dan voor een doeltreffende inspectie nodig is .