ISSN 1831-5380
Siteplan | Juridische mededeling | Cookies | Veel voorkomende vragen | Contact | Pagina afdrukken

3.3.2. Toevoegingen en nummering

Wanneer artikelen, leden of andere onderverdelingen die worden aangeduid met een cijfer of een letter, worden ingevoegd in het dispositief van een reeds vastgestelde handeling, krijgen zij het nummer of de letter van de voorafgaande onderverdeling van hetzelfde niveau, gevolgd door de woorden bis, ter, quater enz. (voor de Latijnse nummering, zie de lijst in bijlage B1). Zo worden de na artikel 1 ingevoegde artikelen aangeduid als “artikel 1 bis”, “artikel 1 ter” enz.

In de volgende gevallen zijn bijzondere regels van toepassing:

in het uitzonderlijke geval waarin met een cijfer of letter aangeduide artikelen, leden of andere onderverdelingen worden ingevoegd vóór een onderverdeling van hetzelfde niveau die op de eerste plaats komt, worden zij aangeduid als “artikel –1”, “lid –1”, “lid –1 bis”, “punt –a”, “punt –a bis” enz.,
bij complexere invoegingen die aan een eerder ingevoegde bepaling met Latijnse nummering voorafgaan, kan ook het minteken (Alt 0150) worden gebruikt, bijvoorbeeld de invoeging van “artikel 1 –bis” tussen artikel 1 en artikel 1 bis

Wanneer met een cijfer of letter aangeduide artikelen, leden of andere onderverdelingen worden ingevoegd, is het raadzaam de daaropvolgende met een cijfer of letter aangeduide artikelen, leden of andere onderverdelingen niet te hernummeren; in andere handelingen kunnen immers reeds verwijzingen naar deze bepalingen voorkomen. Alleen bij een codificatie of een herschikking wordt er hernummerd.

(Bron: Gemeenschappelijk handboek, punt C.9.3.2.)

Laatste bijwerking: 1.7.2019
Bovenkant pagina
Vorige paginaVolgende pagina