10.4. Afkortingen en letterwoorden
De algemene regels voor het gebruik en de schrijfwijze van afkortingen en letterwoorden zijn te vinden in onder meer de Woordenlijst Nederlandse Taal. Het gebruik van hoofdletters in afkortingen en letterwoorden is toegelicht in hoofdstuk 10.2.9 van deze schrijfwijzer.
10.4.1 Afkortingen
Over het algemeen gaan we spaarzaam om met tekstverkortende afkortingen. Daarbij beperken we ons tot afkortingen die in het Nederlands regelmatig worden gebruikt en door de lezer vlot worden herkend. In toelichtingen tussen haakjes, tabellen en voetnoten kan wat ruimhartiger worden omgegaan met tekstverkortende afkortingen dan in lopende tekst:
Zie bijlage A3 voor een overzicht van veel voorkomende afkortingen, eenheden en symbolen ter illustratie en nadere toelichting van bovenstaande regels.
10.4.2 Initiaal- en letterwoorden
Initiaal- en letterwoorden schrijven we zonder punten en bij het eerste gebruik in de tekst voluit, met de afkorting tussen haakjes. In de vervolgtekst wordt desgewenst alleen de afkorting gebruikt:
Economische Commissie voor Latijns-Amerika (ECLA)
Bij initialen van niet-Nederlandse benamingen kan de oorspronkelijke naam ter verduidelijking één keer voluit, mét de afkorting, tussen haakjes worden geschreven:
Organisatie van de Verenigde Naties voor Hulpverlening aan Palestijnse Vluchtelingen (UNRWA, United Nations Relief and Works Agency for Palestine Refugees in the Near East)
Zie bijlage A4 voor een overzicht van veel voorkomende letterwoorden.



